Laatste nieuws

Gekkenwerk in Le Jog

Man & Machine / 24 december 2021

Le Jog staat bekend als de zwaarste klassiekerrally van Europa. Dat heeft Joost Bolwidt en Eric van Straaten er niet van weerhouden om de uitdaging aan te gaan en de grote afstand van Land’s End naar John O’Groats, af te leggen – in een Eend.

“Al sinds de midden jaren negentig staat Le Jog heel hoog op mijn bucketlist. De zwaarste klassiekerrally van Europa, van het zuidelijkste puntje van Engeland naar het noordelijkste stukje van Schotland. En dat allemaal in een tijdsbestek van nog geen 72 uur waarbij de deelnemers niet veel meer dan tien uur slaap krijgen. Als ik het zo opschrijf, klinkt het als gekkenwerk. En eerlijk gezegd; dat was het ook!

In 2020 besloten Eric en ik dat het er maar eens van moest komen. Na onze ervaring in de Tulpenrallye, de Classic SLS, de Wintertrial (2x) en vele andere Nederlandse ritten schreven we ons in voor LeJog.

Het kon toch niet onze bedoeling zijn LeJog te gaan rijden met een Citroen 2CV AZAM6?

Vrij snel na onze inschrijving nam de Engelse organisatie contact met ons op. Of we het inschrijfformulier wel goed hadden ingevuld en of we wel begrepen waarvoor we ons hadden ingeschreven. Het kon toch niet onze bedoeling zijn Le Jog te gaan rijden met een Citroen 2CV AZAM6 uit 1965 met maar 602 cm3 onder de gebolde motorkap. Toen ik vertelde dat dat zeker wel de bedoeling was, bleef het even stil aan de andere kant van de lijn. In de hele geschiedenis van Le Jog had er nog nooit een auto meegedaan met een kleinere motorinhoud dan 1200 cm3. Het gesprek werd beëindigd met mijn pleidooi dat het goed zou komen en dat we bij ons volle verstand waren.

Na een lange voorbereiding, die onbedoeld een jaartje langer werd door Corona, was het dit jaar op 1 december eindelijk zo ver. De Eend was er helemaal klaar voor. Alles was nagekeken en de sporen die twee deelnames aan de Wintertrial hadden achtergelaten waren vakkundig uitgewist. Nieuwe schokdempers, nieuwe uitlaat en dynamo plus een gereviseerde startmotor. Een nieuwe brandblusser en nog wat zaken die de Engelsen verplicht stellen zijn ook aangeschaft. We hebben de verlichting nagekeken en hebben de Eend nog even voorzien van een fris laagje lak.

De start van Le Jog is altijd in Land’s End. Dat ligt voor ons Nederlanders niet naast de deur. Op 1 december ging de reis van Haarlem naar Folkestone. We besloten de reis naar de start rustig aan te doen. De rally zelf zou al zwaar genoeg worden. Onderweg, ergens in België, bleek de benzinemeter het begeven te hebben en dus werd er snel gerekend; wanneer hadden we getankt en hoe ver konden we nog doorrijden. Het antwoord kwam vijf kilometer voor het door ons bedachte benzinestation. Een lang verhaal kort; een rekening van € 280,- voor het wegslepen en een volle tank plus (nu wel) een volle jerrycan later konden we onze reis vervolgen. Als dit een voorbode zou zijn…

Op 2 december ging de reis vanuit Folkestone verder. Kort voor vertrek had Boris Johnson aangekondigd dat de regels met betrekking tot Corona werden aangescherpt en dus reden we via Maidstone, waar we een PCR-test ondergingen, naar de eindbestemming van de dag, Land’s End. Zonder problemen arriveerden we daar en konden we meteen door naar de ‘scrutenering’. Ook hier dacht men dat we een grap uithaalden; Le Jog met een Eend. Een strenge blik van de Engelse keurmeester en een aantal handtekeningen verder was de eerste hobbel genomen. Goedgekeurd. De ‘sound test’ die daarna volgde was meer voor de vorm dan dat men echt dacht dat er te veel geluid uit het pruttelende motortje zou komen. Aan het einde van de avond kwam het verlossende mailtje; het resultaat van de PCR-test was negatief en voor ons kon Le Jog beginnen. In de ‘Last en First Inn’ werd die avond een heerlijke burger gegeten, met een aantal andere Nederlandse deelnemers.

Vrijdagochtend 3 december was het zaak op tijd bij het Land’s End Hotel te zijn. De briefing en het uitreiken van de routeboeken voor dag één stonden op het programma. Buiten kwam de regen horizontaal langs de ramen en hoorde je de wind om het hotel gieren.

