Laatste nieuws

‘Je zou denken dat hij een afgetrapt hok kreeg, maar zijn lesauto was het splinternieuwe prototype van de Shelby Cobra!’

Alle columns / Jan-Bart Broertjes / 8 oktober 2019

Wie leest er nou nog een boek? Bijna niemand meer, maar als u deze column leest, dan is er nog hoop. Ik mag graag een half uurtje lezen voor het slapen, maar serieus kilometers maken lukt alleen in de vakantie. Ga ik naar de zon, dan neem ik een koffer met boeken mee, ga ik naar de stad, dan neem ik één boek mee en ga ter plekke op zoek naar een volgend. Het genre is zeer nauw omschreven: autobiografieën uit de autosport. Een raceverslag of een technische omschrijving van een auto is leuk, maar als ik lees, verplaats ik me graag volledig in de situatie. Dat gaat perfect als je mee kunt liften op de woorden van een coureur, monteur of techneut. Zo’n boek is voor mij de perfecte manier om mezelf naar een compleet andere tijd te teleporteren.
Ik begon deze vakantie met The Mechanic van Marc “Elvis” Priestley, de ex-McLaren monteur die daarna blogger en TV presentator werd. Het boek is onlangs in het Nederlands verschenen, titel ‘De Monteur’. Priestley verliet McLaren in 2009 en belooft ons een duik in de geheime wereld van de F1 pitstraat. Helaas is het geen al te diepe duik, de meeste geintjes en schandalen kende ik al. Het lijkt erop dat Priestley geen vijanden wilde maken, wat wel te begrijpen valt als je je brood verdient als F1-expert. Wel onderstreept zijn verhaal dat de racerij (zoals eigenlijk alle sporten) zodanig geprofessionaliseerd en verwetenschappelijkt is dat er weinig plek meer is voor verrassingen. Gewoon een saai boek dus, er zijn leukere boeken van oud-F1 monteurs, te beginnen met dat van onze eigen Armand Broekmans.
Verder terug in de tijd. Ik vond in een Londense boekwinkel ‘Inside Shelby American’, van John Morton. Als ambitieuze jongeling kocht Morton voor een habbekrats een oude Jaguar XK en meldde zich begin jaren ’60 bij The Carroll Shelby School of Driving. Daar aangekomen realiseerde hij zich dat die Jag wel erg gammel was en besloot een cursusauto te huren. Nu zou je denken dat hij een afgetrapt hok kreeg, maar niet was minder waar, zijn lesauto was het splinternieuwe prototype van de Shelby Cobra, chassis CSX2000! Gelukkig had John ervaring met karten en ook al wat geracet in een oude MG. Nadat hij de cursus succesvol had afgerond, durfde hij aan Shelby te vragen of die wellicht een baantje voor hem had. Zowaar, hij mocht aan de slag als bezemjongen. Met het succes van de Cobra’s en het raceteam promoveerde hij al gauw tot monteur en uiteindelijk tot coureur voor Shelby. ‘Inside Shelby American’ is een briljant geschreven boek vol geweldige avonturen. Ofwel Morton hield een dagboek bij, of hij heeft een fotografisch geheugen; hij weet allerlei details en anekdotes vanaf zijn vroegste jeugd op te lepelen en die lezen heerlijk weg.
Ik reisde nog dieper de historie in, met ‘Amateur Racing Driver’ van T.P. Cholmondeley Tapper. De ondernemende Thomas werd in 1910 geboren in Nieuw-Zeeland en verplaatste zich al ras op een zelf opgekalefaterde Douglas motorfiets. Op zijn 16e werd hij naar Engeland gestuurd voor een universitaire opleiding. Daar lees je verder niets over, maar wel dat hij zich bekwaamde in skiën en op zijn 21e een vijf jaar oude racewagen kocht. Het was een Bugatti Type 37 GP en zijn eerste wedstrijd was de heuvelklim van Shelsley Walsh. Thomas racete niet alleen in het VK, hij reisde ook af naar Duitsland voor de Kesselberg Rennen. Deze negen kilometer lange klim opende hem de ogen: in Europa waren de wedstrijden langer en de parcoursen veel uitdagender. Hij plande een Europese tournee met wedstrijden als de Grand Prix de la Frontières in Chimay en de GP op de Nürburgring. De Bugatti voorzag hij van een compressor, hij liet een speciale trailer bouwen en als trekauto fungeerde een niet geheel frisse Bugatti Type 40. Een paar studievrienden fungeerden als helpers.
Onbetaalbaar is het verhaal over zijn tussenstop in Molsheim, waar Thomas dringend noodzakelijke onderdelen voor zijn oude beestje had besteld. Hij meldde zich bij het magazijn, maar werd ontvangen door Le Patron zelf, die alles over zijn bescheiden raceprestaties bleek te weten. Hij kreeg opdracht zijn intrek te nemen in het lokale hotel en drie dagen later stond een geheel gereviseerde Bugatti racer klaar. Cholmondeley Tapper verruilde zijn trouwe Bugatti begin 1936 voor een twee jaar oude 3-liter Maserati. Daarmee bond hij de strijd aan met de professionele teams van Maserati, Alfa Romeo, Bugatti en zelfs Mercedes-Benz en Auto Union. Hij sloeg zeker geen slecht figuur, maar besloot het jaar erop toch te stoppen met racen omdat hij zich realiseerde dat het als amateur niet langer mogelijk was om op het hoogste niveau te presteren zonder er veel geld doorheen te jagen. Toen kon dat nog (net), maar het was evengoed al een kostbare aangelegenheid. Gelukkig heeft Cholmondeley-Tapper zijn belevenissen voor ons opgeschreven. Zo reis ik door de tijd in mijn hoofd, van Woking via L.A. naar Molsheim en verzamel achtergrondinformatie die straks van pas komt als ik tijdens een evenement een McLaren MP4-23, Bugatti 37 of een Cobra Daytona tegenkom. Probeer het ook eens, een auto-autobiografie lezen!

Jan-Bart Broertjes
Als negenjarige kroop hij al onder het hek door bij het circuit van Zandvoort om naar de races te kijken. Later mocht hij dat als tijdwaarnemer vanuit de toren doen.
Tegenwoordig is hij actief als professioneel toeschouwer en vertrouwt zijn waarnemingen toe aan papier, websites en sociale media.


Print Friendly, PDF & Email




Ton Roks
Na 25 jaar in de autojournalistiek vervulde Ton Roks in november 2012 een lang gekoesterde wens, hij begon een eigen autoblad: Octane, met een hoofdrol voor de klassieke auto – en een gezonde belangstelling voor interessante nieuwe auto’s.




Vorig bericht

Lexus LC 500, zijn V8 is onbetwist de ster

Volgend bericht

‘Uit Oostenrijks onderzoek bleek dat agressieve auto’s veel succesvoller zijn dan niet-agressieve’




Uitgelicht

Lexus LC 500, zijn V8 is onbetwist de ster

Het grote onderscheid tussen de Lexus LC 500 en de rest van de door turbo’s beademde wereld is dat er een volledig...

8 October 2019

Webdevelopment Passionate Bastards