Laatste nieuws

Allard Ferwerda over zijn Classic & Sports Car Fund

Alle reportages / 15 september 2017

Twaalf vragen aan Allard Ferwerda (49), de oprichter van het Passion Investors Classic & Sports Car Fund.

Hoe ben je op het idee gekomen een fonds op te richten dat belegt in auto’s?
“Het is begonnen met een droom, gedrevenheid en passie. Ik volg de markt van de naoorlogse sportwagens al geruime tijd en zag dat vanaf 2008 de waarden van zeldzame klassiekers enorm aan het stijgen waren. Als je 60 jaar terugkijkt, zie je dat er met uitzondering van een flinke dip in de jaren ‘90 altijd een meer of minder stijgende lijn is geweest. Die waardestijging heb ik ook teruggezien in mijn eigen collectie. Omdat ik in de financiële wereld werkte en de beleggingsproducten steeds meer op elkaar begonnen te lijken – en dus niet meer onderscheidend waren – vond ik het tijd worden om mijn passie te volgen en mijn hobby te combineren met mijn kennis van de financiële wereld. Het moest echter wel een tastbaar beleggingsproduct worden, dat ook een bepaalde levensstijl en exclusiviteit vertegenwoordigt. Toen is Passion Investors geboren”.

Wat is je achtergrond?
“Na mijn HEAO heb ik 26 jaar in de financiële wereld gewerkt, vooral in  internationale senior management functies. Het ging daarbij vaak om het managen van complexe projecten, het opzetten van nieuwe teams en/of het structureren van deals en ontwikkelen van nieuwe beleggingsfondsen. Tussendoor heb ik nog een MBA bij een Engelse Universiteit gedaan.”

Heeft dit beleggingsfonds een minimum kapitaal nodig alvorens te starten ?
“Om de juiste ‘collectible’ auto’s te kunnen kopen heeft het fonds inderdaad een bepaalde schaalgrootte nodig en werkt daarom met een minimaal gecommitteerd kapitaal.”

Wat is het karakter van dit fonds?
“Om de exclusiviteit te waarborgen, wordt het een zogenaamd gesloten fonds. Je wordt dus lid van een club met gelijkgestemden. Later toetreden is niet meer mogelijk. Zie het maar als een besloten, exclusieve (business)-club. Je kunt vanaf € 100.000 deelnemen.”

Hoe ga je bepalen welke auto’s het juiste beleggingsperspectief bieden?
“Ik ga niet over een nacht ijs en heb een Advisory Committee en een Expert Committee samengesteld met daarin mensen met een uitmuntende kennis, een dito netwerk en een goed track record op het gebied van financiën, ondernemerschap en de (klassieke) automarkt plus de waardering daarvan. Het comité van experts is nauw betrokken bij alle aan- en verkopen van de auto’s. Om hen van de juiste informatie te voorzien werk ik daarnaast samen met een aantal externe (technische) experts en adviseurs die veel ervaring hebben op het gebied van restauraties en internationale aan- en verkooptransacties. In het Advisory Committee hebben we ook een zwaargewicht uit de financiële wereld opgenomen. Er is bovendien een samenwerkingsverband met TIIN Capital dat niet alleen in het Advisory Committee zit, maar ook de fondsadministratie gaat verzorgen.”

Waar komt je passie voor sportwagens vandaan?
“Dat gaat terug naar mijn vroege jeugd.  Als jongetje reed ik met mijn vader altijd langs de showroom van Porsche Wittebrug in de Fahrenheitstraat in Den Haag en zag dan alle (toen nieuwe) 911 F-types in alle kleuren van de regenboog staan. Toen is de vonk overgesprongen. Alhoewel ik een brede, vooral Europees georiënteerde smaak heb, moet ik bekennen een zwak voor de auto’s uit Stuttgart/Zuffenhausen te hebben. Sommige Europese sportwagens zijn net rijdende kunstwerken en daarvan ben ik zeker gecharmeerd. Daarnaast houd ik van de levensstijl die bij de wereld van de klassiekers hoort, ontmoet ik graag gelijkgestemden en geniet ik enorm van het rijden en het vrije gevoel dat daarbij hoort.”

Wat voor auto’s denk je met het fonds te gaan aanschaffen?
“De markt is momenteel erg aan verandering onderhevig. Naast een daling bij de volumemodellen zie je al geruime tijd een toename van de vraag naar youngtimers en nieuwe, gelimiteerde oplages. Een logisch gevolg van onder meer het zogenaamde generatie-effect en feit dat diverse klassiekers uit vooral de jaren ‘50 en ‘60 duur in aanschaf zijn geworden, te duur zelfs voor velen van ons. De portefeuille van het fonds zal dus een goede spreiding gaan krijgen wat betreft de merken, de aantallen – in verband met de vaste kosten – en de verhouding tussen naoorlogse zeldzame klassiekers, youngtimers en nieuwe, gelimiteerde oplagen van zeldzame sportwagens. Allemaal uiteraard met de potentie om verder in waarde te stijgen.”

