Laatste nieuws

De betere MG B’s

Alle reportages / 8 januari 2016

Hij heeft een zwak voor Engelse auto’s en heeft meerdere prijzen gewonnen met zijn schitterende MG B’s. Specialist Volkert Wels vertelt wat de geheimen zijn van een goede B.

MG B Volkert Wels (9)

“Mensen denken dat Engelse auto’s het sowieso nooit helemaal goed kunnen doen of perfect kunnen zijn. Ze geloven dat het er simpelweg bij hoort dat er altijd wat aan mankeert. Maar dat is helemaal niet zo, Engelse auto’s kunnen prima rijden – en zonder problemen, jarenlang. Als je ze maar goed restaureert. Je moet helemaal van voren af aan beginnen en weten wat je doet”.

Volkert Wels heeft het volste vertrouwen in de Britse automobiel, vooral de betaalbare. “Ik geloof graag dat Rolls-Royce’s en Bentley’s ook heel goed zijn, maar daar ben ik niet zo van, geef mij maar MG’s en Jaguar’s, de auto’s die geen vermogen kostten toen ze nieuw waren. Alhoewel ik ook geregeld Aston Martin’s doe, en soms ook niet-Engelse auto’s”, vertelt hij.

MG B Volkert Wels (6)

Hij heeft drie MG B’s voor Octane klaar staan bij zijn werkplaats in Huizen, auto’s die hij representatief vindt voor zijn werk: een gele V8 Roadster en twee viercilinders, een rode Roadster en een donkergroene GT. De V8 is een ‘special’ die hij heeft gebouwd voor Ed, een goede klant die iets bijzonders wilde. Een brute machine, die enigszins is geïnspireerd op de MG C GTS Sebring racers, die door het Abingdon Works raceteam gebouwd waren voor de Targa Florio, de Marathon de la Route en de Sebring 12 Hours. Dat zijn heden ten dage de felst begeerde competitie MG’s.

MG B Volkert Wels (13)

De auto die Volkert Wels als basis heeft genomen voor de vervaarlijk uitziende gele Roadster was een rubber bumper viercilinder van 1976. “Daar past de V8 gemakkelijker in dan in een oudere B, dat komt door de veranderde positie van het schutbord”, legt hij uit. Om de auto zo te maken als hij is, heeft Wels behoorlijk wat carrosseriewerk moeten verrichten, niet alleen om de onooglijke rubberen bumpers te verwijderen, maar ook om de uitgebouwde spatschermen van de beroemde Sebring te monteren.

MG B Volkert Wels (16)

De V8 die nu onder de kap ligt, is dezelfde 3,5-liter lichtmetalen V8 die MG ook gebruikte voor zijn GT’s, deze is echter uit een Rover SD1 Vitesse gehaald, inclusief de vijfversnellingsbak. Hij wordt gevoed door een grote Holley carburateur en is daarmee goed voor 170 pk aan de krukas en een koppel van 300 Nm. Hij staat een tikje hoog op zijn wielen, maar dat is omdat eigenaar Ed geregeld de verkeersdrempels van Almere moet overwinnen. De motorkap, met imponerende power bulge, komt overigens van een MG RV8. Snelheid zit er meer dan genoeg in de V8, reden waarom Volkert Wels hem van geventileerde remschijven heeft voorzien en de remklauwen (met vier zuigers) van de Austin Princess. De V8 klinkt geweldig en het acceleratievermogen is mede dankzij het lage gewicht meer dan voldoende om moderne GT’s en sportwagens het nakijken te geven.

MG B Volkert Wels (25)

Wels heeft het een heel leuk project gevonden om deze MG B V8 Roadster te bouwen, maar persoonlijk geeft hij het meeste om originaliteit – overigens wel met een persoonlijke draai. “Met zo’n V8 rijdt een B natuurlijk geweldig, maar vergeet niet dat een B met een viercilinder ook erg goed kan rijden. Je hebt daarvoor niet eens exotische onderdelen nodig – als je een auto goed opbouwt, kun je heel erg ver komen met de onderdelen die MG zelf vroeger leverde en die nu nog gemaakt worden. Als je het goed aanpakt, kun je een auto bouwen die er heel mooie en origineel uitziet, maar die intussen verrassend goed rijdt – als een moderne auto bijna”, legt Wels uit.

