Laatste nieuws

Recept voor een one-off

Man & Machine / 25 maart 2021

Ingrediënten: een idee, een tekening, heel veel tijd. Bereidingswijze: je begint met een rollend chassis en gaat op zoek naar een zeer slecht passende carrosserie zodat je alle ruimte heeft om naar hartenlust en eigen inzicht te experimenteren om uiteindelijk een prachtige jaren ’50 roadster op het garagepad te zetten.

Tot zover het recept, terug naar de dagelijkse praktijk. Het uiterlijk van de oude Engelse en de Italiaanse sportauto’s lag aan de basis van dit idee. Het moest een lichte sportauto worden, met een zescilinder en een correcte uitstraling. Verder zou alles zelf verzonnen, ontworpen en ‘in huis’ gebouwd moeten worden. Het chassis van een Triumph Vitesse bleek een mooi startpunt van dit project. Er werd een roestige Engelse Vitesse uit 1968 uit Engeland geïmporteerd en als eerste op Nederlands kenteken gezet. Dit zou latere problemen met betrekking tot de registratie kunnen voorkomen. Het rollend chassis werd eerst onder handen genomen. Om tot een goede uitstraling te komen is het chassis verlengd (en verstrekt) om de typische jaren 50 ‘kont’ te krijgen.

Er werd in Engeland ook een kunststof body gevonden die goed passend gemaakt kon worden. Met weinig inspanning stond er in de kleine lettertjes. Omdat dit in de praktijk toch erg tegenviel gaf dat ook de mogelijkheid om zelf alles aan te passen. De motorkapsluiting werd naar eigen idee verlengd en er werd een achterklep ontworpen. In de oorspronkelijke carrosserie zaten geen deuren en dat was toch ook een vereiste. En natuurlijk moest ook de carrosserie verlengd worden, een beetje in de geest van de Aston Martin DBR1, Testarossa en C-type.

De bodemplaten en binnendorpels werden van drie millimeter dik mm aluminium gemaakt. Daarna volgde het ontlakken, fosfateren, kataforeselakken en poedercoaten van het chassis, frame en schutbord. Daarna werden het 2,0-liter motorblok (110 pk), de cilinderkop en de carburateurs gereviseerd. De stuurinrichting is ook op maat gemaakt en staat niet meer uit het lood en schuin ten opzichte van de berijder. De accu is achter de bijrijder geplaatst in verband met de gewichtsverdeling. Er werd een dashboard ontworpen en de gehele elektra werd vernieuwd.

Het uiteindelijke bouwproces heeft drieëneenhalf jaar gekost. Alles moest zelf bedacht en in elkaar geknutseld worden: de stuurinstallatie, de kabelboom, de grille, deurophanging, de bodemplaten en ga zo maar door. Daarbij werd alles ‘period’ gehouden. Alle meters in het interieur stammen bijvoorbeeld uit de jaren vijftig. Ze komen onder meer van een Royal Enfield motorfiets en van een oude Jaguar. De klassieke kleur is van Jaguar: Roman Bronze Metallic, in een matte tint gespoten.

Ik werd in 2016 getriggerd door een artikel over deze sportauto. Ik was kort daarvoor Suixtil Agent (authentieke race-kleding uit de periode van Fangio) geworden voor de Benelux en achter op de sportauto zag ik de Suixtil stickers staan en de opmerking aan het einde van het artikel: “Ik ben en blijf een bouwer, dus als iemand een goed bod doet mag hij weg.”

De winterse proefrit over dijkjes en langs het water in de buurt van Nijmegen was een ultieme belevenis. De zescilinder en de acceleratie waren mind-blowing. De auto was met passie en kennis gebouwd en dat straalde er van af. De wegligging was perfect en het dromen kon beginnen. Zo snel als dat de afspraak was gemaakt zo lang duurde het aankoopproces aan die gezellige Nijmeegse keukentafel. Wij bleven uit elkaar zitten qua prijs. ’s Nachts vroeg ik mij af of ik er spijt van zou krijgen. Dit, tezamen met de tip van een goede vriend om na bijna twee weken toch nog eens contact op te nemen met de verkoper om het ontstane prijsverschil wellicht te delen bleek uiteindelijk de gouden tip te zijn.

