Laatste nieuws

Renaults & Alpines: Oud ontmoet Nieuw

Man & Machine / 7 januari 2022

Robert van Ieperen ziet een duidelijke connectie tussen de geschiedenis en ontwikkeling van woningen en die van auto’s. ‘Oud ontmoet Nieuw’ is zijn adagium – van toepassing op zijn vastgoedprojecten, maar ook op zijn uitzonderlijke verzameling Franse auto’s.

Op de eeuwenoude verbindingsweg tussen Amersfoort en Utrecht ligt in het groen verscholen een mooie vooroorlogse villa, waarin zelfs een leek de hand van Gerrit Rietveld zal ontdekken. Het ontwerp met strakke lijnen en grote raampartijen is tijdloos. Robert: “Een Rotterdamse familie moest vanwege de slechte gezondheid van een van haar leden uitwijken naar de zandgrond van Utrecht. Ze liet daar onder architectuur een villa bouwen en omdat het in die tijd gebruikelijk was dat een lokale architect het ontwerp maakte, kwam de familie uit bij de Utrechtse Rietveld. Hij heeft vanwege meningsverschillen het project niet afgemaakt, maar zijn stijl is wel duidelijk te herkennen. Een mooi detail is het grote raam van de woonkamer (en achterkamer) dat in zijn geheel in de pui naar beneden kan bewegen, waardoor een directe verbinding met het bos ontstaat.”

Links Robert Van Ieperen, rechts Jeroen Pot

De familie Van Ieperen bestaat al generaties lang uit echte autoliefhebbers en de auto’s die gekocht worden, blijven waar mogelijk in bezit, hetgeen heeft geresulteerd in een verzameling van meer dan 20 auto’s. Voor het merendeel Renaults, maar ook twee Alpines en een enkele Citroën, Peugeot en een klassieke Notin caravan als uitzondering op de regel. Robert vervolgt: “Mijn verzameling bevindt zich deels in de garage onder het huis, deels in een bedrijfshal in Soesterberg en verder nog hier en daar verspreid over andere locaties. Ik ben een groot bewonderaar van het werk van Robert Opron en mijn ‘man cave’ in Soesterberg is een soort tijdscapsule die begint in de jaren ’60 en die eindigt in 1999, het jaar dat Renault de avantgardistische Avantime introduceerde. Duidelijk een bevestiging van mijn ‘Oud ontmoet Nieuw’ motto.”

Samen leidt Robert ons, en zijn autovriend Jeroen Pot, rond door de kelder van het huis. Eerst langs een verzameling miniatuurauto’s van Renault, Alpine en Volvo (het merk waarmee zijn vader startte) en vervolgens naar de garage waar vier auto’s staan opgesteld. In de verste hoek een gele Renault 5 carrosserie met daarvoor een zwarte Renault CeltaQuatre ZR2 uit 1934. Daarnaast staan achter elkaar een Renault Alpine A110 1600S uit 1971 in Alpine Blauw (331) en een nieuwe Alpine 1800S in een historische kleur geel, ‘Color Edition 2020’. Vanzelfsprekend is over elke auto een verhaal te vertellen, dus begint Robert bij de R5: “Dit is een originele Renault 5 Le Car, geïmporteerd uit de Verenigde Staten. Iedere verzamelaar moet een project hebben en dit is duidelijk mijn huidige. De auto is afkomstig uit de staat Washington, waar ik zelf veel geweest ben en waar ook familie woont. Volgens mij heeft Renault in die tijd een denkfout gemaakt door de ‘Le Car’ alleen in handgeschakelde versie te leveren, wat voor de Amerikaanse markt natuurlijk vreemd is. Daarom ga ik deze auto ombouwen, waardoor het de enige Le Car ter wereld wordt met een automaat. De donorauto is al gedeeltelijk ontmanteld, dus er zit progressie.”

Hij wijst naar de zwarte vooroorlogse Renault. “Mijn vader heeft deze aangeschaft omdat hij iets speciaals van voor de oorlog wilde en de auto staat nu hier omdat hij min of meer hetzelfde geboortejaar heeft als dit huis. De 1600S uit 1971 heb ik recent aangeschaft bij Witmer & Odijk in Warmond waarvoor ik dan wel mijn witte A110 PE 2018 heb moeten achterlaten. Het technische hart van de 1600S is gelijk aan dat van een Renault 16, mijn eerste liefde en nog steeds in mijn bezit. De Alpineis net geïmporteerd uit Italië, waar hij in 1971 nieuw verkocht is aan een 26-jarige inwoner van Milaan. De ongelooflijke originaliteit van de auto, met tien jaar geleden een nieuwe laklaag en een goed uitgevoerde restauratie, is voor een 1600S tamelijk uniek. Meestal zijn ze uitgevoerd met rolkooien en andere ‘upgrades’. Met de nieuwe gele Alpine ernaast, kan ik als voorzitter van de ARCN (Alpine Renault Club Nederland) de visie ‘waar het verleden de toekomst ontmoet’ mooi onderschrijven. De toekomst van het merk Alpine ziet er goed uit, zeker nu de nieuwe CEO van Renault, Luca de Meo, het merk een mooie toekomst belooft. Eigenlijk is dit de tweede keer dat het merk gered is. Het doet mij ook goed om te zien dat het F1-team dit jaar een overwinning en een podiumplaats heeft behaald!” Een Renault 5 Alpine Turbo van 1983, die Robert al 20 jaar heeft, wordt op dit moment gerestaureerd bij een specialist in Brabant. “Afkomstig uit operastad Verona en twintig jaar geleden door mij gekocht bij Garage de l’Est in Vlaardingen. Die klinkt straks beter dan nieuw.”

