Laatste nieuws

Mille Miglia 2021: sfeer als vanouds

Reportages / 13 juli 2021

Slechts acht maanden geleden stonden we op een bewolkte herfstdag aan de finish van een bijzondere editie van de Mille Miglia. Dit jaar was het evenement onder een felle zomerzon compleet anders, het was de heetste editie ooit.

Tekst: Tom Heuving

Beeld: Nathalie Groenewegen & Tom Heuving

Voor we van start kunnen, halen we bij het museum net buiten de stad de perspassen en wordt onze auto voorzien van bestickering. Bij voorgaande edities was de paddock altijd in de Fiera van Brescia; deze hal wordt nu gebruikt als vaccinatiecentrum en daarom is uitgeweken naar een oude fabriekshal 15 minuten van het centrum. Deze hal, net zo rood als de pijlen van Mille Miglia, is nog geen kwart van de ruimte die er normaalgesproken is en dat geeft de organisatie en deelnemers de nodige uitdagingen. Op en rond het terrein is het een drukte van jewelste. Op de avond voor de start is de sfeer in de stad als vanouds; we eten bij het Piazza Paolo VI waar een felgroene LaFerrari en een paar klassiekers een mooi decor vormen.

De volgende dag verzamelen alle deelnemers zich traditiegetrouw bij het museum. Mercedes-Benz heeft daar de winnende 300 SLR staan als ode aan de vorig jaar overleden Sir Stirling Moss. Net als op het Mille Miglia Village in de stad is het aanzienlijk drukker dan vorig jaar. Dit jaar zijn er naast de deelnemers en media ook weer genodigden welkom op de afgesloten terreinen. Uiteraard wordt bij binnenkomst je kaart gescand en je temperatuur gecontroleerd.

Nadat de Frecce Tricolori, de straaljagers van het Italiaanse leger, in formatie over de Viale Venezia zijn gevlogen, beginnen de eerste kilometers van dit jaar en zetten we koers naar Cremona. Dat voelt wat raar want voor het eerst sinds de wedergeboorte van de Mille Miglia rijden we de route tegen de klok in. Na Cremona volgen meer dorpjes vol met blije Italianen en komt langzaam de eindbestemming van vandaag in zicht. Op deze eerste dag zitten we vooral in het voorveld met voornamelijk vooroorlogse O.M.’s, Bugatti’s en Alfa Romeo’s. Het valt op dat het tempo hoog ligt en de deelnemers vooral erg gemoedelijk met elkaar omgaan. Rond negen uur in de avond rijden we op de boulevard van de Toscaanse badplaats Viareggio en komt de eerste dag tot een einde.

Voor dag 2 staat een lange rit naar Rome op het programma, we vertrekken vanaf een carnavalsterrein buiten de stad. We komen er rond zeven uur aan en treffen de auto’s tussen meters grote hoofden van bijvoorbeeld de paus en de Rolling Stones. Een bijzonder decor en wanneer het middenveld langs de stempelpost rijdt, haken we aan. We volgen de deelnemers door Pisa waar we niet langs de toren rijden, maar een rondje doen langs de rivier Arno. Hierna volgen we de route richting de kust waar we weer een paar badplaatsen aan doen, na het middaguur arriveren we in Castiglione Della Pescaia voor de lunch.

De deelnemers betalen een flinke smak geld, waarbij er ook nog een optielijst is om de ervaring nog beter te maken. Wat echter geen optie is, is het eten dat wordt aangeboden. Er wordt over geklaagd door de deelnemers, een koude ondermaatse lasagne verwacht je niet in een land waar eten een serieuze aangelegenheid is. Sommige deelnemers kiezen er zelfs voor om op eigen gelegenheid een terrasje op te zoeken voor een betere hap.

Terwijl het kwik naar een snikhete 37 graden is gestegen, worden de motoren weer gestart op weg naar Rome. Kort voor het pittoreske dorpje Pitigliano komen we de eerste auto’s tegen met technisch malheur. De hoge temperaturen zijn slopend voor de klassieke auto’s én bestuurders met navigator. Ruim de helft van de deelnemende auto’s dit jaar heeft een open cabine, voor de temperatuur zal het echter weinig verschil maken. Na het meer van Bolsena, Viterbo en Ronciglione komen we aan in Rome waar we parkeren in de garage tussen de Ferrari Tribute deelnemers. Hier zien we een Ferrari 250 Lusso op Monegaske kentekenplaat met flinke schade aan de voorzijde. Het bewijst maar weer dat het vaak goed gaat, maar niet altijd. In de garage treffen we ook weer de groene LaFerrari en een paar ‘Mille Miglia Friends’, auto’s zoals een Koenigsegg Regera, Bugatti Veyron en een knalroze Aston Martin DBX.

