Laatste nieuws

Fiats elektrische 500: om te koesteren

Rij-impressies / 21 december 2020
In Italië zijn ze blij, en met reden. Niet alleen omdat de geliefde 500 met de komst van een 100% elektrische versie klaar is voor het volgende decennium. Nee, de Fiat die het naoorlogse Italië betaalbare wielen heeft gegeven, is terug in zijn geboorteland en ook dat is reden tot grote vreugde. De elektrische 500 wordt niet in Polen gemaakt zoals zijn benzinebroeders, maar in Mirafiori en is bovendien geheel in Italië ontworpen en ontwikkeld.

Voor alle duidelijkheid: de nieuwe 500 op deze pagina’s, de ‘E’, is er alleen met elektrische aandrijving. De oude 500 blijft echter gewoon in productie, met benzinemotor en eventueel hybride-ondersteuning. De E is een tikje groter dan de ‘oude’ 500, die qua design overigens nog zo fris en fruitig is dat het voelt als een groot onrecht om hem ‘oud’ te noemen. De verschillen tussen de twee 500’s? De E is 61 millimeter langer, 65 breder en 40 hoger dan zijn oudere broer. De wielbasis is 39 millimeter groter, wat ten goede komt aan de binnenruimte. Je ziet het verschil eigenlijk pas als de twee naast elkaar staan. Vrees dus niet: de grotere E heeft niets aan charme ingeleverd, hij ziet er nog steeds zeer aantrekkelijk en knuffelbaar uit, is nog immer heerlijk compact en lijkt nog steeds heel sterk op zijn overgrootouders, die inmiddels dik in de zestig zijn. Het is wonderlijk hoe goed de hoofdlijnen van de 500 van toen de tand des tijds doorstaan hebben.

Fiat beseft terdege wat de krachten de 500 zijn en doet zijn best die uit te bouwen. Een van de bewijzen daarvan is de komst van de 500E 3+1, een versie met een extra portier aan de rechterzijde. Deze is op geraffineerde wijze in de carrosserie ondergebracht, zoals we in het verleden bij ondermeer de Mazda RX-7 en Mini hebben gezien. Dat extra portier maakt de achterbank veel gemakkelijker toegankelijk voor ouders die hun kroost in een kinderstoeltje willen sleutelen. Dat verhoogt de aantrekkelijkheid van de 500 bijzonder.

Er zijn drie versies van de E, de Berlina, de Cabrio en de 3+1. De vanafprijzen zijn achtereenvolgens € 24.900, 31.600 en 30.600. Kies je voor een 500E met alle opties, dan kom je uit op achtereenvolgens € 35.900, 38.900 en 37.900. Die tarieven zijn een stap omhoog ten opzichte van de conventionele 500, maar liggen redelijk in lijn met concurrenten als de Mini Electric en Peugeot E-208.

Zodra je in de 500E bent gestapt, zie je dat Fiat met hem een flinke stap up market heeft willen maken, waar hogere winstmarges mogelijk zijn. De afwerking is indrukwekkend, mooie materialen, dunne en strakke lijnen tussen de carrosseriepanelen, fraaie details en veel moderne techniek, zelfs bij de ‘goedkope’ Action. Parkeersensoren behoren tot de vanzelfsprekendheden evenals 50 kW laadsnelheid, contactloos openen en sluiten van de portieren, een aanraakscherm van 7 inch, een automatische noodremfunctie met voetgangers- en fietsersdetectie, intelligente snelheidsassistentie met herkenning van verkeersborden en rijbaanbewaking.

Wie meer wil, moet voor de 500E La Prima gaan die zich met 85 kW laat laden en ondermeer voorzien is van LED koplampen, 17 inch lichtmetaal, een groter aanraakscherm, een achteruitrij camera, automatische wissers en airco. Kortom, je kunt zo ‘premium’ gaan met de E als je maar wilt.

