Laatste nieuws

Geknal en gepruttel van de groene machine

Man & Machine / 23 december 2022

Joep Zeelenberg heeft, samen met zijn vader en broer, besloten een auto in leven te houden: de Morris Minor die zijn moeder meer dan 30 jaar in bezit heeft. Het restauratieproject vordert langzaam maar gestaag: met een stap vooruit en twee stappen terug.

‘’Mijn vader zou ook nog komen kijken, dus terwijl ik me eigenlijk bezig moest houden met mijn positie op het veld, was ik alleen maar naar de zijlijn aan het kijken of ik hem ergens kon zien staan. Helaas, hij was niet te vinden, maar tien minuten later hoorde ik in de verte het geknal en gepruttel van de groene machine; papa kwam eraan! Naarmate de Morris dichterbij kwam zag je de toeschouwers van de wedstrijd ook om zich heen kijken. Wat kwam daar nou aangereden? Was het een oude sportwagen? Nee, het was de donkergroene Morris Minor van ons gezin – met een zeer karakteristiek geluid.

‘De knalpot is het mooiste accessoire want bij het loslaten van het gaspedaal en het terugschakelen produceert deze het karakteristieke geplof van een Morris.’

Dat was toen ik 14 was en inmiddels, op 23-jarige leeftijd, is de liefde voor de Minor alleen maar tegenomen. Ons gezin is al bijna 30+ jaar in het bezit van een Morris Minor 1000 uit 1958, in het mooie ‘Racing Green’. Het verhaal van onze Morris is natuurlijk begonnen in Engeland.

De broer van mijn moeder volgde op de MTS-Autotechniek een opleiding tot automonteur en in het bijbehorende stagejaar heeft hij bij een Morris Minor garage in de nabijheid van Oxford gewerkt. Het bedrijf heette Mr. Grumpy’s Morris Minors. De Morris Minor, een ontwerp van de beroemde Sir Alec Issigonis, later ontwerper van de Mini, is lang in productie geweest (1948-1971) en vooral in Engeland reden er in die tijd nog veel rond. Zo veel dat de garagehouder, een gesjeesde student scheikunde, zich volledig op dit model kon richten; een beetje zoals de Eenden-garages in Nederland toentertijd.

Naast het garagebedrijf was er ook nog een grote sloperij, met veel onderdelen en oude Minors. Mijn moeder was net afgestudeerd en zocht een leuke auto, dus heeft mijn oom toen een oude carrosserie uitgezocht en de Minor in de avonduren opnieuw opgebouwd. Uit een dump kon hij een volledig nieuwe motor krijgen, die normaal in het leger werd gebruikt als hulpmotor om een klep van een pantservoertuig te bedienen. De motor is niet origineel, want hij heeft een inhoud van 1.200 cm3 in plaats van de standaard 1.000. De knalpot is het mooiste accessoire want bij het loslaten van het gaspedaal en het terugschakelen produceert deze het karakteristieke geplof van een Morris. De originele kleur van de Morris was Bermuda Blue, maar mijn oom heeft hem na de opbouw in het huidige kleur Racing Green gespoten.

‘Wat zullen we met de Morris gaan doen, misschien toch maar verkopen?’. Toen bedacht ik dat ik beter de Morris kon gaan opknappen.

Mijn moeder heeft de Morris gebruikt als dagelijks vervoermiddel, maar toen er een gezin kwam, werd het meer een hobby-auto. Hij werd voornamelijk gebruikt op de zaterdag als ik en mijn broertje voetbalwedstrijden speelden. Als mijn vader moest rijden naar een uitwedstrijd dan namen we altijd de Morris mee en als we dan aankwamen bij de verzamelplek op Kampong, was het altijd onderlinge strijd wie van het team bij ons in de auto mocht.

De Morris is de afgelopen vijftien jaar in onderhoud geweest bij Vakgarage De Bilt. De bodem werd echter steeds slechter omdat hij altijd buiten stond en daardoor veel te lijden had, en in 2015 kwam hij niet meer door de APK. Mijn ouders zagen er op dat moment geen heil meer in en ze hadden de Morris in een inmiddels aangeschafte garage gestald, waar hij zes jaar heeft stilgestaan.

Zelf ben ik nu vijf jaar in het bezit van mijn rijbewijs en nadat ik de eerste paar jaar in de Mercedes E-klasse en Mercedes SLK 200 van ons gezin heb gereden, was ik er klaar voor om mijn eerste eigen auto te kopen. Met verschillende ‘hot hatches’, zoals een Abarth 500, Mini Cooper S, Alfa Romeo 147 GTA en BMW 330i heb ik een proefrit gemaakt. Allemaal erg leuke auto’s, maar ik kwam er toch na elke proefrit en grondig onderzoek achter, dat dit voor mij als jonge student een erg dure grap zou gaan worden. Ondertussen kwam steeds vaker aan tafel het gespreksonderwerp voorbij: ‘Wat zullen we met de Morris gaan doen, misschien toch maar verkopen?’. Toen bedacht ik dat ik beter de Morris kon gaan opknappen.

