Laatste nieuws

MGC GT (1969)

Octane Auto's / 20 april 2020

Theo Janssen vindt zelf dat hij een beetje doorgeslagen is in het aanpassen van zijn MGC uit 1969. Maar hij daagt nu iedereen uit die nog durft te beweren dat je met een MGC niet lekker kunt sturen.

“Er valt best wat af te dingen op de MGC, de zescilinderbroer van de ‘B’. De rijkwaliteiten vonden destijds geen genade bij de autopers en dat heeft er een negatief stempel op gedrukt. In 1969, twee jaar na zijn debuut, was het al gedaan met de C. Bij mij ontstond het idee om een C met een paar forse ingrepen om te bouwen tot een formidabele sportwagen.  Ik keek altijd al met bovengemiddelde interesse naar Engelse sportwagens, maar het bericht in de krant over mijn voetbalheld Willem van Hanegem, die een nieuwe MGC had aangeschaft, wakkerde het vuurtje aan. In 1990 kocht ik een Amerikaanse MGB, volgens de verkoper een ‘ex-Natalie Wood’ exemplaar. Tijdens race-evenementen met Britse auto’s begon ik aan een Healey 3000 te denken, al keek ik ook met een schuin oog naar een meer praktisch alternatief voor geregeld gebruik en voor de boodschappen. Steeds vaker speelde de MGC GT door mijn gedachten, met zijn magische lijnenspel.”

“Uit boeken en tijdschriften haalde ik veel interessante informatie, vooral de activiteiten van de firma MG Motorsport in Bovingdon trokken mijn aandacht. Doug Smith en zijn team maken bijvoorbeeld polyester replica’s van de MGC GTS, de aluminium raceversie waarvan de competitieafdeling van MG er destijds slechts zes bouwde. Ze bleken ook thuis te zijn in het modificeren van onderstel en aandrijflijn om de prestaties en wegligging naar echt sportwagenniveau te tillen. Ik zag de ultieme rijdersauto voor me. Ergens in 1998 besloot ik een MGC te zoeken. Het was geen populaire auto en ik zag er in Nederland slechts drie te koop staan. Twee probleemgevallen en een keihard exemplaar uit 1969 met een gedemonteerde cilinderkop. Omdat ik toch de motor wilde aanpassen, leek die laatste mij de beste optie.”

“Om langdurige bruikbaarheid te garanderen heb ik de carrosserie laten stralen en verzinken. De lakkleur is dezelfde als op de Mercedes-Benz 300 SL Gullwing. Wilde plannen had ik met de motor, een 2,9-liter zescilinder-in-lijn. Bij een revisiespecialist is hij gebalanceerd en kreeg hij gesmede zuigers, een ‘hete’ Kent-nokkenas en roltuimelaars die de kleplift doen toenemen. Verder kreeg hij een bewerkte cilinderkop, een externe waterpomp en vrij programmeerbare injectie. Geen Webers, daarmee reageert zo’n opgefokte motor alleen bij plankgas echt lekker en draait hij in stadsverkeer te onregelmatig. Bijkomend voordeel is het veel lagere verbruik met injectie. Net als bij de vroegere MGC’s van de Engelse politie heb ik voor een spaghettiuitlaat van Doulton gekozen. De Getrag 265-bak met vijf versnellingen stamt uit een oude BMW 7 Serie, waarvoor ik een vierbak van een MGC doormidden hebben moeten zagen om hem op het koppelingshuis aan te sluiten. Verder heb ik een lichter vliegwiel gemonteerd en een langer – en zelfsperrend – differentieel van een Ford Sierra, waardoor ook het toerental zakt. Het op de rollenbank gemeten motorvermogen is meer dan 200 pk, maar ik vind het maximaal koppel van 280 Nm minstens zo fijn.”

“Op advies van Engelse MGC experts heb ik straffere torsiestaven vóór besteld, een dikkere stabilisator, een directere tandheugelbesturing (met een overbrenging van 2,90 in plaats van 3,75), speciale fusees met kogelgewrichten en andere bovenste draagarmen. Die zorgen ervoor dat het buitenste wiel in bochten meer negatieve wielvlucht krijgt, waardoor de auto zichzelf naar binnen duwt. Aan de achterzijde heeft hij nu een as van John Hoyle met instelbare schroefveren in plaats van bladveren. Alles hangt nu in de polyurethaan bussen en sporing, wielvlucht en naspoor zijn volledig af te stellen.”

“Overigens heb ik vanwege de toegenomen spoorbreedte wel de wielkasten naar binnen moeten werken. Van het gewraakte onderstuur heeft mijn MGC totaal geen last meer en remmen doet hij als de beste, met achter het remsysteem van een Ford Scorpio en vóór schijven van Wilwood met vierzuigerklauwen. Ze zijn mooi zichtbaar door de spaken van de 15 x 6J Minilites. Met het oog op buitenlandse rally’s, waar je niet om de drie bomen een pompstation vindt, heb ik een grotere tank van 67 liter plus een extra ringtank van 6,5 liter gemonteerd. Onder de kofferbakvloer kan ik twee jerrycans van vijf liter plus wat reserveonderdelen kwijt.  Ook heb ik stoelen van Recaro gekozen, voorzien van vierpuntsgordels. In het wortelnotenhouten dashboard wilde ik vooral veel metertjes voor mijn neus zien, inclusief een digitale Brantz rallyklok.”

“Vijftien jaar heeft dit project me bezig gehouden, in fasen. Eén ding stond voorop: ik wilde hem klaar hebben voor de vijftigste verjaardag van mijn vrouw en de auto dan officieel aan haar cadeau doen, met een strik eromheen. Dat is gelukt, maar het idee van de boodschappenauto is verzand, want met het modificeren ben ik een beetje doorgeslagen. Ik heb mijn vrouw niet durven zeggen hoeveel geld erin is gaan zitten. Elke keer als ze op pad ging, drukte ik haar op het hart goed uit te kijken.”

“‘Hier heb je de sleutels terug,’ zei ze op een gegeven moment. Vanwege zijn karakter heeft de MGC een andere bestemming gekregen: samen met mijn zoon John of mijn vriend André Lugtenburg rijd ik er nu rally’s mee, zoals de Coppa d’Europa, ROZ, Limburgia Trophaeum, Tour Ecosse en Via Flaminia. Mooi om te zien hoe de MGC zich daar verhoudt tot de andere deelnemers. Een man in een Ferrari 348 vóór me in de bergen stopte op een gegeven moment en gebaarde dat ik hem maar moest passeren. Op de Stelvio stond een groep van de Morgan Italian Tour mij op te wachten met de mededeling: ‘Man! What a sound in that car!’. Ze waren ervan overtuigd dat er een V8 naar boven kwam! Ik daag nu iedereen uit die nog durft te beweren dat je met een MGC niet lekker kunt sturen.”

OCTANE AUTO’S / Updates door stafleden, medewerkers en lezers

MGC GT (1969)

Theo Janssen

 

 

 


Tags: , , , , ,



Frank Goedhart
Frank's interesse in klassieke auto's en autosport komt ruimschoots aan bod: samen met lezers zorgt hij voor nieuws op Instagram, Facebook, LinkedIn en de website van Octane.




Vorig bericht

Mooie onderwerpen voor autosportfilms

Volgend bericht

PORSCHE BOXSTER (1999)





Bezoekers lazen ook


Meer historie

Mooie onderwerpen voor autosportfilms

Net zoals iedereen ben ik de afgelopen weken meer thuis geweest dan anders en dat gaf de tijd om naar Le Mans ’66 annex...

20 April 2020