Laatste nieuws

Saab Historic Rally Team: net als Carlsson

Alle reportages / 7 september 2015

rallysaabs-5017

Het was allesbehalve een sportwagen, maar toch vierde de Saab 96 dankzij Erik Carlsson grote successen als rallyauto. Waar lag dat aan en hoe maak je vandaag de dag een 96 rallyklaar? Octane ging op onderzoek uit.

rallysaabs-5072

Daar staan ze dan, ergens midden op de Veluwe: het bospad is de natuurlijke habitat van minstens drie van de vier 96’s die op deze zonnige dag bij elkaar zijn gekomen, al ontbreekt de sneeuw waarin deze voorwielaandrijvers zo tot hun recht kwamen. Voorop staat ‘Yke’, de tweetakt van Roger van Keulen, in fiere rally-uitmonstering. De dubbele blauwe streep loopt zelfs door tot op de carterbeschermingsplaat. Maar een tweetakt heeft toch helemaal geen carter? “Nee, maar wel een heel kwetsbare uitlaat, waar je zo een knik in rijdt”, zegt Roger, die samen met Esther Visser is verschenen. Zelf heeft Esther menig rally met haar rode tweetakt volbracht, waaronder de Winter Trial en de SLS, maar ze rijdt ook samen met Roger. Achter Yke staat de groene 96 van Els Weiler en Jaap Reineking, aangepast voor het rallywerk. Hun volkomen originele witte 96 sluit de rij. De derde auto is een waar rallybeest: de 96 uit 1972 die Laurens Haaima heeft meegebracht. Aan dit rijdende laboratorium van Haaima Automobielen in Barneveld is voor vele duizenden euro’s verspijkerd – niet alleen zichtbaar, maar vooral ook hoorbaar.

rallysaabs-5083

Alle vijf zijn verwoede rallyrijders en Saab-fanaat tot in de diepste haarvaten. De liefde voor Saab kan aangeboren zijn, zoals bij Roger, wiens vader een licht opgeleukte 96 V4 had. Esthers vader had destijds een rode tweetakt-96. Maar de liefde kan ook uit de lucht komen vallen. Bij Els en Jaap was het de schuld van de huisarts – inderdaad, een van de beroepen die je meteen met Saab associeert. “Ik ben zelf geen huisarts of architect, hoor”, zegt Jaap meteen. “Ik zit gewoon in personeelszaken. Maar mijn huisarts had een 99 Turbo, en dat vond ik zo’n mooie auto! Toen heb ik een tweedehands 9-3 gekocht, in plaats van de Ford Ka die we toen als tweede auto hadden. Van het een kwam het ander: eerst een 9000 en toen nog ouder, en nóg ouder. Of dat de midlife-crisis was? Haha, daar moet jij maar over oordelen, Els!” Volgens Els Weiler ligt de oorzaak eerder in het feit dat het duo de 9000 ging gebruiken om rally’s te rijden met het Saab Historic Rally Team. “Zo kwamen we vanzelf in aanraking met oudere Saabs. Al gauw gingen we via het Saab-forum op zoek naar een klassieker van vóór 1972.”

rallysaabs-5157

Het is meteen te zien dat de mosgroene 96 waarmee Els en Jaap nu rally’s rijden, is klaargemaakt voor het snelle werk. In het interieur van ‘Groentje’ staan Cobra-sportstoelen met rallygordels, maar ook als de motorkap opengaat, ontwaren we tal van aanpassingen. Tweetraps Webers zorgen voor de carburatie, die samen met een openluchtfilter het standaardvermogen van 68 pk optillen naar zo’n 80 pk. Het onderstel kent vier Koni-dempers, de befaamde ‘soccerball’-wielen geven ‘m een extra sportieve uitstraling. En in de achterbak is een benzinetank van 80 liter gemonteerd, zodat rallyrijden geen voortdurende zoektocht naar tankstations wordt. Helemaal voorin ligt het V4-blok uit de Ford Taunus. “Gemakkelijk beschikbaar, bewezen techniek”, zo verklaart Jaap de keuze van Saab voor de V4 als opvolger van de tweetakt. “En net zo’n kort blok als de driecilinder-tweetakt.” Daardoor loopt de 96 over van ruimte in de voetbak. “Het is wat dat betreft net een Amerikaan. Je zou zo een voorbank in de auto kunnen zetten in plaats van twee stoelen.” Ook de V4’s kennen de vrijloop die zo karakteristiek is voor de tweetakt en waarmee je zo een kilometer kon uitrollen. Waarom eigenlijk? In de tweetakt diende het een doel: een tweetakt wordt gesmeerd door de brandstof en als je bijvoorbeeld bergafwaarts rijdt met een gesloten gasklep, kan dat problemen geven, omdat dan geen brandstof wordt aangevoerd en de motor dus onvoldoende gesmeerd wordt. “Heel simpel”, zegt Jaap. “Saab-rijders waren eraan gewend.”