De Morris ging, na zes jaar uit de vaart te zijn geweest, terug naar de garage in De Bilt, voor een algemene check. Hieruit bleek dat het voornamelijk om laswerk zou gaan. Samen met mijn vader ben ik op zoek gegaan naar een lasser en na goed speurwerk zijn we uitgekomen bij Emile Maarschalkerweerd van Autolasser.nl. Emile is een echte vakman en dat wordt nog eens bevestigd door de wachttijd van meer dan zes maanden, zo druk is hij. Maandag 8 maart 2021 was het eindelijk zo ver: de Morris ging naar Emile toe. Na een week lang lassen was hij klaar. Direct hebben we de auto weer op de trailer gezet en afgeleverd in De Bilt. Daar zijn nieuwe remmen gemonteerd, en een paar andere kleine zaken verholpen.

En toen kon ik eindelijk, na jaren wachten, voor het eerst rijden in de Morris. Samen met mijn vader reed ik weg uit het drukke Utrecht, naar een rustig stukje van Bilthoven, om daar mijn eerste meters te maken. Dit viel de eerste paar kilometer flink tegen. Als je gewend bent aan de moderne autotechnologie en je hebt nog nooit in een oldtimer gereden dan is dat heel erg wennen. Ik dacht bij mezelf: ‘Is dit het, heb ik hier zo lang op gewacht en veel van mijn geld in gestoken?’. Het schakelen bij de Morris is iets wat je echt onder de knie moet krijgen. Je moet het gevoel krijgen in welke versnelling hij zit en hoe je hem soepel in zijn achteruit kunt krijgen. Daarnaast zijn de remmen van de auto, voorzichtig uitgedrukt, niet heel sterk. Je moet echt flink de rem in trappen en dan nog gebeurt er nog niet veel. Maar na een paar weken kreeg ik het steeds beter onder de knie. Nu één jaar later en flink wat kilometers verder kan ik, naar eigen zeggen, heel goed rijden in de Morris.

Los van het laswerk hebben we zelf een aantal kleine zaken verholpen. Samen met mijn broer ben ik een middag naar mijn Oom Jaap geweest waar we de remmen hebben gecontroleerd. Ook de koppeling is weer goed op spanning gebracht, want er waren af en toe problemen met het soepel overschakelen van de derde naar de vierde versnelling. Sindsdien hebben met veel plezier in de Morris rond getoerd. Er gaat geen rondje voorbij, of je krijgt een duimpje als waardering en mensen zijn altijd ronduit verbaasd over het prachtige geluid.

Een paar maanden terug kreeg ik een whatsapp van Frank Goedhart met de vraag of wij met de Morris naar de eerste editie van de Octane Scramble wilden komen. Dit leek ons natuurlijk een leuk idee en we hebben ons meteen aangemeld. Helaas begon de Minor wel steeds meer olie te lekken en hebben we hem voordat de Scramble plaats vond weggebracht voor een onderhoudsbeurt. Hieruit bleek jammer genoeg dat er weer het een en ander onder handen genomen moet worden. Dat gaat flink in de papieren lopen en daar bovenop kon de monteur ons vertellen dat een dergelijk lijstje waarschijnlijk elke drie jaar terug zou komen. Daarom gaf hij ons in overweging om het onderhoud zelf ter hand te gaan nemen. En dat is wat we gaan doen.

Bij de tweede Octane Scramble konden wij er helaas niet bijzijn, maar bij de 2023-editie moet de Morris zover zijn dat we weer mee kunnen doen. Een trip naar Engeland staat al lang op het droomlijstje. Met de ferry van Hoek van Holland naar Harwich om ons daarna via secundaire wegen en leuke Engelse dorpjes te verplaatsen naar de eindbestemming Charles Ware Parts Ltd., het Mekka voor alles dat met Minor’s te maken heeft, in Bristol. Ik kan niet wachten tot we zo ver zijn!”

Man & Machine

Moris Minor 1000

Joep Zeelenberg

Nog een mooi verhaal over een Morris Minor (Traveller) lezen? Volg deze link


Tags: , , , ,



Frank Goedhart
Frank's interesse in klassieke auto's en autosport komt ruimschoots aan bod: samen met lezers zorgt hij voor nieuws op Instagram, Facebook, LinkedIn en de website van Octane.




Vorig bericht

Nijdige vlieggewicht

Volgend bericht

Prachtig en wat ondergewaardeerd





Bezoekers lazen ook


Meer historie

Nijdige vlieggewicht

TEKST TON ROKS, FOTO'S LUUK VAN KAATHOVEN Sinds ik de Mille Miglia heb gereden in een Fiat 508 CS Balilla Berlinetta...

20 December 2022