Laatste nieuws

Een schouderklopje van Renault

Ton Roks / 7 april 2016

Renault-Alpine GTA (uitgebrand)

We waren al halverwege met editie 021 van Octane, toen ik me realiseerde dat er twee auto’s in staan waarin ik in een het hetzelfde weekeinde voor het eerst gereden heb – dat is helaas niet allemaal even goed afgelopen. Het was 1986 en ik was pas bij Autovisie begonnen. Als beginner was een bescheiden opstelling gepast, maar toen we een Renault Alpine GTA Turbo voor een test op de redactie hadden en deze het weekeinde dreigde door te brengen in de parkeergarage van Autovisie – onbestaanbaar, toch? – heb ik de stoute schoenen aangetrokken en ben aan hoofdredacteur Nico de Jong gaan vragen of ik ‘heel misschien’ die Alpine mee naar huis mocht nemen. Hij moest even nadenken, maar niet lang daarna reed ik zielsgelukkig de garage uit, met de donkerrode GTA Turbo, op Frans kenteken. Het was een voorserie auto, door Renault Nederland naar ons land gehaald om zo veel mogelijk met de pers te doen. De Alpine, op dat moment de trots van de Franse auto-industrie, zou datzelfde weekeinde op tv komen, een autoprogramma had hem voorafgaand aan Autovisie getest.

Het was kicken tijdens de rit naar huis in Breda, het was druk op de weg, maar de Alpine ging absoluut als de brandweer, als er ook maar een paar honderd meter snelweg vrij waren, vloerde ik op het gaspedaal, en de Alpine ijlde fluitend en sissend op de horizon af.  Dichtbij mijn huis stond in die tijd heel vaak een prachtige blauw-met-witte Austin Healey geparkeerd. Ik was een keer poolshoogte gaan nemen en hij bleek van een advocaat te zijn, Eric Fleskens, die er dagelijks in reed, in weer en wind. Dat verklaarde dat er soms papieren aan de waslijn in zijn tuin te drogen hingen. Hij had me uitgenodigd om een keer in zijn Healey te komen rijden, en ik vond dat het juiste moment daar was. Eric ging een stukje in de Alpine rijden en ik voor het eerst van mijn leven in een Healey. Het was al stikdonker, maar wat vond ik het een geweldige machine, zo anders dan de Alpine. Die dikke, onverzettelijke zescilinder-in-lijn, de zware besturing, het zicht over de motorkap, die montere roffel, het contactgevoel met de techniek, de koppeling die zo zwaar ging en zo ver weg was dat ik heel mijn been moest strekken om hem in te trappen. Het was geweldig, zo geweldig dat ik pas na het uitstappen, merkte dat al die tijd op Eric’s kistje Havanna’s had gezeten.

Op maandagochtend raasde ik naar het kantoor van Autovisie, in Hilversum, in de Alpine. Het was druk op de weg en enkele van de mensen die ik voorbij scheurde, lieten met een opgestoken duim merken dat ze ‘mijn’ nieuwe Alpine op tv hadden gezien. Weer maakte ik van elk stukje vrij asfalt gebruik om die enorme duw in mijn rug mee te maken. Vlak voor Utrecht moest ik remmen voor uitvoegend verkeer en toen werd ik ingehaald door rook. Ik gaf gas, weg rook. Ik remde, daar was de rook weer. Ik kon me niet voorstellen dat ik zo vaak en zo hard geremd had dat de remmen rookten, maar stopte op de vluchtstrook. De rook kwam uit de motorruimte! Ik trok de klep open om te kijken of ik iets kon doen, meteen sloegen de vlammen uit de Alpine. Er was geen houden aan, een blusser was er niet, er restte me niets anders dan beteuterd toekijken hoe die supergave sportwagen in vlammen opging. Hij was wel brandveilig, moet ik zeggen, vóór het schutbord kwamen de vlammen niet, daarachter gingen ze hun rampzalige gang. Ik was nog in mijn proeftijd bij Autovisie en zag niet alleen de Alpine, maar ook mijn loopbaan in rook opgaan. De politie kwam, de brand werd geblust. De wegsleepauto was rap ter plaatse, samen met de Martin Geers, de toenmalige PR-baas van Renautl NL. Hij liet als de bliksem een groot zeil over de rokende Alpine trekken. Niemand mocht de auto zien, die de dag daarvoor op tv zo was bezongen. Nico de Jong kwam ook, bromde wat over mijn proeftijd, kalkte mijn naam in het blusschuim op de voorruit, en was verder uitgesproken barmhartig. Zeker toen de auto afgekoeld was, en we konden zien dat de brand was ontstaan door een lek in een olieleiding. Die was bij dit voorserie exemplaar van rubber, maar voor de productie zou hij in metaal worden uitgevoerd. Dat zulks een goed idee was, had ik proefondervindelijk vastgesteld. De PR-man van Renault heeft me daar nog een schouderklopje voor gegeven.

 

 


Print Friendly




redactie Octane
Octane is een licentie van de gelijknamige Britse titel, maar streeft naar zo veel mogelijk eigen inhoud, met Nederlandse en Belgische liefhebbers en hun auto’s in de hoofdrol. Van de redactie maken deel uit Wil van Lierop (eindredactie), Carl de Vaal (art-director) en Ton Roks (hoofdredacteur). Geregelde freelance bijdragen worden geleverd door Mattijs Diepraam, Perry Snijders, Dennis Drenthe en Jeroen Bruintjes. Freelance fotografen zijn Luuk van Kaathoven, Louis Blom en Piet Mulder.




Vorig bericht

Renault 40CV NM: Franse revolutie

Volgend bericht

Cartoons Rob Oudshoorn nu online





1 Reacties

op 7 April 2016

Wat een ontzettend goed geschreven verhaal, Ton!



Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


Uitgelicht

Renault 40CV NM: Franse revolutie

Met de bizar uitziende 40CV NM reed Renault ooit een hele serie snelheids- en langeafstandsrecords op de nieuw aangelegde...

24 March 2016

Webdevelopment