Laatste nieuws

Roadtrip Bonneville Speed Week

Alle reportages / 4 oktober 2014

DSC_6504

Het meest waanzinnige ‘circuit’ ter wereld ligt op de grens van Utah en Nevada en is spierwit: de Bonneville Salt Flats. Een merkwaardig volkje, naar eigen zeggen voor altijd behept met ‘Salt Fever’, gaat zich daar geregeld te buiten aan extreme snelheden. Octane zocht hen op, met de snelste Cadillac ooit.

Waar is het zout? Om van de Salt Flats te proeven – wat iedere nieuwe bezoeker stiekem doet – moet je naar San Francisco of Los Angeles vliegen en een lange en eenzame weg rijden door de woestijnen van Californië en Nevada, net zoals de Nieuw-Zeelander Burt Munro in 1967 deed. Het verhaal van zijn tocht naar Bonneville, met zijn Indian motorfiets van 1920 en zijn recordrit op Bonneville, is door Anthony Hopkins prachtig uitgebeeld in ‘The World’s Fastest Indian’, een film die je gezien moet hebben als je gefascineerd bent door snelheid.

Aan Burt Munro moet ik geregeld denken als ik op weg ben naar de Salt Flats in een andere recordbreker, de CTS V-Series, de snelste personenauto die Cadillac ooit heeft gebouwd. Het is een saaie rit en geregeld is er de verleiding om de 564 pk sterke compressor V8 van de Cadillac de sporen te geven, bijvoorbeeld op het gedeelte van Highway 318 dat zich tussen Lund en Hiko bevindt. Dit traject, dat op de weg naar de Salt Flats ligt, is een keer per jaar ook een arena waar tomeloze snelheid aanbeden wordt. Op de bijna eindeloze Highway 318, die zich in bijna rechte lijn door de woestijn beweegt, wordt jaarlijks de Silver State Challenge gehouden en dan mag je over een afstand van 144 kilometer aan een stuk ongebreideld knallen. Het is een weg die vraagt om een 599 GTO, ZR1, GT2 RS of CTS V-Series. Lefgozers met dikke compressor Corvettes hebben daar tijdens de Challenge gemiddelde snelheden van 330 km/h laten noteren.

DSC_6617

Ik laat het echter uit het hoofd het gaspedaal van de Cadillac op de plank te duwen want ik scoor vlak voor Hiko al een vette bon door per abuis 70 miles per hour te rijden waar slechts 50 is toegestaan. Men kan in dat gehucht kennelijk elke dollar goed gebruiken en de lokale veldwachters slagen er meer dan goed in hun salaris dagelijks terug te verdienen. Als ik uiteindelijk mag doorrijden, zie ik in mijn spiegel dat weer twee andere passanten te grazen worden genomen.

Een slecht figuur zou de Cadillac niet slaan tijdens de Silver State Classic Challenge, want de officiële top ligt op 308 km/h voor de handgeschakelde versie. Ik heb dit vierdeurs kanon tijdens de introductie op de Duitse Autobahnen uitvoerig uitgeprobeerd en hij stormt zo energiek en nietsontziend hard naar de 300 km/h, dat er bij mij geen enkele twijfel bestaat dat hij die laatste 8 km/h ook nog ‘pakt’. Dus 300 gemiddeld moet er zeker inzitten. Cadillac, zin om in 2013 met de V-Series aan de Challenge mee te doen? Hier is een vrijwilliger. Benieuwd hoeveel voordeel de Magnetic Ride Control actieve dempers geven als je een half uur lang absoluut vol gas rijdt. Er zitten een paar flauwe bochten in het parkoers, maar daar maken de remmen van de V-Series wel korte metten mee. Achter de gesmeed lichtmetalen wielen draagt hij vóór schijven met een diameter van 380 mm en achter 373. Op de vooras worden ze in een greep gehouden door kanjers van calipers met zes zuigers per stuk, achter met vier.

DSC_6397
DSC_6262


Het kost je een forse dag rijden om in het noordwesten van Utah te komen. De Highway leidt je door immense en van god en alles verlaten leegten. Des te opmerkelijker is het dan ook een boom langs de weg te zien die vol hangt met petjes. Petje af voor de mannen met Salt Fever misschien? Het zou kunnen, want de sneeuwwitte piste ligt er niet ver vandaan, bij het gokstadje Wendover, dat half in Nevada en half in Utah ligt. Als de Cadillac er binnen rijdt, is de Speed Week in volle gang. Dat is een van de zeldzame weken dat de zoutvlakten zijn opengesteld voor orgiën van snelheid, alle hotels zitten tjokvol rare vogels en de parkeerterreinen zijn het domein van de meest bizarre auto’s die je ooit hebt gezien: Lakesters, Belly Tankers, Hot Rods, Rat Cars en Streamliners.

