Laatste nieuws

Uit de glorietijd van Mercedes

Man & Machine / Nieuwsberichten / 4 november 2022

Op een mooie zondagochtend in oktober vormen de kleuren van de herfst de perfecte achtergrond voor een kennismaking met de drie SL’s van Kees Oosterhof. Drie roadsters uit, volgens hem, de glorietijd van Mercedes.

Tekst & (meeste) Foto’s: Frank Goedhart

In het lommerrijke Soestduinen staat voor de garagedeuren van een stijlvol huis een mooi originele Mercedes-Benz 208 ‘Thomas Cook’ camper uit 1978. De auto blijkt een hint te zijn naar de voorliefde van de bewoner van het huis, namelijk die voor auto’s van Mercedes uit de jaren ’70. Kees Oosterhof legt uit: “Veel mensen zullen je vertellen dat de W124-serie van Mercedes de beste auto’s heeft voortgebracht en dat zal ik niet betwisten, maar voor mij is de periode net daarvoor veel interessanter. De W123-serie, geproduceerd van 1975 tot 1986, is een klassiekere serie. In het verleden heb ik een W123 stationwagen gereden, een turbodiesel, en die is nu zo populair dat er bijna niet meer aan te komen is. De SL-serie R107 moest de iconische Pagode doen vergeten en wat mij betreft is het een meer dan waardige opvolger.

‘Ik kwam uit Duitsland terug met een Mercedes-Benz 350 SEL, die met de dubbele bumper, in de kleurstelling goud metalliek met groen lederen interieur.’

In de garage van mijn ouders, waar altijd wel een klassieker  stond, ben ik als student begonnen met het sleutelen aan een Renault 4. Van een bevriende monteur heb ik veel geleerd toen we samen van twee slechte 4-tjes een goede hebben gemaakt. Daardoor kan ik best wel veel onderhoud- en reparatieklusjes zelf uitvoeren. Bij het restaureren van twee van mijn SL’s heb ik het strippen van de auto zelf gedaan, maar het spuiten en ander vakwerk heb ik uitbesteed. Toen ik tijdens mijn studie in Duitsland op een bouwterrein stage liep, diende de Renault 4 als zogenaamde bouwplaatsauto; de auto die overal kon komen en die door iedereen gebruikt werd. Ik kwam uit Duitsland terug met een Mercedes-Benz 350 SEL, die met de dubbele bumper, in de kleurstelling goud metalliek met groen lederen interieur. Met een heerlijke achtcilinder motor en ongekende luxe en comfort. Toen is mijn liefde voor Mercedes ontstaan.

Mijn vader en ik hadden achter zijn huis een grote schuur gebouwd voor het huisvesten van een klassiekerverzameling, maar toen de schuur eindelijk af was had ik mijn Mercedes verkocht en had mijn vader net afscheid genomen van zijn Volvo Kattenrug. We hadden dus wel een schuur, maar geen auto’s. Toen we gingen bedenken wat een leuke auto zou zijn die zowel een twintigjarige als een zestigjarige zou kunnen bevallen, kwamen we uit op een roadster van Mercedes. We kochten onze eerste, de goudkleurige 280 SL, dezelfde auto die ik recent meegenomen heb naar de Octane Scramble, wederom in goud metalliek met een olijfgroen interieur.

Daarop volgde er nog een SL, een donkerblauwe 280 en niet zo lang geleden heb ik een rode 350 SL gekocht. Om het beeld van de collectie compleet te maken: naast deze drie SL’s heb ik ook nog een Mercedes-Benz 208 campervan, in de Thomas Cook uitvoering van Westfalia én een Mercedes-Benz L319. Die laatste is een oude brandweerauto die tot een simpele camper is omgebouwd. Vanwege de wat treurige blik die de auto lijkt te hebben, noemen we hem ‘Sipke’. Sipke stond in een hoekje van de loods in Amsterdam waar ik mijn SL in stalling had en ik heb meerdere malen aan de eigenaar van de loods gevraagd van wie de auto was en of hij te koop was. Uiteindelijk ben ik in contact gekomen met de vrouwelijke eigenaar en zij gunde het mij om de bus over te nemen. Tijdens de corona-tijd zijn we met deze camper, uit 1960, heel Nederland doorgereisd. Een geweldige auto!

