Laatste nieuws

Reizen zoals vroeger

Reportages / 9 augustus 2022

Een mooie reis met twee klassieke auto’s naar een historische bestemming, rijdend over secundaire en tertiaire wegen. Eric Bergamin en zijn drie reisgenoten rijden met een Lancia Fulvia en een klassieke Mercedes-Benz 280 naar het oude circuit van Reims.

Op 13 mei vertrekken we met twee klassieke auto’s naar ‘het zuiden’. Het doel? Rijden! Liefst zoveel als mogelijk over secundaire en tertiaire wegen. Om toch enigszins een richting te hebben en ook onderdak na een lange dag op de weg, hebben we een van te voren een aantal ‘way points’ bepaald: Hasselt, Reims en Valkenburg.

‘We’ staat in dit geval voor Henk en zijn zonen Rimmert en Jorrit en ondergetekende. De auto’s: een prachtige reislimousine uit de jaren ’70, een Mercedes-Benz 280 automatic (1972) en zijn tegenpool, een Lancia Fulvia 1.3S Rally Monte Carlo (1973). De overeenkomsten: beide auto’s zijn rood… en worden door hun bezitters gekoesterd én gereden.

We starten onze route aan de zuidkant van Eindhoven. Voorbij Valkenswaard verlaten we de hoofdroutes en gaan we via kleine en nog kleinere weggetjes door het oostelijke deel van de Belgische Kempen. Onderweg stoppen we bij de ‘Doodendraad’ in Hamont-Achel, een oorlogsmonument uit een tijd dat de grenzen niet open waren. Via Peer komen we uiteindelijk na een paar uur rijden in Hasselt, onze eerste overnachtingsplaats.

De Benz, van de serie ‘Strich Acht’, is een solide reiswagen: veel comfort, rustig qua karakter en de 2,8 liter 6-in-lijn is ‘bullig’

De volgende dag wordt het een stuk warmer; met de nodige flesjes water aan boord vertrekken we al op tijd richting het zuiden. Navigatie hebben we niet aan boord; we reizen ‘zoals vroeger’ dus met een kaart, op de borden lettend en ook wel op ons richtingsgevoel. Airco hebben we evenmin, dus we rijden ouderwets met de ramen open. Via St. Truiden rijden we recht op Namen aan, waar we de Maas voor lange tijd gaan volgen. Ondertussen vergelijken we de auto’s. De Benz, van de serie ‘Strich Acht’, is een solide reiswagen: veel comfort, rustig qua karakter en de 2,8 liter grote 6-in-lijn is ‘bullig’, hoewel hij ook onverwacht goed toeren kan maken.

Voor zijn leeftijd trekt de Benz snel op, mede door de automaat en dat is oppassen als de Lancia voorop rijdt; met een korte eerste versnelling en de dog-leg versnellingsbak kost het wat tijd om door te schakelen. Bovendien is het vermogen van rond de 90 trappelende paarden niet heel erg veel. De trekkracht piekt op hetzelfde toerental als het vermogen (bij 6.000 toeren/min), dus het karakter van deze motor is heel anders dan de ruim twee keer zo grote motor van de Mercedes 280.

De Meuse, ofwel de Maas, slingert zich door het Maasdal en de weg volgt die slingers nauwgezet. Het is een heerlijk bochtige weg, erg rustig bovendien. We genieten van de prachtige heuvels, rotsen en bossen en het is een aanrader voor iedereen die van lekker toeren houdt. Ook het wegdek is prima, wat helaas niet overal in Europa het geval is. Naarmate we zuidelijker (en in Frankrijk) komen nemen de hoogteverschillen toe en de breedte van de weg af. Het meest spectaculaire stukje is de D988 die dwars door het Natuurpark van de Franse Ardennen leidt. Vreemd genoeg is er weinig zichtbaar toerisme in dit deel van de Ardennen, terwijl de Belgische Ardennen veel drukker lijken. Niet alleen zijn er weinig toeristen, het is gewoon een dunbevolkt gebied. Dat heeft gevolgen voor onze lunch: het wordt geen mooi gelegen terras aan de Meuse met lekkere gerechtjes zoals we hadden gehoopt, maar een stop op een parking naast de weg bij een Frietkot. Ook dat hoort bij reizen ‘zoals vroeger’; je moet het nemen zoals het komt.

Na een kort stukje autoweg (geen Péage) komen we aan in Reims. De bemanning van de Benz is heel relaxt en uitgerust, terwijl die van de Fulvia inmiddels half doof is door de hoge toeren die de auto maakt op de snelweg. De auto’s krijgen maar beperkt rust want we besluiten om geen Champagnehuizen te bezoeken maar direct naar ons zuidelijkste punt en het doel van de reis te gaan: het oude circuit van Reims, Reims-Gueux, dat een kwartiertje buiten de stad ligt. Rimmert en Jorrit, beiden hobby-fotograaf, maken gebruik van het ‘gouden uur’ van de dag; met ondergaande zon rijden we de auto’s heen en weer langs de oude resten van wat ooit het pits complex van een Grand Prix circuit was. De wetenschap dat ooit Fangio en Moss hier reden…

Sinds recent geldt er voor de oude tribunes een stopverbod, dus als we aan de lokale regels willen voldoen zit een foto van onze auto’s vóór de tribune er niet in. Maar niet getreurd, het kan ook andersom: de fotografen lopen naar een mooie plek en zetten de auto’s rijdend op de foto. Met prachtig resultaat. Hoewel het verder erg rustig is, zien we wat klassiekers die net als wij heen en weer rijden op deze historische plek. Iedereen zwaait naar elkaar, want hier komen alleen maar autovrienden.