rallysaabs-5327

Toen ‘Groentje’ eenmaal voor rally’s was aangepast, ontstond bij Els en Jaap de behoefte aan een tweede 96 die ze origineel wilden houden. Dat werd ‘Knut’, de witte 96, die door de vorige eigenaar uit Scandinavië was geïmporteerd. Het merkforum bleek zoals voor zovele merkfanaten dé plek om een goed exemplaar te vinden. Knut is uit 1968 en een van de eerste V4’s. Hij heeft nog de ronde koplampen, die al gauw werden vervangen door de vierkante die we op de groene rallyauto uit ’69 zien. Nadere inspectie bevestigt hoe onwaarschijnlijk het was dat deze auto uitgroeide tot een rallylegende, in tweetaktvorm in handen van Erik Carlsson, als V4 bestuurd door grote namen als Stig Blomqvist en Per Eklund. In niets straalt de 96 sportieve genen uit, zoals tijdgenoten als de Alfa Giulia of de BMW 2002 dat wel doen. Deze Deluxe-uitvoering is ook nog eens helemaal op stijl en comfort ingericht, getuigen de verchroomde sierstrips en tankdop en de fraai beklede stoelen. “Het is een prettige auto om mee te toeren”, vertelt Jaap, “zolang het aantal snelwegkilometers maar beperkt blijft.” Els ziet zichzelf er niet zo gauw mee op vakantie naar Frankrijk gaan. “Tot 80, 85 km/h rijdt hij lekker, dus dan zou het over de binnenwegen moeten. Een vakantie waarbij de reis de bestemming is dus. Maar eigenlijk is hij meer geschikt voor zondagse ritjes in eigen land.”

 

rallysaabs-5323

Al heeft Roger van Keulen zijn Saab-liefde van zijn vader geërfd, de Zweedse genen begonnen pas later op te spelen. In die zin is zijn Saab-verhaal identiek aan dat van Els en Jaap. “In 2005-‘06 woonde ik 13 maanden in Amerika. Daar kocht ik een 2.8 V.6 Turbo Aero. Die nam ik mee terug naar Nederland, waarna ik op internet in de Saab-community terechtkwam. In 2007 volgde daardoor een tripje naar het Saab-festival in Trollhättan, waar ook een bezoek aan het circuit van Kinnekulle vastzat. Daar zag ik al die oude rally-Saabs rijden!”

rallysaabs-5111

Vervolgens ontmoette hij de Zweedse familie Jensen, die net zo’n blauwgestreepte tweetakt hadden. “Dus zo een wilde ik er ook. En natuurlijk speelt de erfenis van Erik Carlsson mee, hij is altijd mijn grote held gebleven. Denk je aan de 96, dan denk je aan Carlsson. Ik denk dat we ‘m allemaal wel een keer hebben ontmoet.” Esther Visser weet het nog sterker: “Mijn zoon was op dezelfde dag jarig als Carlsson! Ja, zorgvuldige planning, hè…”

rallysaabs-5301 rallysaabs-5293

De tweetakt van Roger is geen gewone tweetakt, maar een Saab Sport uit 1963, samen met de Monte Carlo een van de twee speciale modellen die Saab naar aanleiding van de rallysuccessen op de markt bracht. De Sport had onder meer een vierbak, toerenteller en dagteller, houten stuur, remschijven voor, klapraampjes, extra breed- en verstralers en achteruitrijverlichting en een blok met eigen oliesmeersysteem. Dat laatste is meteen duidelijk in beeld zodra Roger de riem van de motorkap losgespt en ons een blik op de driecilinder gunt.

rallysaabs-5287

Een motor met 57 pk zal in heuvelachtig rallyterrein vast tekort komen, maar je kunt er veel aan doen om de tweetakt toch iets pittiger te maken. Bijvoorbeeld met twee Solex 44 PII-carburateurs. Verder kun je het standaardblok uithonen naar 1000 cm3. Een vermogen van 90 pk is zo haalbaar, aldus Roger, maar op diverse aanpassingen is hij toch teruggekomen. “Als je de motor opvoert, wordt alles heel snel warm.@