MG B Volkert Wels (46)

Meerdere malen benadrukt hij het ‘van voor af aan beginnen’. Waarom? “Ik krijg weleens mensen bij me van wie de B niet goed rijdt – de motor loopt beroerd. Of ik het wil oplossen – ze komen er zelf niet meer uit. Ze vertellen me dan dat ik niet meer naar de ontsteking, de kleppen en de carburateurs hoef te kijken, dat hebben ze zelf al gedaan. Dan zeg ik dat ik toch alles opnieuw ga doen, ook de ontsteking, de kleppen en de carburateurs. Dat willen ze dan niet, want zij hebben het immers al gedaan, maar ik doe het toch, want ik wil niet verder gaan met zo’n auto als ik niet 100% zeker weet dat de basis goed is. Dan stel ik alles heel zorgvuldig opnieuw af, daar ben ik wel een uur of zes me bezig, en hupsakee, die motor loopt zoals hij nog nooit gelopen heeft. Niks meer aan de hand. Engelse auto’s kunnen uitstekend rijden en hoeven heel lang geen problemen te geven, als je het van meet af aan maar goed aanpakt”, aldus Wels, die niet alleen technisch maar ook cosmetisch een man van de details is. De twee door hem gebouwde ‘standaard’ B’s zien er schitterend uit. Met de donkergroene GT heeft hij driemaal zijn klasse gewonnen op MG Live op Silverstone, in 2009, 2010 en 2012. “Ik heb af en toe maar een jaar overgeslagen, want sommige andere deelnemers gingen weg als ze mij het terrein op zagen komen rijden. Dat was natuurlijk ook weer niet de bedoeling”, lacht Wels.

MG B Volkert Wels (49)

De rode MG met hardtop is een zogenaamde ‘lepeldeur’ van 1965, een vroege B met scharnierende deurklinken waaraan je moet trekken om het portier te ontgrendelen – latere versies hebben een ‘vaste’ klink met drukknop. De donkergroene GT is van 1968 en deze MG is al meer dan dertig jaar eigendom van Wels, die de auto als persoonlijke tintje een rode grille heeft gegeven. “Ik ben fan van BRM, vandaar”, legt hij uit.

MG B Volkert Wels (44)

Beide B’s hebben een motor met de maximale overmaat, het slagvolume meet nu 1860 cm3, tegen 1798 origineel. Het lijkt een klein verschil, maar het is goed voelbaar. Ze draaien allebei op een setje dubbele SU’s HS6, maat 1 ¾. Webers beveelt Wels niet aan. “Die zijn voor hoogtoerige motoren. De viercilinder van de B is een koppelmotor, daar past een SU veel beter bij. Webers doen beneden niks en bovenin geven ze alles, uiteindelijk sloop je daar je motor mee. SU’s zijn veel fijner en beter voor je motor. Ik heb de ademhaling van mijn GT extra verbeterd met een spaghetti-spruitstuk en een uitlaatsysteem met een grotere diameter, en dat scheelt echt een stuk. Zo’n motor wordt dan over de hele linie een stuk gretiger – en daar blijft hij langer gezond bij.”

MG B Volkert Wels (65)

Volkert Wels – nu 48 – heeft de groene GT al sinds zijn zeventiende. ‘Het is mijn schatje van vroeger. Ik zag een keer een GT langs de weg staan, en toen wist ik het meteen, zo’n auto wil ik. Als jonge jongen heb ik hem gekocht en thuis in de garage van mijn ouders gerestaureerd, maar later heb ik het helemaal opnieuw gedaan, toen ik veel beter wist hoe je dat moet doen.”

Zo veel als maar mogelijk was, heeft hij er originele accessoires opgebouwd zoals de front airdam, de extra Lucas lampen, de kuipstoeltjes en het stuurwiel. De MiniLites met centrale moer zijn replica’s. “Origineel staan B’s op 14-inch wielen, maar ik geeft de voorkeur aan 15-inch. Groter moet je niet gaan, 15-inch ziet er nog steeds origineel uit en er is een veel groter assortiment banden voor beschikbaar, met lagere wangen waardoor de B meteen stuk strakker stuurt.”

MG B Volkert Wels (43)

Bij beide auto’s heeft hij schijven met waterafvoergaatjes en groeven gemonteerd, maar niet met de populaire EBC remblokken. “Die piepen mij te veel, ik geef de voorkeur aan ouderwetse Ferodo’s. Die geven wel veel stof af, maar ze remmen fantastisch.”

