Laatste nieuws

Het Ferrari archief van Jean-Louis Bezemer wordt geveild

Nieuwsberichten / 28 oktober 2020

In de rubriek Quality Time in Octane Magazine 028 deden wij verslag van een bezoek aan collectioneur Jean-Louis Bezemer, die ons een rondleiding gaf door zijn uitgebreide Ferrari archief; 1200 mappen met documenten gecatalogiseerd op chassisnummers, meer dan 1400 boeken over Ferrari en ongeveer 10.000 fotoafdrukken en dia’s. De collectie wordt geveild op 20-21 november 2020 bij Ni-Cola Classics (link). Voor ons een mooie gelegenheid om het interview over deze bijzondere collectie onderstaand nog eens te publiceren. 

QUALITY TIME met Jean-Louis Bezemer

TEKST Ton Roks // FOTOGRAFIE Piet Mulder (uit Octane Magazine 028)

Een instructieboekje voor een Ferrari 250 LM? Een conceptbrochure voor de 512S, die Ferrari uiteindelijk nooit heeft gedrukt? Noem maar iets op en Jean-Louis Bezemer haalt het tevoorschijn uit zijn levenswerk, een immens archief dat geheel aan Ferrari is gewijd.

Hij is een vriend van het merk, al meer dan een halve eeuw lang. Jarenlang hebben hij en Enzo Ferrari met elkaar Nieuwjaargroeten uitgewisseld. Ze hangen achter glas aan de wand in een van zijn archiefkamers, met echte handtekeningen van de grote man eronder, naast het overlijdensbericht van Enzo’s zoon Alfredo ‘Dino’ Ferrari.

Het hele huis van Jean-Louis Bezemer is gewijd aan Ferrari. Of woont hij zonder het zelf te beseffen in een archief? Tot die laatste vaststelling ben je geneigd als je bijna overal wanden vol rode boeken en ordners ziet met het cavallino rampante erop. Je loopt zelfs over posters en foto’s, want ze liggen op de vloeren, met dik doorzichtig plastic erover. “Zo blijven ze bewaard en heb je er toch dagelijks plezier van”, legt Bezemer uit.

Als je in de woonkamer en keuken komt, zie je dat de woning toch een echt thuis is. Echtgenote Juliette waakt erover, een beetje streng maar vooral liefdevol, dat een paar vertrekken 100% Ferrari-vrij blijven. Desalniettemin is ze er in al die jaren niet aan ontkomen dat de auto’s uit Maranello zich ook in haar geest hebben genesteld. Als Jean-Louis even weg is, neemt ze zo goed als naadloos de rondleiding over. Als Bezemer even later terug is en Juliette de keuken ingaat voor het maken van koffie vraagt hij of ik weet waarom hij met haar getrouwd is. Nee, dat weet ik natuurlijk niet. “Juliette is in 1947 geboren, het jaar waarin Enzo Ferrari zijn eerste eigen auto produceerde onder de naam Ferrari. En haar sterrenbeeld is schorpioen, net zoals Carlo Abarth, ook een favoriet merk van me”, lacht hij.

Hoewel hij veel om Ferrari geeft, staat hij er niet volkomen kritiekloos tegenover. “Ik vind het heel erg jammer dat Ferrari de eigen archieven niet of nauwelijks openstelt voor anderen om onderzoek te doen naar de historie van het merk of van een specifiek model. Het gebeurt hoogst zelden dat iemand ze mag bezoeken of iets mag inkijken. Dat vind ik niet passend naar al die liefhebbers en eigenaren van auto’s die het naadje van de kous willen weten. Ik stel graag materiaal uit mijn archief beschikbaar. De deur staat natuurlijk niet voortdurend open, dat kan niet, maar als ik merk dat iemand een serieuze liefhebber is, zal ik altijd mijn best doen om te helpen. Mijn passie voor Ferrari is blijvend door de prachtige auto’s, de geweldige historie, de gewonnen races, het schitterende geluid van de V12 en de talloze vriendschappen die ik met andere liefhebbers heb opgebouwd in binnen en buitenland”.

Daarmee spreekt hij geen loze woorden. In meerdere boeken over Ferrari kun je zijn naam aantreffen bij die van de mensen die er medewerking aan hebben verleend – of kun je foto’s tegenkomen met ‘Archief Jean-Louis Bezemer’ erbij, zoals recentelijk nog in het werk ‘Drogo. Official Coachbuilder of the Scuderia Ferrari’ van Jack Koobs de Hartog en Marc De Rijck.