De James Cook camper heb ik vorig jaar gekocht met een vriend van mij. Voordat mijn vrouw en ik ermee op reis gingen, heb ik hem een tijdje voor woon-werkverkeer gebruikt, met de gedachte dat als hij me toen niet zou laten staan, we er de trip naar het meer van Génève wel mee zouden aandurven. We hebben een heerlijke vakantie gehad. Alles in en op die auto is origineel en het is echt een praktisch en goed doordacht ontwerp.”

We lopen naar de garage om de donkerblauwe 280 SL uit 1978 naar buiten te rijden. Op uitnodiging van Kees neem ik plaats aan het grote stuurwiel en zak ik weg in wat je nog met recht ‘zetels’ kunt noemen. De zescilinder komt tot leven en als ik de automaat in ‘D’ klik kruipt de Benz rustig de lommerrijke laan uit. Alles aan deze auto straalt Duitse Gründlichkeit uit. De deurgrepen van dik staal, de dikke knoppen op de middenconsole, het leer van de stoelen en ook het rijden bevestigen de degelijkheid. De auto is door Kees in perfecte staat gebracht en de zogenaamde ‘kroonkurk’ wielen staan hem goed. Het voelt als een robuuste auto, als ik het gaspedaal diep intrap komt de motor tot leven en blijkt er veel snelheid in de roadster te zitten. Bij een fotosessie op de wegen rond het Militair Museum trekt hij veel bekijks van joggende en fietsende Soesters.

“De goudkleurige SL en deze zijn in topconditie. Die hebben we helemaal uit elkaar gehad, over laten spuiten en tot in detail goed gemaakt. Aan de rode 350 SL moet nog veel gebeuren en ik twijfel nu een beetje of ik het hele restauratieproces nog een keer ga doorlopen. Het is een auto met hardtop die is geprepareerd voor de Wintertrial van 2014 en ik denk dat de heren Jaap Stok en Andre Bout, die op de raamstickers staan, er een leuke tijd mee hebben gehad. Omdat ik naast mijn BMW E39 toch ook de SL’s wel als dagelijkse auto gebruik, zou voor de winter deze SL (met winterbanden) wel een mooie aanvulling zijn. Maar het hebben van zes auto’s geeft toch ook wel veel gedoe en administratie, dus misschien verkoop ik hem wel.

De zescilinder van de 280 is eigenlijk de perfecte motor voor de roadster, want het is in mijn ogen geen sportwagen, maar meer een ‘cruiser’. Dus met de kap naar beneden en de automaat in ‘drive’ is het vermogen van 185 pk ruim voldoende om er heel veel plezier mee te beleven. Waar de goudkleurige SL nog de D-Jetronic brandstofinjectie van Bosch heeft, is de blauwe met een verfijndere KA-Jetronic uitgerust.

Het was leuk om met de SL op het veld van de Scramble te staan en om vragen van geïnteresseerden te beantwoorden. Veel mensen, afhankelijk van de leeftijd natuurlijk, kennen de auto nog als de ‘Bobby Ewing Dallas’ Mercedes en ik heb ook gehoord dat de auto een prominente rol heeft in American Gigolo met Richard Gere aan het stuur. Die film moet ik dan toch maar eens gaan kijken. De goudkleurige auto gaat nooit meer weg, want die heeft veel persoonlijke geschiedenis in zich. De blauwe ook niet trouwens, maar die rode, daar twijfel ik dus nog wel over…”

Man & Machine

Mercedes-Benz SL R107 (1973, ’76, ’78)

Kees Oosterhof


Tags: , , , , , , ,



Frank Goedhart
Frank's interesse in klassieke auto's en autosport komt ruimschoots aan bod: samen met lezers zorgt hij voor nieuws op Instagram, Facebook, LinkedIn en de website van Octane.




Vorig bericht

De droom van een dertienjarige

Volgend bericht

Een nieuw automuseum in Buren





Bezoekers lazen ook


Meer historie

De droom van een dertienjarige

Ergens in Marcel Winkelman schuilt nog die dertienjarige jongen die droomde van een eigen BMW. De 323i (E21) die hij nu heeft...

28 October 2022