Vanuit Wendover is het maar een klein stukje naar de legendarische witte tempel van de snelheid. Talloze records zijn er op de Bonneville Salt Flats gevestigd, tot meer dan 1000 km/h en grote helden als Donald Campbell hebben er gereden. Nog steeds worden er records gebroken, vanzelfsprekend zelfs, zo suggereert de tekst die het Nugget Hotel & Casino langs de weg heeft staan. Welcome Bonneville racers. Records will fall. Be safe.

DSC_6589

Je vindt het zout door de eerste afslag vanaf de Interstate 88 te nemen, voorbij het tankstation te rijden en dan de zwarte strook asfalt te volgen totdat hij abrupt doodloopt en uitzicht geeft op een onafzienbare witte vlakte, die zo uitgestrekt is dat je de kromming van de aarde daadwerkelijk kunt zien.

Waar halen we de persaccreditatie op? “Rijd vijf mijl in een rechte lijn over het zout, achter die auto’s aan, dan kom je in de paddock”, zegt de vrouwelijke official die zich met een grote hoed en een kanjer van een zonnebril tegen de brandende zon heeft gewapend. Ik stuur de V-Series de aangegeven richting in en geef gas. Het zout, dat veel op sneeuw lijkt, blijkt onverwacht hard en stevig. Een bordje geeft aan dat er 55 mph mag worden gereden. Ik doe het iets rustiger aan, geef me eerst en vooral over aan de verwondering, want word vrijwel onmiddellijk ingehaald door een Rat Car, een kleine pick-up met een rood koelkastje in zijn laadbak en de tekst Got Salt op zijn roestige cabine.

Hoe verder de Cadillac de zoutvlakte oprijdt, hoe meer Vintage Roadsters en High Boys hij ontmoet, met gladiatoren aan het stuur die kennelijk net een gevecht tegen de meetapparatuur achter de rug hebben, want hun strijdrossen zijn van onder tot boven besprenkeld met dikke klodders zout, kleverig als kaarsvet. Niemand haalt het er meteen af, de pekel wordt gedragen als een ereteken.

Kilometerslang lang is er niks van een rennerskwartier te zien, maar plotseling komen er zwarte stippen tevoorschijn in de trillende lucht. Een paar minuten later stopt de Cadillac in de paddock, waar honderden campers, trailers en racewagens rondhangen. In de verte staat een toren, de tijdwaarneming van de organiserende Southern Californian Timing Association (SCTA). Hij biedt uitzicht over de drie, soms vier langgerekte zoutbanen waarop wordt gereden. Enkele zijn zeven mijl lang, royaal meer dan tien kilometer dus. Daar kun je het gas echt lang op de plank houden.

Langs vrijwel de gehele lengte zitten toeschouwers, met campers en tenten, soms met een zoutracer ernaast geparkeerd. De variëteit is enorm, veel Hot Rods en Vintage Coupes maar warempel ook een Mercedes 300 SL, die met zijn buik slechts enkele centimeters boven de zoutkorst hangt en de verplichte remparachute als een bunny-staartje op zijn charmante achterste heeft hangen. Vanwege de enorme snelheden moet iedereen honderden meters van de racestrips vandaan blijven. Men kijkt met verrekijkers naar de zwarte stippen die ver weg voorbij schieten, met een ongelooflijke vaart. Als een haas op een windhondenbaan.

DSC_7472

Hoewel er niets is dat je op de Salt Flats kunt raken, is het racen niet zonder gevaren. De voertuigen moeten daarom aan moderne veiligheidseisen voldoen en alle rijders zijn verplicht tijdens de technische keuring te demonstreren dat ze rap uit kunnen stappen. Banden kunnen springen, er kan een mechanische defect optreden, of de bestuurder kan een mirage zien. Een luchtspiegeling die hem kan doen besluiten de remparachute te activeren en als de wiedeweerga het parkoers te verlaten. De rijders, die allemaal even buitengewoon toegankelijk zijn, hebben talloze verhalen over piloten die plotseling een tankstation op de Flats zagen of erger nog – een tegenligger op volle snelheid. Hoewel ze beseften dat het een mirage moest zijn, was de aanblik voor menige rijder meer dan eens zo bedrieglijk echt dat hij van het gas ging en crashte door een te abrupte uitwijkmanoeuvre.