De liefde voor Ferrari zit er al sinds zijn twaalfde in, toen reed hij met zijn vader door België en stuitte ter hoogte van Francorchamps op een wegafsluiting. Dat was natuurlijk voor de trainingen van een race. ‘We gingen even kijken en toen kwam er een Ferrari de bocht om stuiven. Het was een 500 F2, met een Lampredi viercilinder, en Alberto Ascari aan het stuurwiel. Dat maakte zo’n indruk op me dat Ferrari van toen af voor altijd mijn grote ideaal is gebleven”, vertelt Jean-Louis. Hij stortte zich op Dinky Toys, daarna op boeken en brochures. Hij bracht in de jaren ‘60 bezoeken aan de Tour de France Automobile en maakte vele reizen naar zijn mekka: Maranello. Daar kwamen vriendschappen uit voort over de gehele wereld, met mensen die zijn passie deelden en natuurlijk ook met coureurs. “Jackie Ickx, Jan Lammers, Guido van der Garde en Gijs van Lennep, dat zijn de alleraardigste”, vindt Jean-Louis.

Hij wist ook hechte banden aan te knopen bij de fabriek, zoals met Enzo’s vertrouweling Franco Gozzi, en met Enzo’s secretaresse Brenda Vernon, waardoor hij zich van een gestage stroom fabrieksdocumentatie verzekerd wist. Zijn verzameldrang was op een gegeven moment zo groot dat de bodem van de caravan, waarmee het gezin op weg naar huis was na een vakantie in Italië, doorzakte onder het gewicht van de boeken en tijdschriften die hij op de kop had getikt.

In zijn werkende leven – hij fabriceerde meubelen en ontwierp ze later ook – verwierf Bezemer voldoende middelen om niet alleen maar naar Ferrari’s te verlangen, maar ook om ze aan te schaffen. Zijn eerste was een 330 GTC, gekocht voor 25.000 DM. Er volgden er nog meer: diverse 330 GT’s en GTC’s, een 308 GT4 en twee 250 GTE’s. De laatste, die nu eigendom is van zijn zoon, was een groen metallieke, een bekende auto waarmee Jean-Louis zich op vele evenementen en concoursen heeft laten zien. Het spreekt voor zich dat hij een veelgevraagd jurylid is en als een beurs of concours d’elegance ‘iets’ wil doen met Ferrari’s, is Bezemer de eerste die gevraagd wordt en zich altijd bereid verklaard om te helpen.

Hoe zeer hij ook van Ferrari’s houdt, hij sluit zeker zijn ogen niet voor andere merken, gaat zelfs geregeld in showrooms kijken om op de hoogte te blijven van al het nieuws op de markt, zelfs bij Volkswagen of Skoda. Aan de Bentley Continental GTC die hij nu rijdt, zijn allerlei exoten vooraf gegaan zoals een Abarth 1000 Bialbero Corsa (nu in de collectie van de Japanse verzamelaar Shiro Kosaka), een Alfa Romeo 1900 Super Sprint met een carrosserie van Touring, een De Tomaso Mangusta, een Lamborghini Miura en een Bizzarrini P538 Spider met een V12 van Lamborghini, een restauratieproject en een buitengewoon zeldzame auto, waarvan er naar verluidt slechts twee zijn gebouwd.

Zijn fijnste auto? Jean-Louis aarzelt geen moment: “De Ferrari 250 GTE, voor gewoon op straat is hij zo fijn, een echte wolf in schaapskleren. Als hij goed in orde is, en dat zijn er maar weinig, is het een fantastische auto. Wil je ook weten welke racer van Ferrari ik het mooiste vind? Nee, niet de 250 GTO, bij de 250’s prefereer ik de Short Wheel Base. Maar de allermooiste Ferrari is de 330 P4, dat is zo’n schitterende machine”.