Roger kocht zijn Saab met Bilstein-schokbrekers eronder, maar die vond hij te stug. “De auto was er niet op gemaakt, er begonnen dingen af te breken. Daarom zitten er nu verstelbare AVO-schokbrekers onder. Je merkt aan meer zaken dat de onderdelen in de standaardauto zo goed op elkaar zijn afgestemd dat je eigenlijk alleen maar de balans verstoort als je dingen gaat aanpassen. Met de aparte carburateurs, die standaard voor de Saab Sport waren, loopt hij perfect gesynchroniseerd. Daar kom ik liever niet aan.”
Over één aanpassing is hij wél tevreden: de sportuitlaat van de Zweedse specialist Simons. “Tegendruk is heel belangrijk voor de tweetakt, anders koekt het allemaal snel dicht.” Tegelijk legt Roger uit dat je het blok vet moet houden – en dat ruik je goed. Ondanks het aparte smeersysteem mengt hij toch zelf bij, in een verhouding 1 op 33. Los van een flesje Castrol Power RS per tank slurpt de tweetakt flink: gemiddeld zo’n 1 op 6 in een rally, waar een V4 1 op 10 haalt.

De tweetakt had tot 1965 nog een korte neus. Die heeft als nadeel dat de voorbanden snel aanlopen in de wielkasten, maar doordat de voorzijde minder overhang heeft, reageert de auto wel scherper. Esther zegt dat ze het verschil duidelijk merkt.

rallysaabs-4776

Voor Roger is het duidelijk waarom hij voor de tweetakt kiest: “Het geluid! De geur!” Maar wie het kanon van Peter en Laurens Haaima ziet en hoort, wordt ernstig aan het twijfelen gebracht. De familie Haaima is helemaal verSaabt. Hun bedrijf Haaima Automobielen in Barneveld biedt het hele scala aan Saab-service, van moderne Saabs tot alle soorten van rallymodificaties aan oude Saabjes. Net zoals Jan van Ommeren in Dodewaard hét adres is voor de tweetakt-96’s, zo kloppen velen bij Haaima aan met hun V4. De rood-zwarte auto van Laurens blaast als een bezetene over de zandpaden, het kost hem grote moeite om rustiger te rijden voor de foto’s. De auto begint immers onder de 3000 toeren al te bokken. Als we de lijst met aanpassingen doorlopen, begrijpen we meteen waarom: de ventilator is verdwenen en vervangen door een Blackstone-radiateur uit de 900 Turbo, met elektrische fan. Er zitten Cosworth-zuigers in, geflowde koppen, scherpere nokkenassen, speciale lagers, de vergrote oliepomp van de V6, een elektronische ontsteking die met de laptop is af te stellen. Daarmee houdt de lijst niet op, want het brulbeest kent ook een aluminium vliegwiel en een sportkoppeling. Het resultaat: een maximumtoerental van 8500.

rallysaabs-4781

Opvoeren van de V4 kan volgens de Haaima’s prima tot zo’n 100 pk. Een zwaardere koppeling en bak zijn dan niet nodig. De V4 van 1,5-liter is zonder extreme ingrepen op te voeren van 65 naar 95 pk. Een 1,7-liter kan naar 100 pk en meer, zonder compromissen aan het dagelijks gebruik. Voor de extra pk’s gaan eerst de koppen eraf en worden de kleppen ingeslepen, aangepast voor gebruik van loodvrije brandstof. Daarna volgt een inlaatspruitstuk voor dubbele Webers. Met elektronische ontsteking, een Simons-sportuitlaat, Bilstein-dempers en Merwede-veren is de auto klaar voor historische rally’s. Voor een V4 die geschikt is voor klassementsproeven, werken de Haaima’s samen met Frank van Oeteren van SweedSpeed. Die gaat aan de slag met nokkenassen en bullnose-spruitstukken, last de carrosserie door en plaatst een rolkooi. Je bent dan wel ettelijke duizenden euro’s verder…

rallysaabs-5091

Al is de 96 geen geboren sporter, de voorwielaandrijving maakte volgens alle vijf het grote verschil in de rally’s waarin hij schitterde. “Ik zie ’t zelf ook gebeuren: in sneeuw of modder komen de Porsche’s en de Healey’s gewoon moeilijk weg”, zegt Roger. “Natuurlijk rijden ze op lange rechte stukken van me weg, maar in bochten en bergaf loop ik weer in.”

Dat was ook de truc van Erik Carlsson: nooit remmen, met als risico dat je ‘m een keer op z’n dak legt… Of de Porsche’s en Healey’s ook weglopen bij de Saab van Laurens, is trouwens maar de vraag. Doet hij ook aan links remmen, net als de rallygoden van weleer? “Jazeker”, glimt Laurens. “Het vergt wat oefening, maar dan is het ook een heel effectieve manier om de auto snel om te krijgen. Je creëert er hetzelfde effect mee als met het aantrekken van de handrem, maar de handrem in een Saab stelt echt niks voor. En dus moesten ze wel met links remmen beginnen.”

rallysaabs-4828

Eén ding willen we nog weten: is de Saab-liefde aan het afkalven nu het merk geen auto’s meer bouwt? Of trekt Saab daardoor juist nieuwe fans? “Ik heb meegeholpen met de organisaties van twee grote Saab-meetings, in 2010 en 2012”, zegt Roger, “dus net vóórdat en net nádat Saab de productie stopzette. Ik merkte totaal geen achteruitgang, al hebben de 900’s het nu zwaar vanwege de aangescherpte oldtimerregeling. Maar voor de oudjes is het enthousiasme even groot. Sterker nog, Saab leeft alleen maar méér.”