Het intekenen van de route kost tijd. In Engeland hanteren ze een ander systeem en is het meer ‘straight on’ dan we in Nederland gewend zijn. Geen ingetekende fietsjes of in Photoshop aangepaste wegen. De kaart is de kaart en de route is de route. De route bestaat uit verbindingsetappes, regularities, jogularities en testjes. Samen met een aantal Nederlandse equipes hebben we de door ons ingetekende routes doorgelopen. Je kan maar beter de juiste route rijden. Tijdens de regularities moet je het toch zelf doen. Na een gezamenlijk diner zocht iedereen vroeg zijn bed op, ook omdat het tijdens de briefing nog maar eens werd herhaald door de organisatie: “Slaap de komende dagen wanneer dat kan, tank als dat kan, ook al zit de tank nog voor de helft vol en eet en drink wanneer dat kan. Je weet namelijk nooit wat er komen gaat.”

Zaterdagochtend was het dan zo ver. De Eend en wij waren er klaar voor. Om precies 07:50 reden we onder de startboog door en begonnen we meteen met een testje op het terrein van Land’s End. Heel houden is het devies op dit soort testjes. Je kan er meer verliezen dan winnen.

Daarna ging het via een verbindingsetappe (we moesten immers een hoop kilometers afleggen) naar de volgende testjes en de eerste regularity. Die laatsten zijn voor de navigator een heleboel werk; de route in het routeboek, veel verschillende gemiddelde snelheden en een uitgeschreven route die zegt wat je allemaal tegenkomt onderweg en hoe laat je daar moet zijn (200 meter rode postbus bij 0:42 seconden, etc.). En dan willen ze ook nog wel eens de uitgeschreven aanwijzingen laten afwijken van de kaart in het routeboek zodat je even in verwarring raakt. Daarnaast mag je geen tijd inhalen. Ben je bij het eerste timing point te laat, dan moet je vervolgens die tijd meenemen naar het volgende. Maar de afwijking die je daar oploopt moet je weer verrekenen met de eerder opgelopen afwijking. En dat dan in een regularity van zo’n 30 tot 60 kilometer met verschillende tijdcontroles. Elke controle is bemand dus de vertraging die je daar oploopt met het overhandigen van je controlekaart is zo al 30 seconden. Kostbare tijd. Volgt u het allemaal nog? En oh ja, de gemiddelde snelheid is vaak tegen de 50 km/h, dus dat is doortrappen.

Na vele testjes en regelmatigheidstests kwamen we aan in Exeter voor de verlate lunch; eten en weer door. Le Jog kenmerkt zich door een moordend tempo.

Bij Bristol reden we Wales binnen. Daar stond de voor Le Jog bekende ‘Nacht door Wales’ op het programma. Een sectie met alleen maar tijdcontroles (TC’s) achter elkaar. Om de paar minuten een TC en dat voor een paar uur lang, door de donkere nacht, op de meest kleine weggetjes die de organisatie heeft kunnen vinden. En het gaat hard; de gemiddelden liggen zo hoog dat eigenlijk bij iedere equipe het motto is strafminuten gaan we oplopen maar laten we de schade beperken’.

Bij de zevende TC kwamen we al remmend vol in een gat in de weg terecht.

Geen van de deelnemende equipes is zonder strafpunten uit deze slopende nacht gekomen. Al bij de eerste TC waren wij 30 seconden uit de pas gelopen en dat zou de volgende TC’s alleen maar erger worden. Bij de zevende TC kwamen we al remmend vol in een gat in de weg terecht. Een wiel was zo beschadigd dat we het in de auto al hoorden: een lekke band. In de stromende regen in het pikkedonker op een weg waar dat eigenlijk helemaal niet kan hebben we snel het wiel gewisseld. Dat kostte ons 11 minuten. Snel reden we door. Na een paar TC’s, waarbij we ook wat strafminuten hij elkaar sprokkelden, liepen we meer dan een half uur uit de tijd en was deze sectie voor ons gedaan. Meer dan een half uur te laat komen is hetzelfde als de controle niet aangedaan hebben, dus doorrijden was zinloos. We besloten een deel van de route af te snijden om zo weer op tijd bij de laatste TC te komen.

Om 04:30 kwamen we aan in het hotel in Chester. Bekaf maar voldaan. In totaal die dag 21 uur onderweg geweest. Gekkenwerk.