Zijn vrouw Juliette doet ook een duit in het zakje, een ondeugende. “Mijn fijnste Ferrari is de Fiat Dino Spider. We hebben er een gehad en daarmee hebben we zo veel gereden. wel 20.000 kilometer, rallies, reizen, van alles. De versnellingspook werd soms zo heet dat je hem bijna niet meer kon vasthouden. Maar hoe heter hij werd, hoe lekkerder die Fiat reed.” Ironische opmerkingen zijn niet op hun plaats over de Fiat die door Juliette ‘mijn fijnste Ferrari’ wordt genoemd, want zoals we allemaal weten, waren de Dino Spider’s uitgerust met de 2,0-liter V6, die door Ferrari voor de Formule 2 was ontwikkeld, en die ook een weg naar de kleine Ferrari met de naam ‘Dino’ vond.

Als je een vraag stelt aan Jean Louis Bezemer, is het alsof je op de startknop van een Ferrari drukt, je krijgt meteen iets moois te horen. Zoals over die grote zwart-wit foto van James Dean, die in zijn werkkamer hangt. De filmster zit in een open sportwagen. “Kijk, die foto zag ik hangen bij een man die in Porsche’s deed. Hij zei dat James op de foto in een Porsche RSK zit, daarom had hij hem in zijn zaak opgehangen. Maar ik zag ik dat Dean niet in een Porsche zit, maar in een Ferrari, een 500 Mondial. Die opname is gemaakt in mei 1955, in Santa Barbara, toen was de auto daar voor de Six Hours of Torrey Pines. Het is de 500 Mondial Spider van John von Neumann. Dat was in de tijd dat de film East of Eden werd gemaakt. Dean mocht toen zelf niet racen, om geen risico’s met de opnamen te lopen. Ik heb die man een andere foto aangeboden, met Gijs van Lennep erop in een Porsche, en we hebben geruild”.

Zijn  huis is een ware schatkamer. Je handen gaan jeuken als je op de ruggen van de vele mappen kijkt, 250 LM, 250 GTO ’64, 166, F12 TdF, 330 P4, overal is wel iets te zien wat onmiddellijk de interesse wekt. In dit archief wil je dagen, weken doorbrengen, om alles te bekijken en door te bladeren, en dan asiel aan te vragen. Bezemer weet precies wat hij heeft, maar zoals het een goede documentalist betaamt, heeft hij genoteerd waar wat inzit, inclusief de 54 plastic containerboxen met negatieven, owners en service manuals, folders, persmappen, USB-sticks met Ferrari logo, DVD’s, CD’s en kleurstalen uit vervlogen tijden.

Wat heeft hij nu precies, in aantallen? “De laatste keer dat ik telde, had ik 1300 boeken met ‘Ferrari’ in de titel, ik denk dat ik alles heb dat ooit over Ferrari is geschreven, plus zo’n 1200 mappen met daarin 180.000 documenten van allerlei aard. Clubbladen heb ik ook, heel veel jaargangen, natuurlijk van Gli Amici della Ferrari uit ons eigen land, maar ook van clubs uit Groot-Brittannië, Italië, Duitsland, Zuid-Afrika, Australië en andere belangrijke landen. Fabrieksuitgaven heb ik er zo’n 1400. De folder van de Ferrari 250 GT SWB heb ik in alle varianten en talen. Ik heb ook een owners manual van de 166 Mille Miglia plus een originele brochure, en een service manual voor de 512S, dat kom je ook niet vaak tegen”, vertelt Bezemer.

‘Als je hem een vraag stelt, is het alsof je op de startknop van een Ferrari drukt, je krijgt meteen iets moois te horen’

Hij stalt de boeken, instructie- en serviceboekjes met graagte uit voor de camera van fotograaf Piet Mulder. Bezemer beschikt zelfs over een ontwerp van een brochure voor de 512S. De brochure is echter nimmer afgemaakt en verschenen, niemand weet waarom – op de plekken die voor tekst waren bestemd, staan alleen maar strepen. Pronkjuwelen zijn de briefkaarten uit de prilste jaren van Ferrari als autofabrikant. “Dat waren de brochures van toen, eenvoudige zwartwitfoto’s die Ferrari verspreidde als er een nieuw model was uitgekomen. Ik heb ze van de 166 Inter en de 212 Export, super zeldzaam zijn die”.

Even later duikt hij een aantal bruine albums op, uit de jaren ’40 en 50, zo blijkt uit de jaartallen die er op staan, samen met het woord  Vittorie. “Kijk, dit is heel uniek. Die boeken zijn van de directie van Mondial Piston Co, het bedrijf dat zuigers voor Enzo maakte. Elke keer als een Ferrari een race had gewonnen, schreef Enzo een bedankbrief naar het bedrijf. Dat heeft hij jarenlang gedaan. Al die brieven zitten in deze boeken, gesigneerd en wel, dikwijls met een foto van de race erbij. Ik ben die boeken tegengekomen op een groot evenement in Engeland en heb ze meteen gekocht. Ze vormen een uniek document.”