Tekst Mattijs Diepraam // Foto’s Luuk van Kaathoven

 

Twintig jaar Saab 96

rallysaabs-4810

Saab begon in 1960 met de bouw van de 96. De eerste jaren daarna zijn dankzij de heroïsche rallydaden van Eric Carlsson voor altijd met de 96 verbonden. De Zweed won de Rally van Monte Carlo in 1962 en ’63 en drie opeenvolgende RAC Rally’s in 1960, ’61 en ’62. Alleen echte Saab-adepten zal het daarom niet verbazen dat pas in 1980 de laatste 96 van de band rolde. In die twintig jaar 96 onderging de auto vele veranderingen, maar de basisvorm bleef uit duizenden herkenbaar.

De 96 was een doorontwikkeling van de 92 en 93 en betekende de internationale doorbraak voor het Zweedse merk. Ten opzichte van de 93 bracht Saab subtiele, maar nuttige veranderingen aan, zoals een grotere achterruit en kofferbakopening. De 96 begon met de driecilinder-tweetakt uit de 93, een 750 cc met drie versnellingen en 38 pk. Die werd in 1963 vergroot tot 841 cm3, wat twee pk winst opleverde. De speciale Saab Sport en Monte Carlo-modellen hadden een motor van 57 pk, voorzien van vier versnellingen. De korte neus maakte in 1965 plaats voor een lange, waardoor de radiateur vóór de motor kon worden geplaatst.

In 1967 kwam de 96 V4 op de markt, met de 1,5-liter V4 uit de Ford Taunus 12M. Die leverde 55 pk, een vermogen dat eind jaren zeventig dankzij Solex-carburatie naar 65 pk werd opgeschroefd. In 1968 ging de tweetakt uit productie, een jaar later verscheen de beoogd opvolger van de 96 al op de markt: de 99. Toch zou de 96 nog tot 1980 worden doorgeproduceerd, eerst nog in Trollhättan zelf, daarna in Finland. Meer een half miljoen werden er uiteindelijk gemaakt.

Saab Historic Rally Team

rallysaabs-5332

Els Weiler en Jaap Reineking zijn drijvende krachten achter het Saab Historic Rally Team, dat in 2007 vanuit de Saab Club Nederland ontstond. Eerst met drie Saabs, maar al snel met negen Saabs en hun bemanningen. Ook Laurens Haaima is er lid van. Het team neemt deel aan vele nationale en internationale rally’s, maar organiseert ook zelf de Kart Läsnings Kurs (kaartleescursus) voor beginnende rallyrijders.

// www.saabhistoricrallyteam.nl

Team Yke

rallysaabs-5072

Roger van Keulen was in 2007 betrokken bij de oprichting van het rallyteam van de Saab Club Nederland, maar begon in 2009 met Team Yke. Dit kleine enthousiaste team bestaat uit Rogers vader Gert van Keulen (monteur), Sytze de Bok (navigator), Margreet op ’t Hof (rijder), Esther Visser (rijder) en eigenaar Roger van Keulen (rijder/navigator). Team Yke heeft een eigen variant op de Team Saab-badge en is op Facebook te vinden (SaabHistoricRallyTeamYke).


Print Friendly




Ton Roks
Ton Roks werkte meer dan 25 jaar voor het blad Autovisie, waarvan een groot deel als hoofdredacteur. In november 2012 vervulde hij een lang gekoesterde wens, hij begon een eigen autoblad: Octane, met een hoofdrol voor de klassieke auto – en een gezonde belangstelling voor interessante nieuwe auto’s.




Vorig bericht

'Een Lamborghini Espada, geparkeerd naast de fritestent in het dorp waar ik vandaan kom’

Volgend bericht

Bentley Bentayga, snelste SUV ter wereld




Uitgelicht

'Een Lamborghini Espada, geparkeerd naast de fritestent in het dorp waar ik vandaan kom’

Noorwegen is niet het land van de klassieke auto’s, dacht ik altijd. Het is niet zo 'actief' is als Groot-Brittannië of Duitsland,...

7 September 2015

Webdevelopment