MG B Volkert Wels (38)

Om een B er goed uit te laten zien, is de stand van de auto heel belangrijk. Volkert Wels: “Daar kan ik heel lang mee bezig zijn. De auto moet precies recht staat, dan is hij op zijn mooist. Die strip die van voor naar achter over de flanken loopt, moet waterpas zijn. Dan is het pas goed. Ik zie veel te veel B’s die van achteren te hoog of te laag staan.”

MG B Volkert Wels (57)

Tijd om een ritje te maken in de donkergroene GT. Het is meteen een vertrouwd gevoel na zelf drie jaar lang in een zescilinder C te hebben gereden. De motor van een B klinkt heel anders dan een viercilinder dubbelnokker van een Alfa Romeo, de Britten zouden hem agricultural noemen, maar hij heeft een eigen charme, hij is energiek en het geluid is kernachtig en diep, een werkpaard dat graag aan de slag gaat. Er is onmiddellijke trekkracht en de motor trekt over het grootste deel van het toerenbereik goed. Ver doortrekken heeft geen zin, want de bak is goed gespatieerd, als je opschakelt tussen pakweg 3000 en 4000 zit je meteen in het toerengebied waar de viercilinder zijn biceps volledig op spanning heeft staan.

MG B Volkert Wels (45)

Wat heeft Wels precies aan de motor gedaan? “Ik heb hem natuurlijk van begin af aan helemaal opnieuw opgebouwd, met om te beginnen een andere nokkenas. Ik vind een road-rally exemplaar van Piper het fijnst. Dan heb je lekker veel koppel onderin – bochtjes die een ander in II moet doen, kun je soms zelfs in III rijden. Voor een wegauto is dat nu eenmaal het plezierigst.”

Ten aanzien van de carburateurs houdt de Huizense specialist, wiens bedrijf enigszins verwarrend G&S heet, het dikwijls bij de standaard 1,5-inch SU’s. “Maar ik experimenteer wel wat met de naaldbezetting en de luchtfilters. Het hangt er ook een beetje van af wat de klant wil, het standaard luchtfilterhuis of open filters. Naar de rollenbank? Nee, dat doe ik nooit. Ik vind het vermogen niet zo interessant – het gaat er uiteindelijk om hoe de auto rijdt. Dat vind ik veel belangrijker.”

MG B Volkert Wels (40)

Het schakelen is een genoegen, de pook laat zich puntig en precies door het rooster bewegen, als een geweervergrendeling, en de bakverhoudingen sluiten mooi op elkaar aan. Wels heeft voor de standaard transmissie gekozen. “Vaak wordt een vijfbak van Ford gemonteerd en daar is niks op aan te merken. Het rijdt fantastisch, maar dat doet de standaard bak ook, zeker als je er een met overdrive hebt. Wat mensen vaak verkeerd doen, is dat ze er versnellingsbakolie in gieten. Dat mag niet bij een MG B, er moet gewone 20W-50 motorolie in. Dat is bij meer Engelse auto’s zo. Versnellingsbakolie is te dik, die vloeit onvoldoende door de gaatjes in de assen van de bak, daardoor worden de naaldlagers dan niet goed gesmeerd en is het afgelopen met het fijne schakelen”.

Hoewel ik een liefhebber van de C ben, moet ik al na enkele kilometers in de GT van Wels toegeven dat een B op binnenwegen een stuk beter stuurt. Dat komt mede door het veel lagere gewicht in de neus, maar ook door de motor, die het lagere koppel uitstekend compenseert met de gretige wijze waarop hij aan het gas hangt.

MG B Volkert Wels (63)

We komen een paar mooie S-bochten tegen en daar laat de GT zich heel behendig door heen sturen, met een snelle en zelfverzekerde transitie van links naar rechts, waarbij hij mooi vlak blijft liggen en op geen enkele wijze de indruk geeft dat we ook maar in de buurt komen van de grenzen. Dat is ondermeer te danken aan de dikkere stabilisatorstang die Volkert Wels vóór monteert. “Dat combineer ik met lagerbussen die voor de ophanging van de MG B V8 bedoeld zijn, die zijn precies goed. Harder dan dat moet je niet gaan, want de bussen in de ophanging moeten een bepaald absorptievermogen hebben en dat moet je intact laten, anders gaat de zaak erom heen kapot. Aan de starre achteras doe ik niets, ik monteer alleen paarse polyflex bussen, die zijn precies goed, dan heb je een goed sturende, maar soepele auto. Sommige mensen monteren de oranje versies, maar die vind ik veel te hard, die maken veel kapot en het ziet er bovendien niet uit.”