Hoe lang blijven de auto’s in het fonds?
“De collectie wordt de eerste jaren opgebouwd en wordt daarna, zoals gebruikelijk in private equity, geleidelijk afgebouwd hetgeen uiteraard afhankelijk is van de ontwikkelingen op de markt.”

Er moet af en toe met die auto’s gereden worden, dan blijven ze in goede conditie. Laat je dat aan de beleggers over?
“Het is eigenlijk net als bij een wijnfonds, daar ga je de flessen ook niet ontkurken. Als we er mee zouden gaan rijden dan worden dit soort collectible auto’s in het algemeen helaas minder waard – of het moet bijvoorbeeld om een Mille Miglia auto gaan, waarbij deelname een toevoeging kan zijn. We gaan er uiteraard wel voor zorgen dat de auto’s op de stallinglocatie door de deskundigen goed geconserveerd blijven en geregeld zullen worden ‘bewogen’, stilstand is immers achteruitgang.”

Als de deelnemers aan het fonds niet rijden, hoe ga je het dan leuk voor hen maken?
“Naast het streven naar een mooi rendement staat, in tegenstelling tot traditionele beleggingsfondsen, de beleving centraal. Zo gaan we geregeld exclusieve evenementen organiseren voor onze beleggers. Ik denk dan aan evenementen die niet voor de hand liggen, soms met belangrijke gasten uit de autowereld, mensen die je niet zo maar de hand drukt. Je moet het fonds zien als een exclusieve (business)-club waarbij auto’s, luxe en lifestyle centraal staan. Tevens zullen de beleggers de collectie geregeld kunnen bezoeken. Je kunt dan bijvoorbeeld denken aan een businesstafel op de stallinglocatie, die door de beleggers geboekt kan worden om tussen de auto’s te werken of mensen te ontvangen. We zullen daar ook onze cijfers presenteren en wellicht kunnen we er onderling een cars & coffee doen.”

Hoe ziet jouw ‘classic’ top 5  er uit?
“Als ik een onbeperkt budget had, zou ik privé, dus zonder potentiële waardestijging als oogmerk, allereerst voor een Ferrari 250 SWB Berlinetta Competizione kiezen, in mijn ogen de  mooiste en meest stijlvolle racer waarmee je naar het circuit kunt rijden en vervolgens naar huis. De Mercedes 300 SLR Uhlenhaut hoort er ook bij, dat is voor mij rijdende kunst. Het is DE auto waarin James Bond eigenlijk had willen rijden maar de ventilatie liet te wensen over. Derde op mijn lijst zou de Lamborghini Miura S zijn. Wat een schitterend ontwerp van Gandini is dat en de S gelukkig nog met de wimpers. Daarna horen achtereenvolgens de Ferrari 275 GTB en de 356 Speedster erin. Die Ferrari moet dan wel een aluminium long nose zijn met zes carburateurs. Het lijnenspel vind ik waanzinnig. De Porsche 356 zit in mijn top 5 omdat het zo’n schoonheid is, juist door zijn eenvoud. Zoals je ziet heb ik een zwak voor Europese sportwagens uit de jaren ‘50 en ‘60, qua design en techniek is dat voor mij de gouden eeuw. Als dagelijkse bruikbaarheid de hoogste prioriteit heeft, ben ik al snel geneigd voor een Porsche 911 te gaan, een luchtgekoelde.”

Sta jij open voor samenwerkingsverbanden in brede zin, bijvoorbeeld met een andere vermogensbeheerder, ‘venture capitalist’ of een luxury brand?
“In het geval van dit type fonds kan ‘bigger’ wel ‘better’ zijn omdat er dan mogelijkheid is om exclusievere stukken te kopen. Daarnaast kun je met grotere tickets gaan werken. Dat trekt weer een ander type investeerders aan. In Amerika is nu een classic car fund in de maak waarvoor men minimaal $ 125 miljoen wil ophalen. Ik heb daarmee geregeld contact. Onder andere de coureur Derek Bell heeft zich hieraan verbonden. Terugkomend op de vraag is het belangrijkste van een samenwerking dat er een klik, respect voor elkaar en toegevoegde waarde voor de lange termijn moeten zijn.”

// passioninvestors.com


Print Friendly, PDF & Email




redactie Octane
Octane is een licentie van de gelijknamige Britse titel, maar streeft naar zo veel mogelijk eigen inhoud, met Nederlandse en Belgische liefhebbers en hun auto’s in de hoofdrol. Van de redactie maken deel uit Wil van Lierop (eindredactie), Carl de Vaal (art-director) en Ton Roks (hoofdredacteur).




Vorig bericht

IJssellandrally: na regen kwam zonneschijn

Volgend bericht

Veertig jaar in 'n garage....




Uitgelicht

IJssellandrally: na regen kwam zonneschijn

Hij begon wat druilerig, de IJssellandrally 2017. Maar aan de finish brak de zon door, of toch in ieder geval op de gezichten...

14 September 2017

Webdevelopment