Laatste nieuws

E-Pace, Jaguars nieuwe hit

Alle nieuwsberichten / Nieuwe auto's / 19 november 2017

Eerste rij-drukken met de E-Pace, de Jaguar die het gat tussen je eerste auto en je eerste Jaguar dicht gaat rijden.

Een grote fan van SUV’s ben ik niet, geef mij maar een lekker sportieve stationwagon, maar voor de E–Pace kan ik wel warm lopen. Hij hoort zonder meer thuis in het rijtje van de SUV’s die je een eerlijke dosis rijplezier bezorgen, zoals de Macan en de Stelvio.

Het is de tweede SUV in het assortiment van Jaguar – dat daarmee groter en aantrekkelijker is dan het ooit was. Je mag het gerust zien als de kleinere broer van de F-Pace, dat doen ze bij Jaguar zelf ook, intern noemde men het zelf ‘the cub’ (de welp) en die koosnaam is zo ingeburgerd geraakt dat hij is doorgedrongen tot de E-Pace’s die binnenkort in de showrooms staan. Als je goed kijkt zul je aan de basis van de voorruit een jaguar (zonder hoofdletter) zien afgebeeld, met een welpje daarachter. Het jonge roofkatje krijg je ook te zien als ‘puddle light’, als je in het donker een voorportier opent en je blik op de grond richt. Als je goed naar het patroon van het rubberen matje in de middenconsole kijkt, zul je daarin grote en kleine kattenvoetjes herkennen.

In zekere zin is de E-Pace een roofkat, 90% van de mensen die hem al hebben besteld zijn namelijk ‘conquest’, de E-Pace kaapt ze bij een ander merk weg. Het instaptarief is 48.300 euro, wat 3.320 euro meer is dan de XE, Jaguars meest betaalbare sedan. Wie echter de snelste en meest luxueuze versie begeert, zal dat bedrag snel richting 80 mille zien gaan. Het is zeker een aantrekkelijke automobiel, met een uitgesproken sportief uiterlijk, met mooie, precieze lijnen en een stoere ‘stand’. Het motief in de achterlichten wordt door Jaguar een ‘chicane’ genoemd, en dit zie je op diverse plekken terug, zowel exterieur als interieur. De neus is typisch Jaguar, met de bekende grille die we van andere modellen kennen, geflankeerd door forse koelopeningen. Hij heeft een aflopend coupé-dak en flinke uitsparingen voor de wielen, waardoor de instap achter enige flexibiliteit vraagt. Maar als je eenmaal zit, zit je prima.

De bagageruimte is met 577 liter inhoud groot genoeg om elk jong gezin tevreden te stellen. Als je de achterbank niet nodig hebt, kun je hem inklappen en heb je zelfs meer dan 1200 liter. Hij is leverbaar met allerlei maten wielen, waarvan de grootste 21-inch zijn, wat ‘the cub’ heel sexy staat, al lijken de remschijven er te klein door, wat ze zeker niet zijn. Maat 20 (inch), waarmee onze testauto’s waren uitgerust, staat al beter.

Jaguars compacte SUV deelt zijn onderhuidse techniek voor een groot deel met de Range Rover Evoque, maar dan wel met een flink aantal updates – die ook naar de Evoque zullen doorstromen, als die aan een opfrisbeurt toe is. De E-Pace heeft een stalen carrosserie maar de motorkap, de vijfde deur, de spatschermen en het dak zijn van aluminium. Er is echter minder lichtmetaal aan hem besteed dan aan de grotere F-Pace, waardoor het welpje 1775 kilo weegt en nota bene 85 kilo zwaarder is dan zijn grotere familielid. Je krijgt daardoor wel een heel solide aanvoelende auto, hij is na de F-type Coupé de stijfste die Jaguar in huis heeft.