Zondagochtend 5 december ging om acht uur de wekker. Een paar uurtjes slaap hadden ons echt goed gedaan en er stond een relatief korte dag op het programma. Om 10:20 zijn we gestart we en hebben we meteen tempo gemaakt. De omgeving was prachtig en langzaam trokken we via de westelijke kant van het continent naar het noorden. Onderweg, in de meest kleine gehuchten, stonden de bewoners met een vuurkorf buiten om te juichen voor elke auto die voorbij kwam razen. Via de oostelijke kant langs het Lake District en Hadrians Wall ging het die dag verder.

Om een uur of tien kwamen we aan bij het hotel in Newcastle. We hadden op dat tijdstip geen garage gevonden die ons kon helpen met een binnenband in het beschadigde wiel. Bij het licht van de overkapping van een benzinestation hebben we de carburateur uit elkaar gehaald. De Eend was een beetje humeurig en bokte en schokte wat. Een vuiltje in de sproeier van de eerste trap bleek het euvel te zijn. Aangekomen bij het hotel stond de parkeerplaats vol met auto’s waaraan op dat late tijdstip nog driftig gesleuteld werd. Inmiddels hadden een aantal equipes de rally al verlaten door materiaalpech of bollende ruiten. Wij wilden nog maar één ding; naar bed. Het zou de laatste overnachting zijn voordat we John O’ Groats bereikten.

Op 6 december was het weer vroeg dag. Om 07:50 uur gingen we van start en wurmden we ons door de spits naar de locatie van de eerste paar testen. Dat je daar meer kon verliezen dan winnen zagen we aan een Mini op de krik en ook aan een Volvo waaraan werd gesleuteld. We besloten de strafseconden maar op te lopen en wilden vooral de boel heel houden en heel aankomen.

Ook vandaag stonden er weer heel wat regelmatigheids-etappes op het programma. We reden langs de oostkust richting Edinburgh en staken om een uur of drie de Forth Bridge over om aan de andere kant van de brug te lunchen bij het Double Tree by Hilton. De sfeer was gespannen. Alle deelnemers wisten dat ze nog zo’n 20 uur voor de boeg hadden. Snel vergeleken we met wat Nederlandse deelnemers de laatste ingetekende routes.

De route was en bleef prachtig alhoewel we er steeds minder van zagen, want het was donker en koud. Gelukkig hadden we stoelverwarming in de Eend ingebouwd waarmee we het een beetje warm hielden. Door het, bij daglicht, prachtige Cairngorns National Park ging de route naar Aviemore, niet ver van Loch Ness. Om middernacht kwamen we aan bij het hotel, maar slapen zat er niet echt in. We aten wat en probeerden in de lobby van het hotel even de ogen te sluiten. Dat gaf een idioot beeld, slapende mannen op de grond, op een stoel, bank of onder de kerstboom….

Om 02:00 weer op weg met een loodzware nacht en ochtend in het vooruitzicht. Buiten was het inmiddels gaan vriezen met spiegelgladde wegen als resultaat. Als eerste gingen we op naar de oevers van Loch Ness voor een monster-regularity van 105 kilometer. Traditiegetrouw zou deze het klassement nog volledig opschudden. Amper een paar kilometer onderweg glibberden en gleden we steeds meer over de kleine weggetjes rond het Loch. De route liet ons over een flinke heuvel rijden en daar, zo tegen half drie, ging het mis. De Eend redde het niet heuvelop en de banden kregen geen enkele grip. Ik ben snel uitgestapt om op de voorbumper staan om zo meer grip op de voorwielen te creëren. Helaas. We gleden langzaam richting de zijkant van de weg en met twee wielen in de berm kwamen we geen steek verder. Het bleek dat we niet de enigen waren want vele auto’s redden het niet. Sommigen hebben de weg volledig geblokkeerd en zo was er binnen een kwartier een flinke file ontstaan. Niemand kwam meer omhoog en al snel werden de sneeuwkettingen gepakt bij equipes die deze bij zich hadden. Achter ons stond een Duitse auto waarvan de bestuurder stond te stoeien met de kettingen die nieuw uit de verpakking waren gekomen en de navigator gaf de omstanders een spoedcursus vloeken in het Duits. Voor deze equipe was John O’ Groats nog heel ver weg.

We gleden langzaam richting de zijkant van de weg en met twee wielen in de berm kwamen we geen steek verder.

Enkele equipes haalden de top maar het grootste deel had hier een voorlopig Waterloo gevonden. Na een uurtje koukleumen kwam de organisatie met het verlossende woord; het monster van Loch Ness was deze keer te sterk gebleken. We maakten rechtsomkeert en dropen af. Op naar de volgende tijdscontrole waarbij we dus de rest van de test lieten voor wat het was.