Na de aanschaf van een klassieker wil je als nieuwe eigenaar toch ook altijd je eigen draai geven aan jouw aankoop, zo ook ik. Er werd een olietemperatuurmeter gemonteerd, het was toch een Engelse motor! De grijze spaakwielen werden vervangen voor nieuwe zwarte spaakwielen en het stickerpakket werd gewisseld voor het identiek sticker pakket, van een Osca MT4 1500 uit 1954, dat ook in Engeland gevonden werd. Het kale interieur werd van leder voorzien, op de voorschermen kwamen originele spiegels uit de jaren 50 die in Italië werden gevonden. Ook de binnenspiegel van een Lancia Aurelia werd in Italië gevonden.

Na lang wikken en wegen werd besloten om de badge-loze sportauto van een nieuwe badge te gaan voorzien, die ook weinig mensen zouden kennen waardoor het idee van een kit-car snel verdwenen zou zijn.

In Amerika werden originele badges van een Nash gevonden. Een badge voor op de neus, een dealer badge van Nash Brothers op de achterzijde en ook de originele vlaggetjes van Nash en Pininfarina voor op de achterzijde. Het Nash Le Mans logo werd in Japan gevonden. De badges van Pininfarina, handgeschreven en de kroon, werden in Italië gevonden. De originele chassisnummer-badges werden in Amerika gevonden en de ‘originele’ en identieke kopbouten van de Nash werden in Nederland ‘gedraaid’. De kentekenlijst en de Italiaanse kentekenplaten werden in Italië gevonden en gemaakt. De bovenzijde van het dashboard werd van zwart leder voorzien en kreeg oude antieke koperen schroefjes. Ook de boutjes voor de voor- en zijruitjes werden vervangen voor een antieke versie. De versnellingspook kreeg ik van een Lancia vriend en de motorkap riempjes van een MG vriend. De oude Tag Heuer stopwatch kwam uit mijn eigen verzameling. Het was een memorabele en prachtige zoektocht.

De eerste drie-daagse rally in Nederland werd onder zeer slechte weersomstandigheden gereden met als gevolg een kleine waterplas in de lederen bucket seats, twee doorweekte broekspijpen en kleding die rook naar uitlaatgassen, maar wat was het genieten. Wij reden eigenlijk zo weer de jaren ’50 in. Ook tijdens de twee editie van de Kraantje Lek Revival Rally in 2019 werden wij overal enthousiast begroet. Tijdens het Concours Paleis Soestdijk kwam er zelfs, naar later bleek, een heuse Nash eigenaar naar mij toe en vroeg mij of ik iets meer over mijn Nash kon vertellen want hij kende dit model niet!

Voor 2021 staat de heuvelklim nabij Milaan op het programma. Ondanks dat er alleen maar originele sportauto’s met aantoonbare historie mogen meerijden heeft de organisator voor de Nash een uitzondering gemaakt. Een mooier compliment kun je toch eigenlijk niet krijgen.

Tekst Alexander Snijdewind / Fotografie David de Wijn


Tags: , , , ,



Frank Goedhart
Frank's interesse in klassieke auto's en autosport komt ruimschoots aan bod: samen met lezers zorgt hij voor nieuws op Instagram, Facebook, LinkedIn en de website van Octane.




Vorig bericht

Drie racers van Group 44, Broadspeed en TWR

Volgend bericht

Marcel Bastiaans





Bezoekers lazen ook


Meer historie

Drie racers van Group 44, Broadspeed en TWR

Zijn V12 Jaguars vooral bedoeld om gerieflijk voort te zoeven? Niet altijd… Een circuittest met drie racers van Group 44, Broadspeed...

21 March 2021