Na een korte nacht beginnen we aan de derde en langste dag met veel hoogtepunten en twee bergpassen. Een voordeel van meedoen als media is dat we ons niet hoeven te houden aan de route, we kiezen er daarom voor om een stuk af te snijden en rijden over de snelweg naar Orvieto om vanaf daar de deelnemers te volgen. We merken dat de dorpen steeds meer hun best doen om de deelnemers te begroeten. In het dorpje Amelia worden de deelnemers ontvangen door een fanfare met vlaggendragers in traditionele kledij. Typisch Italiaans en even later komen we in eenzelfde typisch Italiaanse situatie terecht. Een tijdproef bij het dorpje Montecchio veroorzaakt flinke opstoppingen en frustratie bij de deelnemers die strijden voor het klassement. Sommige deelnemers staan al ruim een kwartier te wachten zonder te weten waarvoor, de handgebaren en het Che Vuoi! geroep is overal te zien en te horen. Wij passeren de wachtende equipes om op een fantastische onverharde weg terecht te komen. Een ideale plek om ons in de berm te installeren voor wat typische Mille Miglia foto’s.

Rond het spitsuur komen we bij de kleine voorsteden van Florence aan, de verkeersdrukte wordt dankzij de motoragenten onschadelijk gemaakt terwijl we samen met de deelnemers met centimeters marge ons een weg door de file zoeken. Het is elk jaar de heldenrol die de agenten met verve vervullen, terwijl we de provinciale wegen inwisselen voor weer een bergpas. Op het hoogste punt van de Passo Della Raticosa staat een mensenmassa de deelnemers aan te moedigen, waaronder opvallend veel Nederlanders. In gesprek met een groepje Nederlandse toeschouwers vertellen ze dat ze er bij toeval achter zijn gekomen dat de Mille Miglia vlak bij hun vakantiebestemming rijdt. De ervaring is in hun eigen woorden bijzonder indrukwekkend terwijl ze helemaal niets met auto’s hebben. Misschien dat de flessen Chianti daaraan hebben bijgedragen. Terwijl de bergen plaats maken voor vlak terrein komen we aan bij de eindbestemming van dag 3, Bologna.

Wakker worden voor de laatste dag geeft altijd een raar gevoel. Het rijden van de Mille Miglia is ook als pers erg vermoeiend. Alle toeschouwers in de dorpen en langs de wegen, de manier waarop je je kan gedragen in het verkeer en de kostbare klassiekers in het Italiaanse landschap, het is allemaal verslavend. De wetenschap dat dit dan toch echt de laatste dag is geeft een melancholisch gevoel, tegelijkertijd wil je maximaal genieten voor het echt afgelopen is. We vertrekken vroeg richting Mantua, een fotogenieke stad ten noorden van de rivier Po. Vroeg aangekomen op het Piazza Sordello arriveren de eerste Ferrari Tribute deelnemers. Opvallend is het ontbreken van een paar auto’s, waaronder de eerder genoemde LaFerrari en een 488 Pista, laatstgenoemde is hard in aanraking gekomen met een Fiat Panda. We genieten van een paar gebakjes en een shot espresso wanneer de eerste Mille Miglia deelnemers bij de stempelpost aankomen en we weer in de auto moeten stappen. We zetten koers naar de lunchlocatie in Verona en merken dat het nu pas echt druk is langs het parcours. Het is zaterdag en de Italianen maken gebruik van het weekend om in groten getale de deelnemers aan te moedigen. Hoewel we eigenlijk niet naar de arena mogen rijden wuift een breed lachende marshall ons door naar deze historische locatie.

Het slotstuk van deze editie voert langs diverse dorpjes aan het Gardameer. Na Peschiera del Garda, Sirmione en Desenzano del Garda gaan we nog noordelijker naar het plaatsje Saló voor de laatste stempelpost. Wederom een fantastische sfeer en een mooiere afsluiting is niet denkbaar voor we via ietwat saaie wegen op een industriegebied in Rezzato aankomen voor de finish. Helaas heeft de organisatie net als vorig jaar ervoor gekozen om de deelnemers op een weinig glamoureuze plek te laten finishen. Maar natuurlijk is er later nog de ceremoniële finish op de Viale Venezia en dan zit de editie van 2021 erop.

Dit jaar was het door de coronacrisis weer anders dan normaal maar waar het in 2020 soms aanvoelde als een ‘moetje’, klopte het dit jaar wel. Het kenmerkende enthousiasme van jong en oud gaf het spreekwoordelijke warme gevoel terwijl de zomerse temperaturen dat ook deden.

Opvallend is ook dat slechts 34 uitvallers zijn genoteerd terwijl werd gedacht dat het één van de zwaarste edities ooit zou worden. Uiteindelijk was de winst weer voor Andrea Vesco die samen met Fabio Salvinelli in de 1929 Alfa Romeo 6C 1750 Super Sport 72.492 punten scoorde. Slechts 56 meer dan de als nummer twee genoteerde Andrea Belometti. Aan de andere kant was het laagst geclassificeerde team een Japanse equipe met negatief 1.268.067 punten. Wie weet kunnen ze het volgend jaar beter doen, in een traditionele Mille Miglia in mei.


Tags: , , ,



Frank Goedhart
Frank's interesse in klassieke auto's en autosport komt ruimschoots aan bod: samen met lezers zorgt hij voor nieuws op Instagram, Facebook, LinkedIn en de website van Octane.




Vorig bericht

Het tragische einde van auto en coureur

Volgend bericht

De grenzeloze tractie van een Evo 2





Bezoekers lazen ook


Meer historie

Het tragische einde van auto en coureur

Na het spenderen van een paar uurtjes op Youtube voor het bekijken van oude rallyfilmpjes kijk ik met hernieuwde belangstelling...

12 July 2021