Daar de E-Pace bedoeld is als vooral een dynamische auto, zijn de wielophangingen aanzienlijk aangepast ten opzichte van de Evoque. Achter lijkt hij veel op die van de F-Pace, voor heeft hij andere fusees, voor een grotere wielvlucht, en holle delen van gegoten aluminium, vergelijkbaar met de XE. Het voorste subframe is met hardere bussen opgehangen, wat een aanscherpend effect op de besturing heeft, die op zichzelf ook aangepast is. Uiteraard zijn vering en demping anders gekozen dan de Evoque, die als lid van de Range Rover familie verplicht is in het terrein zijn mannetje te staan en daardoor van zachtere veren is voorzien, vanwege de benodigde grotere wieluitslagen. De E-Pace mag ook fijne Pirelli P Zero’s dragen, in plaats van het all season rubber waarmee de Evoque is geschoeid.

Jaguar levert hem met alleen maar viercilinder Ingenium motoren, allemaal met 2,0-liter inhoud en dwars voorin liggend. Er is keuze uit drie configuraties voor de diesel (150 pk/380 Nm, 180 pk/430 Nm en 240 pk/500 Nm), en twee voor de benzinemotor (250pk/365 Nm en 300 pk/400 Nm). De meeste hebben een negentraps transmissie met dubbele koppeling, die je eventueel zelf kunt schakelen met flippers aan het stuurwiel. Deze doet zijn werk in de stand ‘auto’ perfect en geeft enkel bij inhaalmanoeuvres en lange hellingen aanleiding tot zelf ingrijpen. Voor de minder krachtige versies is een met de hand te schakelen zesbak een optie.

Alle E-Pace’s hebben standaard vierwielaandrijving, op de 150 pk diesel na, daarbij kun je eventueel voor alleen voorwielaandrijving kiezen. De 4WD aandrijflijn is actief, en afgestemd op de best mogelijke combinatie tussen zuinigheid en rijdynamiek, dat gecombineerd met een bepaald offroad-vermogen. Als niet veel van de E-Pace wordt gevraagd, wordt de cardanas ontkoppeld waardoor hij als voorwielaandrijver rijdt. Zodra er meer dynamiek wordt verwacht, gaat er meer aandrijfkoppel naar achteren, zodanig dat hij zich als een achterwielaandrijver gaat gedragen. Hij heeft bovendien twee afzonderlijke, natte meerplaten koppelingen in de achteras, die de trekkracht over beide wielen zodanig verdelen dat ‘the cub’ een heel speels en gretig instuurbedrag vertoont. In het uiterste geval kan 100% van het motorkoppel naar één achterwiel worden geleid.

De nieuwe Jaguar is een eersteklas verleider, hij ziet er niet alleen goed uit, hij rijdt ook nog eens erg goed. Je zit er relatief diep in, je hebt geen ‘op de bok’ gevoel zoals in sommige SUV’s, het is meer alsof je in een aangename cocon vertoeft. Het dashboard ziet er prima uit, met een groot scherm waarin je van alles kunt regelen, inclusief je favoriete afstemmingen voor ondermeer gasrespons, stuurbekrachtiging en schakelgedrag. Er zitten gelukkig ook nog wat draai- en drukknoppen in, zodat je niet het gevoel krijgt in een rijdende computer te zitten. Hij heeft een head up display (in kleur), vijf USB poorten, zodat daarover geen gekibbel kan ontstaan, WiFi en al het andere dat een ‘connected’ mens meent nodig te hebben. De kwaliteit is goed, alles is strak gemonteerd, met kleine naden en prima materialen. Er is zelfs gedacht aan een grote handgreep op de middenconsole, voor het geval de bestuurder zichzelf in een iets te extreme sportstand heeft gezet.

Jaguar presenteerde de E-Pace in Surrey en Sussex, waar alleen de 180 pk diesel (D180) en de 300 pk benzine (P300), beide met automaat en vierwielaandrijving beschikbaar waren. Het koppel van de D180 ligt iets hoger dan dat van P300 en hij doet dan ook niet veel voor hem onder qua levendigheid, mede doordat de bak er uitstekend in slaagt de E-Pace op de golven trekkracht te laten surfen. Hij trekt in 9,3 seconden van 0 naar 100 km/h, haalt een top van 205 km/h en als je heel erg je best doet, kun je (in theorie) 1 op 17,8 rijden. De D180 maakt Jaguar doelstelling – een dynamische SUV – zeker waar. Hij ligt uitgesproken strak op de weg, de carrosseriebewegingen worden keurig in toom gehouden, en voor je het weet rijd je ermee als in een Golf GTD.