De volgende dag rijden we weer noordoostwaarts. Valkenburg wordt onze laatste tussenstop en dat betekent dat we best wel wat kilometers moeten maken, ook omdat we geen snelwegen rijden. Het eerste stuk van ongeveer 60 km doen we echter wel via de autoweg. De Benz, rustig toerend en in zijn element op de snelweg, wordt helemaal blij van het plaatsje Sedan, waar we de Ardennen weer inrijden. Via bekende plaatsen als Bouillon rijden we naar de op bijna 600 meter hoogte gelegen stad van de jacht, St. Hubert, via wegen met drie cijfers en soms nog een letter er achter. Ook hier weer heel veel bochten en anders dan de vorige dag, nog meer klimmen en dalen.

Deze kant van de Ardennen kent vele hoge bergen, tot bijna 700 meter hoog. De auto’s worden stevig beproefd, het koppel van de auto’s wordt ingezet tijdens het klimmen en met name de Lancia moet best veel toeren maken. Wel valt op dat de Lancia helemaal op zijn plek is op dit soort weggetjes, dus de rallygenen worden hier zichtbaar; de auto heeft niet voor niets de naam ‘Montecarlo’, ter gelegenheid van de winst van Lancia, met een redelijk standaard Fulvia HF, in de beroemde Rallye Monte Carlo. We hoeven met de Fulvia weinig te remmen door het lage gewicht en met de goede toeren gaat het omhoog ook prima. De Mercedes vindt het allemaal maar zozo, want die reist liever over rechte wegen. Duiken en overhellen is het gevolg en af en toe lijken de bewegingen wel op doe van een boot. Een stijlvolle boot, dat wel.

De Lancia is helemaal op zijn plek op dit soort weggetjes; de rallygenen worden hier zichtbaar

De hoofdwegen in de Ardennen zijn strak en breed en je kunt er goed doorrijden, de kleine weggetjes zijn soms wat minder maar dat nemen we graag voor lief. Opschieten doe je er niet maar dat vinden we prima. De prachtige vergezichten, de omgeving en natuurlijk boven alles het rijplezier dat we krijgen is enorm genieten.

Natuurlijk doen we het voor autoliefhebbers verplichte hoogtepunt van de Ardennen aan: het circuit van Spa-Francorchamps. Vervolgens rijden we de laatste etappe naar Valkenburg, waar we, met inmiddels 800 km op de klok sinds ons vertrek bij Eindhoven, ’s avonds nog een ‘ommetje’ doen met de auto’s. Ondanks de vele uren in de auto krijgen we geen genoeg van een mooi stukje sturen. Ook nu weer genietend van het golden hour, door de prachtig glooiende heuvels van Zuid-Limburg.

Wát hebben we genoten onderweg. Reizen zoals vroeger is ons heel goed bevallen. Alsof we tíjden weggeweest zijn, terwijl het maar drie dagen waren. Uit en thuis zo’n beetje 1.200 km!

Natuurlijk hebben we overal lekker gegeten en na het rijden een biertje gedronken. Onderweg en tijdens het tafelen goede gesprekken gehad over auto’s en van alles meer en ook dat is heel waardevol. Gemijmerd over de toekomst van dit soort reizen: kan dat straks nog wel? Wallonië wil immers één grote milieuzone maken van de Ardennen. Is er dan nog wel benzine, waar we nu overal probleemloos 98 ‘Octane’ konden tanken?

Voor nu rest de herinnering aan een prachtige rit. De auto’s, beiden bijna 50 jaar oud, hebben het probleemloos gedaan. We reisden zoals vroeger, maar we maakten foto’s zoals vandaag. Niet met een rolletje van 24, maar digitaal. Het resultaat ziet u bij dit verslag.

Eric Bergamin


Tags: , , , , , , ,



Frank Goedhart
Frank's interesse in klassieke auto's en autosport komt ruimschoots aan bod: samen met lezers zorgt hij voor nieuws op Instagram, Facebook, LinkedIn en de website van Octane.




Vorig bericht

Octane Scramble: 2 oktober 2022

Volgend bericht

Cuore Sportivo in Blu Olandese





Bezoekers lazen ook


Meer historie

Octane Scramble: 2 oktober 2022

Na zoveel positieve reacties op de eerste Octane Scramble in mei, konden we niet anders dan een tweede editie inplannen....

7 August 2022