MG B Volkert Wels (27)

Als ik uit Wels’ gekoesterde GT stap, is dat met het herbevestigde gevoel dat een goede B een heel fijne sportwagen is, die qua rijplezier moeiteloos met een MX-5 of Z4 kan wedijveren en die bovendien buitengewoon betaalbaar is. Bovendien zijn alle onderdelen nog volledig verkrijgbaar. Wels schat dat hij – als je al een basis B hebt – voor rond de 30.000 euro een compleet gerestaureerde B kan bouwen, die zet zo perfect is als zijn eigen GT.

De rode B heeft Wels geruime tijd geleden al verkocht, de GT heeft hij – na hem meer dan dertig jaar in bezit te hebben gehad – overgedaan aan de Houtkamp Collection, bij welke hij wellicht nu nog in de showroom staat.

MG B Volkert Wels (53)

Volkert Wels is toe aan nieuw project, waarvoor hij de lat nog hoger legt. De B’s die hij tot nu toe heeft laten zien, zijn dusdanig mooi en goed dat we uiteraard zeer geïnteresseerd zijn wat dat dan wel voor B moet gaan worden. “Ik neem een lepeldeur van 1965 als uitgangspunt, die heb ik in onderdelen klaar staan. Het wordt een heel speciale met een knipoog naar Aston Martin. De auto zelf wordt California Sage Green, en de hardtop wordt Silver Birch, allebei lakkleuren van Aston Martin”, vertelt hij, al peinzend voor zich uitkijkend, alsof hij de auto al helemaal voor zich ziet. “Er komt een dikke twee liter motor in, net zoals MG vroeger voor de 24 Uren van Le Mans heeft gebruikt. De krukas is vijfmaal gelagerd, in tegenstelling tot de standaard motor die maar driemaal gelagerd is. Ik laat Ivor Searl, een Britse specialist, zo’n motor voor me bouwen. Er komen 2-inch SU’s op en een dikke uitlaat, zie dat als nog een knipoog van mij, maar dan naar Le Mans. Ik houd het verder op de normale vierbak met overdrive, maar monteer rondom compleet nieuwe wielophangingen van Hoyle. Dan wordt hij ook achter helemaal onafhankelijk en maken de Armstrong schokdempers plaats voor coil over schroef/dempercombinaties”, aldus Wels, die zich al zichtbaar verheugt op zijn nog te bouwen nieuwe B.

MG B Volkert Wels (3)

Om zijn nieuwe super-B helemaal af te maken, gaat hij deze voorzien van een nieuw differentieel met een veel langere eindoverbrenging en natuurlijk een sper. Op de lijst staan ook een aluminium tank en kofferdeksel en wielen van Turrino. “Dat bedrijf maakt wielen met geanodiseerde aluminium velgen, met daarin verchroomde spaken. Die zijn echt prachtig, die moeten het worden”.

Het spreekt voor zich dat we Volkert Wels pas de sleutels van zijn GT hebben teruggegeven, nadat hij een plechtige belofte had gedaan: dat hij Octane belt, zodra die nieuwe B van hem rijklaar is.

TEKST Ton Roks // FOTOGRAFIE Luuk van Kaathoven

www.gsautobedrijf.nl


Print Friendly, PDF & Email




Ton Roks

Ton Roks werkte meer dan 25 jaar voor het blad Autovisie, waarvan een groot deel als hoofdredacteur. In november 2012 vervulde hij een lang gekoesterde wens, hij begon een eigen autoblad: Octane, met een hoofdrol voor de klassieke auto – en een gezonde belangstelling voor interessante nieuwe auto’s.





Vorig bericht

De gloriedagen van de Targa Florio

Volgend bericht

Oktoberfest in Californië




Uitgelicht

De gloriedagen van de Targa Florio

De ‘gedramatiseerde documentaire’ over de grote Siciliaanse road race is deels een opnieuw gefilmde herhaling en deels...

8 January 2016

Webdevelopment