Je kunt de zoutracers niet van nabij op snelheid zien, maar je kunt ze wel goed bekijken bij de start. Ze zijn er in allerlei gedaanten, van glimmende Hot Rods tot roestige Rat Cars, welke laatste er steevast uitzien alsof ze uit onderdelen zijn samengesteld die jaren op een sloperij hebben gelegen. De Rat Cars zijn echter technisch perfect en ondanks hun Mad Max uiterlijk zijn ze tot heftige prestaties in staat, waardoor ze een grote aantrekkingskracht hebben.

DSC_7374

Er zijn ook ‘gewone’ sportwagens en sedans met bijna standaard carrosserieën, maar met immens krachtige motoren, waarvan de compressor als de hoorn van een neushoorn naar buiten steekt. Verbazingwekkend zijn de zogenaamde Vintage Altered auto’s, zoals een Triumph GT6 en Alfa Romeo Spider, waarvan de koetswerken extreem zijn verlengd en ook de techniek lang niet meer hetzelfde is als vroeger. Het meest ver van normale auto’s verwijderd zijn de Streamliners en de Lakesters, de speciaal voor snelheidsrecords gebouwde wagens. De Streamliners lijken op raketten die liever horizontaal worden afgeschoten dan verticaal. Het mooist zijn de Lakesters, de wagens waarvan de wielen en hun ophangingen niet door plaatwerk wordt afgedekt. Vooral de ondersoort der Belly Tankers prikkelt de verbeelding. Voor hun koetswerk dient steevast een oude vleugeltank van een vliegtuig.

Nice wheels, roept een der zoutracers onder zijn sombrero vandaan. Hij wil even onder de kap van de CTS V-Series kijken en knikt goedkeurend als hij hoort wat er allemaal aan boord is. Een licht getemde versie van de 6,2 liter V8 van de Corvette ZR1 met een vermogen van 654 pk en een koppel van 747 Nm. De sombrero wil nog meer van de techniek weten. Ik doe mijn beste hem tevreden te stellen. De zesbak is van Tremec en het zelfsperrend differentieel heeft een eigen koeler. De Eaton compressor is kleiner dan die van de Corvette, maar hij heeft een véél grotere tussenkoeler, want er is meer ruimte onder de kap. De supercharger is bijzonder omdat de rotors geen drie maar vier gekromde vanen hebben, die bovendien een extreme draai van 160 graden maken. Daardoor is de Eaton buitengewoon stil.

Dan wordt mijn college over de CTS V-Series onderbroken door het geluid van een getergde motor, verwikkeld in een woest gevecht met de luchtweerstand. Je kunt de salt flat racers niet zo erg goed op snelheid voorbij zien suizen, maar je kunt hen wel horen, want het woord ‘demping’ komt in de regelgeving niet voor. Lang nadat ze ver weg zijn opgegaan in de trillende scheidlijn tussen het witte zout en de grijze lucht kun je ze nog kwaadaardig horen brullen, langzaam maar zeker steeds verder in toeren klimmend. Ruiken kun je de racers ook, soms beter dan je zou willen. Er wordt niet alleen op benzine – en soms diesel – gereden, maar ook op magische brouwsels, die je zelfs op tien meter afstand tranende ogen bezorgen en je minutenlang laten hoesten en kuchen.

DSC_7211

Motorfietsen zijn er net zo welkom als auto’s en alles rijdt door elkaar heen, drie rijen dik staan ze te in de brandende hitte op hun beurt te wachten. De uitdrukking ‘Kiss my ass’ krijgt op de Salt Flats een nieuwe lading. Bijna alle coureurs laten het achterste van hun racer zachtjes zoenen door de pick-up truck van de serviceploeg. Zodra ze mogen starten, duwt de truck de salt racer op tot een vaartje van een kilometer of tachtig in het uur en daarna zet deze zijn aanval op de horizon zelfstandig voort. Er is tijd genoeg om op snelheid te komen, want de tijdwaarneming begint pas na twee mijl te lopen. Door zo te werk te gaan wordt het zout niet beschadigd: er ontstaan geen groeven door heftig accelererende racers. Bovendien kan men daardoor van start met lange eindoverbrengingen – om zoveel mogelijk topsnelheid te halen. Streamliners met veel vermogen rijden met een eindreductie van 1,5 op 1, de gespierde compressor Hot Rods en aanverwanten gebruiken een eindratio van 2,18 tot 2,5 om de 400 km/h te bereiken. De meeste racers kunnen daardoor niet of nauwelijks in de eerste versnelling wegrijden – op een enkeling na worden ze allemaal naar de start gesleept of geduwd. De Cadillac zou daardoor op de eerste een of twee mijlen elke salt flat racer gemakkelijk te snel af zijn. Hij sprint namelijk van 0 naar 100 km/h in 4,1 seconden en zit in 13,4 tellen op de 200.