Toen we bij de TC aangekomen waren, was het een drukte van belang; hier en daar wat schade aan blik en vooral veel gekneusde ego’s. Er was weinig tijd om bij de pakken neer te zitten want de volgende regularities stonden op het programma. Inmiddels was het een uur of vijf in de ochtend geworden en moesten we nog zeker zes uur door voordat we in John O’Groats aan zouden komen.

Bij de volgende regelmatigheidsproef gooide ik het tijdenboek al snel op de achterbank. Het was spekglad en Eric kon de Eend amper op de weg houden. Geregeld zag ik de weg voor me door de zijruiten van de Eend. Een gemiddelde van bijna 50 km/h was hier niet te doen. Om ons heen zagen we deelnemers waarvan de auto in de greppel was geëindigd met gelukkig alleen maar blikschade. Voor het eerst vroegen Eric en ik we ons hardop af waar we in vredesnaam mee bezig waren. Maar het motto bleef: heel houden en aankomen, niet meer en niet minder. Dat dit de meest zware klassiekerrally van Europa  is, bleken niet alleen maar woorden te zijn.

Enkele equipes waren nog in de race voor een medaille (de rally kent geen klassement maar een ingewikkeld systeem van medailles). Zo ook de Nederlandse equipe Wellink-De Goot. Bij de volgende regularity startten zij één minuut achter ons. Net na de start dwong de route ons een steile heuvel op. In een flits besloot ik dat het mooi was geweest. Als we vast kwamen te staan op de heuvel zou de achter ons startende equipe daar veel last van hebben. Zij konden nog een medaille winnen terwijl wij daar alleen maar konden verliezen. We hebben de regularity geskipt en zijn langs de A9 naar het Noorden gereden. Het was nog steeds pikkedonker, koud en langs de kant van de weg lag redelijk wat sneeuw. Het openhouden van de ogen werd steeds lastiger en het was langzamerhand steeds stiller geworden in de Eend.

Vijftig kilometer voor de eindstreep was de laatste TC. Het was dan 9 uur dus een ontbijt, een proef en een test restten ons nog tot de finish. Ook hier bleekt dat Le Jog een slijtageslag is. Enkele equipes hadden de nacht niet ‘overleefd’ en waren uitgevallen. Bij het wegrijden viel ons op dat de Eend een geluid maakte alsof er een bak knikkers in het carter ligt. Nee toch? We konden de finish bijna zien! Zouden we dan letterlijk in het zicht van de haven stranden? Snel haalden we de spatborden en kleppendeksels eraf. Alles leek oké. Maar wat was dat geluid dan toch? En dan ineens schoot ons te binnen dat bij het opbouwen van het blok bleek dat een nok op het vliegwiel heel soms iets tegen de koelbeplating van de cilinder aanliep. Niets ernstigs dus. Opgelucht hebben we alles in elkaar geschroefd en met enige vertraging zijn we op naar de finish gegaan.

Om 11:21 uur reden we in John O’ Groats onder de finishboog door en maakte enige emotie zich van ons meester. Moe maar heel erg blij! We hadden het gehaald, Eric, de Eend en ik.

’s Avonds was in Wick de prijsuitreiking, in smoking. Lang verhaal kort: een indrukwekkende ‘address the Haggis’ ceremonie en voor ons de prijs voor ‘Concours d’ Élégance’, verder stapten we rond middernacht in ons bed. De volgende dag zijn we ook nog even 600 kilometer terug naar Newcastle gereden, waar de boot naar Nederland lag te wachten.

Volgend jaar weer? Wie weet. Maar niet meer in de Eend. Dat trucje hebben we gedaan en we hebben laten zien dat het ook met 600 cm3, tegen alle verwachtingen in, toch kan. Maar een volgende keer zou iets meer auto om ons heen zou wel fijn en veiliger zijn.

Krijg je de kans Le Jog ooit te rijden? Doen!

Joost Bolwidt

MAN & MACHINE / Updates door stafleden, medewerkers en lezers

CITROËN 2CV AZAM6 (1965)

Een Octane Auto’s verhaal van Joost vind je hier: 2cvazam6


Tags: , , , , , ,



Frank Goedhart
Frank's interesse in klassieke auto's en autosport komt ruimschoots aan bod: samen met lezers zorgt hij voor nieuws op Instagram, Facebook, LinkedIn en de website van Octane.




Vorig bericht

Le Mans 1969 in 1:8

Volgend bericht

Missie volbracht!





Bezoekers lazen ook


Meer historie

Le Mans 1969 in 1:8

Op de foto’s is hij bijna niet van echt te onderscheiden; Amalgam Collection presenteert een buitengewoon gedetailleerd...

22 December 2021