Laatste nieuws

DE SOORT DER SERIËLE AUTOLIEFHEBBERS

Octane Auto's / Slider / 13 oktober 2020

Ton Roks rekent zichzelf tot de soort der seriële autoliefhebbers; zijn derde Alfa Romeo Giulia, een 1300 IT uit 1969, is een blijvertje. Bij hem, of bij zijn vrouw. 

Klassieke toerwagens met iets pittigs onder de motorkap draag ik minstens zo’n warm hart toe als sportwagens. Als 18-jarige stond een Giulia hoog op mijn verlanglijst, een Sprint GT of Berlina, evenals een Volvo Amazon met de snelste motor, de 123 GT. Met stalen wielen, wel verbreed natuurlijk. Er was een bedrijf dat dat klusje deed, ze lasten er daar gewoon een ring in, waardoor je zo’n mooi diep wiel kreeg, zoals de Triumph TR6 af-fabriek al had. Dat stond de Amazon heel goed. Ik had ook een zwak voor de Dolomite Sprint, mijn eerste nieuwe auto was een Dolomite 1850 HL, een knalgele, voorafgegaan door onder meer een gebruikte BMW 1602 en Simca Rallye I.

De Triumph was geleverd op Dunlops met een kunststof karkas, dat was iets nieuws toen. Mijn Dolomite had zo lang op voorraad gestaan bij de dealer of importeur dat de banden hun vermoeide schouders zo lang hadden laten hangen, dat ze niet meer rond wilden worden.

Niet erg, ik heb er mooie lichtmetalen wielen voor gekocht, kon er meteen ook wat breder rubber op. Verder is het een mooie relatie geworden, ik had er ook een sport uitlaat onder, van SAH, waar op een gegeven moment allemaal stukjes metaal uit vlogen. Dat was het binnenwerk, niet erg, hij klonk er alleen maar beter door. Het afscheid was pijnlijk. In Frankrijk, op weg naar het filmfestival van Cannes en wat stralen zon, vloog een dame tijdens een afdaling uit de bocht en boorde zich in mijn Triumph, die vernoemd was naar de Dolomieten maar zijn einde vond in de Alpen. Niemand gewond gelukkig. De Triumph wel, hij had een knik in het dak, was krom door de klap. Hij is nog gerepareerd, maar nooit meer de oude geworden. Ik had er echter geen genoeg van, daarna is er nog een Dolomite gekomen, een Sprint, met zestien kleppen, bediend door één nokkenas.

Het was een rode, die me ook uitstekende diensten heeft bewezen. Ik kan kennelijk maar moeilijk definitief afscheid nemen van auto’s waaraan ik ooit mijn hart heb verpand, want vele jaren daarna liep ik tegen een groene Sprint aan die er erg goed uitzag, en die heb ik gekocht. Ik heb er voor flink wat geld aan laten verspijkeren om hem zo betrouwbaar mogelijk te maken, want ik wilde er weer véél mee rijden. Is niet gelukt, alles waar British Leyland om bekend stond, is de revue gepasseerd.

De Amazon is er nooit gekomen, dat knaagt een beetje. Datzelfde geldt voor de Giulia Sprint GT. Er zijn wel twee ‘gewone’ Giulia’s gekomen, een keer een 1300 TI en een keer een 1600 Super, beide ‘ period modified’. Dat betekent dat er dingen aan gedaan waren die eind jaren ’60, begin jaren ’70 ook gedaan werden toen die Alfa’s op de gebruikte markt niet al te duur waren. Er ging dan een 2,0-liter motor in, van de 2000 Berlina, en uiteraard schroefde je er ook het langere differentieel van die auto onder. Dan had je een lekker rappe Giulia, die bovendien niet onnodig veel toeren maakte.

Ik ben me inmiddels gaan realiseren dat ik tot de soort der seriële autoliefhebbers behoor. Ik heb geen behoefte aan een collectie, maar vind het wel leuk een toffe klassieker een paar jaar heel veel te gebruiken, hem dan te verkopen en een volgende van vergelijkbaar of hoger kaliber aan te schaffen. De affaire met die eerste Giulia is kennelijk te kort geweest, want jaren daarna heb ik er weer een gekocht, een witte 1600 (de DB-BD-50 hierboven) , ook met de motor en het diff van een 2000 Berlina.

En ja, onlangs ben ik opnieuw voor een Giulia gevallen, een 1300 TI van ’69, een ongerestaureerde (maar wel opnieuw gespoten), 32 jaar van dezelfde eigenaar geweest, met een aangepast onderstel en lichtmetalen wielen van Alfaholics. Onder de motorkap ligt natuurlijk een tweeliter, volgens de uitdraai van de rollenbank goed voor 130 pk, en hij heeft uiteraard een lang differentieel, met sper zelfs. Hij rijdt geweldig goed, met een perfect schakelende bak, ook de II, waarvan de synchro mesh het bij deze Alfa’s weleens wil begeven. Het is deze keer een blijver, wat niet wil zeggen dat ik hem nooit verkoop. Mijn vrouw is ook een fan van Giulia’s, en ze heeft gezegd dat zij hem koopt als ik het ooit in mijn hoofd haal hem weg te doen.

OCTANE AUTO’S / Updates door stafleden, medewerkers en lezers

Alfa Romeo Giulia 1300 TI (1969)

Ton Roks


Tags: , , , , ,



Frank Goedhart
Frank's interesse in klassieke auto's en autosport komt ruimschoots aan bod: samen met lezers zorgt hij voor nieuws op Instagram, Facebook, LinkedIn en de website van Octane.




Vorig bericht

Het zoete leven op het water met een Riva 

Volgend bericht

Een privé-editie van de Zoute Grand Prix





Bezoekers lazen ook


Meer historie

Het zoete leven op het water met een Riva 

Waarom zou een connaisseur uit de wereld der klassieke auto's zijn interesse deels verleggen naar klassieke boten? Weleens...

12 October 2020