DSC_6514

Belangrijker is het antwoord op de vraag waar deze CTS staat in de wereld van het asfalt. Nu, daar is de V-Series onbetwist een der topgladiatoren. Niet alleen op basis van zijn prestaties in rechte lijn, want hij staat ook zijn mannetje als de weg hem als een wild rodeopaard af wil schudden. Het onderstel is namelijk uitstekend, deze Cadillac heeft zijn opvoeding op de Ring genoten en is daar tot een rondetijd van 7 minuten en 59 seconden in staat, slechts drie seconden minder rap dan een Porsche Panamera Turbo. Hij is mij per kilometer beter gaan bevallen door de moeiteloosheid waarmee hij de beste eigenschappen van een flinke zakenauto en een zwaar kaliber supersedan verenigt. We worden natuurlijk al vele jaren verwend met supersnelle sedans van BMW, Mercedes en Audi maar Cadillac serveert de attracties ervan net even royaler en smakelijker.

Of er records zijn verbroken gedurende de Speed Week? Bij bosjes, een stuk of veertig zelfs. Dat is op zich niet zo verwonderlijk, want als je het aantal mogelijk carrosserieën vermenigvuldigt met het aantal mogelijke motoren en brandstoffen, komt je uit op een aantal dat in de honderden loopt. Elk jaar weet wel iemand de lat in zijn klasse nog iets hoger te leggen.

Snelste tijdens deze Speed Week was de Speed Demon van George Poteet en John Main, die 679,79 km/h haalde. Maar John Crawford met zijn Vintage Oval Racer uit de jaren dertig oogstte nauwelijks minder bewondering voor de 178 km/h waarmee hij door de meetpunten van de SCTA brulde.

Of Octane nog gezouten heldendaden heeft verricht met de CTS V-Series? Nee, ondanks het feit dat hij 308 km/h loopt, viel er niets voor het imago van Cadillac te doen dat niet al eerder is gedaan. In 2004 reed een dealer uit Phoenix al 349,2 km/h op het zout met een tot 1100 pk opgevoerde CTS 3.6 V6. Echter ’s werelds snelste Cadillac is nog altijd de XLR van Alan Johnson’s Hot Rod Shop uit Alabama met 357,3 km/h.

DSC_6828

Als je ooit in de buurt bent, op de juiste tijd, ga dan naar de Bonneville Speed Week. Het allermooiste van het racen op de Salt Flats is dat het nog steeds een amateursport is, zonder de professionaliteit van de formule I of NASCAR. Iedereen is gemakkelijk benaderbaar, iedereen kan met geringe kosten meedoen en naar hartenlust rijden op het circuit dat zich met recht het aller-snelste ter wereld noemt. De Speed Week is een unieke ervaring; de zoutvlakten vormen een onwereldse omgeving, waar nog precies dezelfde sfeer hangt als in de jaren vijftig, toen er vooral veel met Hot Rods over de witte woestijn werd gescheurd. Zodra je een wiel op de Salt Flats zet, reis je tientallen jaren terug in de tijd. Met recordsnelheid.

DSC_6470

Tekst & Fotografie Ton Roks

 


Print Friendly, PDF & Email




redactie Octane

Octane is een licentie van de gelijknamige Britse titel, maar streeft naar zo veel mogelijk eigen inhoud, met Nederlandse en Belgische liefhebbers en hun auto’s in de hoofdrol. Van de redactie maken deel uit Wil van Lierop (eindredactie), Carl de Vaal (art-director) en Ton Roks (hoofdredacteur).





Vorig bericht

Alfa 4C & SZ, wapenbroeders

Volgend bericht

Alfa Romeo's schitterende GTA's




Uitgelicht

Alfa 4C & SZ, wapenbroeders

Telkens als Alfa Romeo vreest uit het oog te worden verloren, verrast het vriend en vijand met iets speciaals om het imago...

4 October 2014

Webdevelopment