Dat het nog dynamischer kan, demonstreert de P300 met graagte. Hij trekt in 6,4 seconden van 0 naar 100 km/h, haalt 243 km/h en heeft een theoretisch gemiddeld verbruik van 1 op 12,5. Met een benzinemotor is de E-Pace duidelijk lichtvoetiger en hangt feller aan het gas. De viercilinder is stil en verfijnd bij permanente gasstanden, maar als het rechterpedaal fors of geheel wordt ingetrapt klinkt hij helaas wat rauw. Dat doet geen afbreuk aan het feit dat de E-Pace met een benzinemotor het allerbeste tot zijn recht komt. Hij is gretig, klimt snel in toeren, en met de bak in Sport kun je in relatief comfort veel kilometers in korte tijd afleggen, ook op uitdagende wegen – de E-Pace houdt daarvan.

De besturing is fijn snel, maar veel gevoel zit er niet in, wel precisie – je kunt er heel nauwkeurig mee rijden. Je krijgt echter wel goede feedback via het chassis. We reden op 20-inch en ondanks de lage (en harde) 45-serie bandwangen drong er niet veel rolgeluid tot het interieur door – lasnaden in betonwegen uitgezonderd – en was er geen overdreven gevoeligheid voor kattenogen en ander ongerief in het wegdek.

Vering en demping zijn aan de stevige kant, maar binnen de grenzen van aimabel en sportief. Er is nimmer een vervelende bonkigheid en als je een kuil raakt, blijkt de E-Pace altijd nog genoeg absorptievermogen in petto te hebben. Als optie kun je actieve dempers bestellen op je Jaguar welp, waarmee je meer comfort hebt bij lagere snelheden en de body control op tempo nog beter is. Ik zou de meerprijs van 1165 euro in mijn zak houden, want de normale set-up is heel tevredenstellend.

En o ja, je kunt warempel ook behoorlijk goed terreinrijden met de E-Pace. Op de boulevard van Brighton had Jaguar een parkoers aangelegd met een paar valse knippen en steile verkantingen en daar sloeg de E-Pace helemaal geen slecht figuur. Ook op een modderig en steil pad hield hij stand, zowel naar boven als beneden, dankzij elektronica die zorgvuldig meet hoeveel grip de P Zero’s hebben en per wiel exact de hoeveelheid koppel doorgeeft die het op de ondergrond kan overbrengen.

Het heeft er alle schijn van dat Jaguar een hit heeft met de E-Pace, hij heeft rijkwaliteiten die richting GTI gaan, en hoort in dat opzicht in de rangen van de grotere en duurdere Macan en Stelvio, beide SUV’s die nadrukkelijk de enthousiaste stuurman aanspreken. Hij ziet er uitstekend uit, is een plezierig en aantrekkelijk nieuw gezicht in de menigte. Hij is bovendien representatief en praktisch, zodat de E-Pace richting gezin en/of bedrijf volledig verdedigbaar is. Let op, de E-Pace gaat het gat tussen je eerste auto en je eerste Jaguar dicht rijden.

Tekst Ton Roks


Print Friendly, PDF & Email




Ton Roks

Ton Roks werkte meer dan 25 jaar voor het blad Autovisie, waarvan een groot deel als hoofdredacteur. In november 2012 vervulde hij een lang gekoesterde wens, hij begon een eigen autoblad: Octane, met een hoofdrol voor de klassieke auto – en een gezonde belangstelling voor interessante nieuwe auto’s.





Vorig bericht

Continental Supersports: waardig afscheid

Volgend bericht

Jack Sears' Ford Galaxie




Uitgelicht

Continental Supersports: waardig afscheid

Nu de nieuwe Continental GT er is, moest de oude netjes uitgewuifd worden…. Dat moest in stijl natuurlijk, want...

17 November 2017

Webdevelopment