“De nieuwe Alpine is naar mijn mening een heel bijzondere auto geworden. Het is gelukt om de genen van het oude model in een compleet nieuwe auto te gieten, zodat het karakter en de lichtvoetigheid bewaard zijn gebleven. Met mijn 76 jaar oude moeder ben ik eind van de zomer naar Zwitserland gereden en daar op de bergwegen en Alpenpassen is een Alpine helemaal in zijn element. Tijdens een autoreis met vrienden door de Vogezen werd mij door hen de vraag gesteld hoe het toch kon dat mijn gele Alpine moeilijk is bij te houden. Zij reden respectievelijk Porsche 911’s, een BMW M’s en een Alfa Romeo 8C. Volgens mij ligt dat voor 100% aan het lichte ontwerp en de agile wegligging van de Alpine. Het is ook een opvallende auto, zelfs in een dergelijk gezelschap.”

“..maar langzamerhand vind ik de showroom van Renault wel een veel te beperkte menukaart  hebben.”

Op de vraag hoe hij tot het merk Renault gekomen is, verklaart Robert dat hij uit een gezin komt waar eerst Volvo werd gereden. Tot het moment dat, een paar maanden na zijn geboorte, zijn vader de Katterug in elkaar gereden had, waarna hij overschakelde op auto’s van Renault. Eerst een Renault 4 – ‘een geweldig ontwerp’ – en daarna alleen nog maar andere modellen van Renault. “Mijn moeder rijdt nu een nieuwe Clio Initiale. Dat is een erg goede auto, maar langzamerhand vind ik de showroom van Renault wel een veel te beperkte menukaart  hebben. In vroegere jaren keek je rond in de showroom en dan stonden daar een Vel Satis, een Avantime, een Clio V6, een Espace, een Twingo en zelfs een Sport Spider. Het merk had durf en creativiteit; het conceptuele van de Renault 16, het slimme ontwerp van de R4 en ok de innovatie van de Espace hebben mijn liefde voor het merk gevormd. De introductie van de Turbo in de Formule 1 en later in straatauto’s was ook een mooie stap.”

Uw twee meter lange redacteur in een Alpine. En… regen is geen probleem!

We laten de BMW i3 van Robert staan (‘de meest duurzame auto en erg fijn in dagelijks gebruik’) en persen ons in de twee Alpines, ondanks dat het buiten pijpenstelen regent. De blauwe Alpine komt hoestend tot leven, maar de nieuwe Alpine klinkt lekker. We rijden achter elkaar aan naar Soesterberg voor een blik in de ‘man cave’ van Robert. Vanuit de gele, nieuwe Alpine, valt weer eens op hoeveel groter hij is dan de 1600S die voor hem uit rijdt. Toch blijft ook het origineel een stevige verschijning, met relatief grote wielen met het  kenmerkende camber. Zelfs in de regen rijdt Robert een behoorlijk tempo met zijn klassieke Alpine, maar de nieuwe versie heeft geen moeite om hem bij te houden.

Opeengepakt op twee verdiepingen van een bedrijfsunit staan negen auto’s dicht op elkaar gestald: een groene Renault Twingo, een felblauwe two-tone Avantime, een Citroën SM, een ‘marron’-kleurige Renault 16 TX uit 1979, een 16 GL uit 1969, een bruin metallieke Renault 16 uit 1965, een Renault 30 TX V6 in prachtig metalliek groen, een eerste serie Renault 4 uit 1969, een Renault 25 GTX én een klassieke Notin caravan. Robert begint met de laatste: : “Deze caravan kon ik in Driebergen overnemen van de kleindochter van de eerste eigenaar. Het is een luxe caravan, van Franse makelij, die qua comfort vergelijkbaar was met de Airstreams uit die tijd. De duurdere versies waren voorzien van een hydraulisch remsysteem, dus liep er vanuit de auto ook een hydraulische leiding naar de caravan. Het merk besefte dat ze ook goedkopere caravans moesten aanbieden om te overleven en deze ‘Legère’ is daar een voorbeeld van. Met de R30 ervoor zou het een mooi duo zijn.”