Er hangt een Jan Cremer in de hal. Dat moet Jean-Louis even uitleggen. “Jan en ik kennen elkaar goed. Toen Enzo overleden was, heb ik hem gevraagd een schilderij voor mij te maken, met het steigerende paard, op het papier van enkele kranten met het nieuws van zijn dood. Dat heeft hij toen gedaan, maar hij vond het resultaat helemaal niks. Kijk, je kunt nog steeds zien dat hij zijn naam uitgeveegd heeft, maar later heeft hij hem er toch maar op gezet”, vertelt Bezemer. “Het verhaal is daarmee nog niet afgelopen. Jan heeft me daarna een tweede schilderij gegeven, om het goed te maken, ook over Ferrari, met het fotomodel Pietra Ferrari erin verwerkt. Volgens Jan staat er ook een groene Ferrari op, maar ik zie er een Daffodil in. Je kunt zien dat Jan veel meer inspiratie had toen hij het tweede schilderij maakte, waarschijnlijk doordat hij Pietra Ferrari als playmate in Playboy had gezien.”

Wat vind hij het sterkste punt van zijn archief? “Ik heb altijd de breedte opgezocht, ik heb me nooit geconcentreerd op één bepaald aspect, zoals sommige verzamelaars wel doen, maar ik ben altijd voor het totaal gegaan. Niet alleen de auto’s, maar ook de ontwikkeling van de fabriek, ik heb zelfs een hele rij mappen over alleen de trapauto’s en transportauto’s van Ferrari, plus ook de raceboten en horloges. De persoon Enzo Ferrari heb ik natuurlijk ook altijd heel goed gevolgd. Toen hij overleed, heb ik er meteen voor gezorgd dat ik alle Europese kranten te pakken kreeg waarin dat gemeld werd.”

Bezemer heeft ook collectie foto’s en negatieven opgekocht, zo’n 65.000 stuks, allemaal gedigitaliseerd. “Heb je een oude foto nodig van John Surtees, nu hij is overleden?”, vraagt hij, en zonder mijn antwoord af te wachten haalt hij een schitterende, heel sfeervolle plaat te voorschijn, van Surtees, die met een vulslang in de hand staat te wachten op de binnenkomst van teamgenoot Willy Mairesse in hun Ferrari 250P. Hij is genomen tijdens de 1000 Kilometer Race op de Nürburgring in 1963.

“Ga je nog iets schrijven over de de 330 P4 of de 512M?”, vraagt hij en nog voordat ik bevestigend kan knikken heeft hij een fraaie opname tevoorschijn getoverd van de rode racer, van boven gefotografeerd in de pitstraat van de Nürburgring. “Dat is de 512M van Herbert Muller en René Herzog, in 1971”, weet hij.

Bezemer is 77, zijn gezondheid laat te wensen over, en hij weet dat hij zijn levenswerk eerder vroeg dan laat in andere handen moet overgeven. “Ik heb een goed bod gehad op al mijn archieven, maar die man wilde alleen de boeken hebben, de rest zou hij gaan verkopen. Dat wil ik niet, als het even kan, gaat alles naar iemand die het allemaal bij elkaar houdt. Want het bij elkaar brengen van al dat prachtige materiaal, dat is nu precies waar ik zo’n groot stuk van mijn leven heb gestopt.”

Alle informatie over de veiling van het archief, die 20 en 21 november wordt gehouden vind u op: deze link


Tags: , , , , , , ,



Frank Goedhart
Frank's interesse in klassieke auto's en autosport komt ruimschoots aan bod: samen met lezers zorgt hij voor nieuws op Instagram, Facebook, LinkedIn en de website van Octane.




Vorig bericht

D8 GTO-JD70 R: krachtiger, sneller, veiliger

Volgend bericht

In 'Dakar Yellow' naar de Nordschleife





Bezoekers lazen ook


Meer historie

D8 GTO-JD70 R: krachtiger, sneller, veiliger

Donkervoort introduceert de nieuwe D8 GTO-JD70 R, een speciaal voor het circuit gebouwde Donkervoort die in vergelijking...

27 October 2020