Alle 500E’s hebben een 118 pk elektromotor dwars voorin die de voorwielen aandrijft plus een 42 kWh accupakket waarmee je volgens de WLTP-maatstaven 320 kilometer kunt afleggen, in de stad zou zelfs 460 kilometer mogelijk zijn. Er is echter ook een instap-versie, Action genaamd, waarin je met 92 pk aan de start komt, en een 23,8 kWh accu aan boord hebt, genoeg voor minstens 180 WLTP-kilometers, mogelijk zelfs 240 in de stad. Beide 500E’s sprinten in 9,0 seconden van 0 naar 100 km/h, ondanks het verschil in vermogen. Hoe dat kan? De Action is 100 kilo lichter door zijn kleinere accu. Fiat NL verwacht overigens van de krachtigste E de meeste exemplaren te verkopen.

Hoeveel de elektrische 500’s wegen? Een ‘fully loaded’ 500E brengt 1365 kilo op de schaal, wat zo’n 350 kilo meer is dan een 500 op benzine.
Je zit vrij hoog in de E, net zoals in alle Fiats, maar de positie ten opzichte van stuurwiel en pedalen is okay en je hebt meer beenruimte dan in een benzineversie. Het is nog steeds geen volwaardige vierzitter, althans voor volwassenen, maar dat viel te verwachten – de 500 is immers korter dan een Clio of Fiesta. Het dashboard straalt meer klasse uit, alles is beter gerangschikt en beter afleesbaar op de twee grote schermen, een achter het stuur met de snelheid en dergelijke, en een midden in het dashboard voor legio andere functies.

Het gehele aandrijfsysteem bevindt zich voorin, onder de motorkap, die dus nog steeds een echte motorkap is. De 500E trekt lekker rap op, net zoals elke elektrische auto, met een zacht zoemend geluid, en koppel is er altijd en overal. In het stadsverkeer beweegt hij zich net zo rap en behendig als muis in een provisiekast. Je voelt geen aandrijfkrachten in het stuur en als geheel slaagt de nieuwe Fiat de verfijnde indruk die maken die bij zijn prijsniveau hoort. Vanwege het hogere gewicht is de E iets straffer geveerd en gedempt, wat je voelt op een slecht wegdek, maar elders rijdt hij net zo comfortabel als zijn familieleden.

Je kunt kiezen uit drie rijstanden. In Normal rijdt hij net zoals een conventionele auto, in Range heb je een onverwacht sterk regeneratief remvermogen en is hij – als je een beetje je best wenst te doen – met één pedaal te rijden. Dan is er ook nog een eco-stand waarin het energieverbruik wordt getemperd, handig als je hoge kWh-nood hebt. Om onnavolgbare redenen wordt die rijdmodus bij de 500E ‘Sherpa’ genoemd.

Een heel geslaagde en aantrekkelijke elektrische stadsauto, dat is de Fiat 500E zonder meer. Hij is in alle opzichten zo af dat hij bijna een klasse op zich vormt. Zijn enige concurrent met een vergelijkbare hoeveelheid cool en ook een iconische historie is de Mini Electric, die echter qua bereik niet in zijn buurt komt. De 500 is Fiat’s meest succesvolle model en nu er ook een elektrische versie is, is hij er klaar voor om tot in lengten van dagen gekoesterd te blijven worden. Net zoals Amarone, Formaggio Parmigiano en Aceta Balsamico.


Tags: , ,



Ton Roks
Na 25 jaar in de autojournalistiek vervulde Ton Roks in november 2012 een lang gekoesterde wens, hij begon een eigen autoblad: Octane, met een hoofdrol voor de klassieke auto – en een gezonde belangstelling voor interessante nieuwe auto’s.




Vorig bericht

Classic Copper Chevrolet Camaro RS

Volgend bericht

Herinneringen aan de Ferrari 599 GTO





Bezoekers lazen ook


Meer historie

Classic Copper Chevrolet Camaro RS

Toen Brian McCarson uit Arizona begin dit jaar de restauratie van zijn prachtige rode BMW 2002 ‘Roundie’ voltooide, was hij ook bezig...

18 December 2020