De Renault 25 GTX herkennen we als deelnemer aan het Octane Concours 2019 op Paleis Soestdijk. “Het is een ontwerp van Opron en deze heeft slechts 9.000 km gereden. Nieuw geleverd in Wenen is dit de versie met stembediening en een viercilinder injectiemotor en met airconditioning als bijzondere extra. De bordeauxrode Renault 16 GL, ooit nieuw geleverd in Leuven, heeft meerdere prijzen gewonnen. Geheel in originele lak en met een prachtig interieur is het een perfect plaatje. Wel zit er een klein deukje boven op het rechter voorscherm. We hadden de prijsbokaal van Concours Paleis het Loo 2017 op het dak staan, maar die is helaas eraf gevallen. Dat moet ik nog herstellen.”

Over de 16TX die op de hefbrug: “Dat is mijn eerste auto, aangeschaft toen ik op de Hotelschool in Maastricht begon. Op een autosloperij in Parijs vond ik een prachtig TX-interieur in donkerbruin met cognac-lederen stoelen. Dat was de start van de restauratie van mijn eerste auto. De R16 was een van de eerste hatchbacks en het interieur kent wel twintig configuraties. Tijdens een bezoek aan de Alpe d’Huez hebben we er met z’n tweeën in geslapen en dat was nog comfortabel ook. We hebben ook nog een Vert Borneo’ metallieke TX die al in 1973 op kenteken is gezet. Mijn broer had de auto op Instagram gepost en werd vervolgens bedolven onder de reacties van belangstellenden. Een geïnteresseerde uit het buitenland gaf als reactie: ‘I desperately need this car!’. Op een recente veiling van Artcurial bracht een mooie TX slechts 14.000 euro op. Daar gaat de onze zeker niet voor weg.”

De Renault Twingo komt uit 1993 en heeft 31.000 kilometer op de teller. “Het is een machtige auto, vreselijk goed ontworpen, met traditionele techniek; een duidelijke opvolger van de R4, met dezelfde Cleon-motor.” De Citroën SM, volgens Robert een meesterwerk van Opron, is in 1972 nieuw geleverd door dealer Auto Leonori in Rome. “Opron heeft prachtige auto’s ontworpen en ik ben blij dat ik er een paar van in de collectie heb.”

Zeven auto’s uit de collectie zijn eigendom van een stichting, genaamd De Witte Olifant, die erop gericht is om de auto’s, meestal met een lage kilometerstand, te behouden als een soort erfgoed. De Avantime is daar een mooi voorbeeld van. Robert opent de grote deur van de auto om ons de persmap te tonen die werd uitgegeven tijdens de introductie van deze (te?) vooruitstrevende auto, in 1999. “Kijk naar de vormgeving en de details van deze auto. Niemand durft meer een dergelijke auto op de markt te brengen. Dat is jammer en daarom is het belangrijk om deze auto’s te koesteren.”

“Kijk naar de vormgeving en de details van deze auto. Niemand durft meer een dergelijke auto op de markt te brengen.”

Op de vraag welke auto’s er nog op de wensenlijst staan, antwoordt Robert: “Het gaat om lage kilometerstanden, unieke auto’s, waarin vormgeving en techniek een mooie combinatie vormen. Met dat uitgangspunt is er natuurlijk een brede keuze. Laatst kwam hier een Renault Kangoo Be Bop voorbijrijden. Een superleuke, creatieve auto met een heel duidelijke functie en een gedurfd ontwerp. Interessant. Maar ook een Renault Clio Williams is erg aantrekkelijk. Misschien moeten we nog eens een Lancia toevoegen, zoals de Delta Integrale of een Thema 8.32. Of een mooie Tatra, die vind ik wel goed bij ons huis passen.”

Bij het afscheid trekt Robert nog een keer de link tussen auto’s en woningen: de woningmarkt heeft nu echt de behoefte aan een Renault 4 aanpak: “Betaalbaar, eigenzinnig, gedurfd en bereikbaar voor de grote massa!”

Man & Machine

Renaults & Alpines

Robert van Ieperen

 


Tags: , , , , , , , , , , ,



Frank Goedhart
Frank's interesse in klassieke auto's en autosport komt ruimschoots aan bod: samen met lezers zorgt hij voor nieuws op Instagram, Facebook, LinkedIn en de website van Octane.




Vorig bericht

Hommage aan de Lotus Type 62

Volgend bericht

Meer dan het instapmodel van Ferrari





Bezoekers lazen ook


Meer historie

Hommage aan de Lotus Type 62

Een wedergeboren racer van Lotus, gebouwd met instemming – en onderdelen – van Lotus. Door Radford, een wedergeboren...

3 January 2022