Het ‘pientere pookje’ wordt in de rijrichting geduwd. De sleutel draait in het contactslot, de DAF 55 komt tot leven en springt vooruit. Wat volgt is een kakafonie van geluiden en een de snelheidsbeleving die dankzij een verdubbeld aantal paardenkrachten is niet zomaar een beleving is. Dit is een waarachtig snelle DAF.

Tekst en foto’s: Frank Goedhart
Twee jaar geleden verscheen bij ons evenement in Buren een prachtig gerestaureerde, zachtgroene DAF Pony ten tonele. Een jaar later in Amersfoort viel een eveneens groene Daffodil Cabriolet op en eind december kwam over net gepekelde wegen een DAF 55 Coupé naar het zuidelijke Limburg voor Octane’s Classics and Coffee. De man aan het stuur van deze Variomatics is Wybe Zijlstra, een gedreven verzamelaar van het erfgoed van de familie Van Doorne. Wybe is een onofficiële autoriteit op het gebied van DAF personenauto’s. Nieuwsgierig als we waren naar zijn collectie én naar zijn liefde voor het merk, kwamen we bij hem thuis op de koffie, in Renkum.



Zijn kantoor aan huis lijkt een klein museum, ingericht met boekenplanken en archiefkasten vol documentatie over het merk en vitrines met modelauto’s. Aan de muur hangen historische fabrieksfoto’s en persoonlijke herinneringen aan vroegere reizen en gebeurtenissen, alles met een DAF. Voordat we aan de koffie toekomen, duiken we al in de archiefkasten waar alle folders, werkplaatshandboeken en persmappen keurig in hangmappen zijn ondergebracht, gesorteerd op model.
“Mijn vader heeft in 1980 met een paar andere liefhebbers de DAF Club Nederland opgericht met als doelstelling het in stand houden van alle voertuigen met een Variomatic.“
Het archief is zeer uitgebreid, en bevat originele ontwerptekeningen voorzien van krabbels van de ontwerpers, fabrieksproductielijsten en meer. Als voorbeeld trekt Wybe een persmap van 1958 uit de kast met daarbij een ‘Rapport van een road-test met een DAF 600 over een afstand van 25.000 km’ van J.B. Th. Hugenholtz, onder auspiciën van de KNAC. In het boekje staat omschreven dat men met de DAF 600 De Luxe op weg naar Maranello over ‘het hoogste punt in de Apennijnen’ was gereden met een bezoek aan Enzo Ferrari als bonus. Het is prachtige historie en de kasten bevatten genoeg materiaal om dagenlang doorheen te dwalen.

Wybe: “Mijn vader was altijd al met DAF personenauto’s bezig en ik heb als kleine jongen met mijn handen op de rug gekeken hoe hij auto’s repareerde, restaureerde en ook ombouwde naar speciale versies. Hij heeft in 1980 met een paar andere liefhebbers de DAF Club Nederland opgericht met als doelstelling het in stand houden van alle voertuigen met een Variomatic. Dat zijn alle personenauto’s van DAF, maar ook de Pony, de Kalmar en de Volvo’s type 66, 343/345 en 340. Mijn Volvo 360 GLT is eigenlijk niet welkom op clubdagen, want het is geen Variomatic. Wel wordt ook deze gewaardeerd door veel leden van de club, ik heb hem een beetje gekocht om de kinderen mee te kunnen nemen naar een evenement. De club heeft nu rond de 2.400 leden en dat mijn vader dat begonnen is maakt mij trots.”


Het groeiende aantal DAF’s dat op Octane evenementen verschijnt is geen toeval. De auto’s hebben een cult-status en trekken steeds meer jongere liefhebbers aan. De groeiende belangstelling is volgens Wybe wel te verklaren: “Het was de meest succesvolle autoproducent in de Nederlandse historie en iedereen heeft wel een verhaal over of ervaring met een DAFje. Het is cultureel erfgoed en de auto’s zijn ook nog eens betaalbaar en eenvoudig om aan te sleutelen. Dat maakt het voor jonge mensen die van klassiek houden een aantrekkelijke auto. Kijk ook maar naar de 55 Marathon die zijn mannetje stond in de afgelopen Winter Trial. Dat laat zien dat het auto’s zijn waarmee je ook in rally’s veel plezier kunt beleven.”
“Volgens de RDW zijn er 3100 DAF’s in Nederland verzekerd en zijn er in totaal 4600 auto’s bekend. Daar zit ook de DAF 66 YA bij die voor het leger is gebouwd. Daarvan zijn er al 500 in gebruik, wat logisch is want die hebben weinig kilometers gereden en werden goed onderhouden. Die zijn via de Domeinen de markt op gekomen.”

In de garage naast het kantoor staat de eerdergenoemde DAF 55 Coupé met daarnaast een klassieke Mini Cooper en hoog op de brug een beige Daffodil. De laatste twee zijn duidelijk projecten waaraan gewerkt wordt. Wybe heeft genoeg technische vaardigheden in huis om al het technische werk aan auto’s zelf te doen, of het nu om het reviseren van motoren gaat of om het vervangen van de voorwielophanging.
“Wel hanteer ik nu heldere selectiecriteria voor collectie-uitbreidingen, wat onder meer inhoudt dat ik geen projecten meer zoek.”
Iemand vroeg ooit aan de Amerikaanse komiek en autoverzamelaar Jerry Seinfeld hoeveel auto’s hij had en zijn antwoord was: “Als ik het aantal noem, zal dat niet logisch je in de oren klinken.” Dezelfde vraag aan Wybe leidt tot een exacter antwoord: “Het begon 12 jaar geleden met mijn eerste eigen DAF, een oranje 55 Combi, die mijn trouwauto is geworden. Toen mijn vader vijf jaar geleden overleed, kwamen er uit zijn collectie ineens drie DAF’s bij en vandaag staat de teller van het totale wagenpark op 16 stuks, waaronder veel DAF’s.”



Wybe is niet actief op zoek naar uitbreiding van de collectie, maar het komt weleens voor dat hij tegen een model aanloopt waarom hij niet zomaar heen kan. “Een DAF 33 doet mij niet zo veel, maar toen ik in Zweden een 33 Pick-up tegenkwam, in zeer slechte staat trouwens, heb ik die toch maar aangeschaft. Wel hanteer ik nu heldere selectiecriteria voor uitbreidingen, wat onder meer inhoudt dat ik geen projecten meer zoek. Het moeten goede auto’s zijn, helemaal origineel, uniek, heel snel of gewoon mooi. En het hoeft niet per se een DAF te zijn, een Renault 5 Turbo of een Innocenti De Tomaso vind ik ook leuk.”
De DAF Pony valt in de categorie van bijzonder maar niet fijn om te rijden. “In de winter heb ik ermee gereden en niet alleen zit er in de harde kuipjes geen enkele vering, ook de vloer is flinterdun dus na een uur waren mijn voeten bevroren. Maar hij is wel zeldzaam en de reacties van het publiek zijn altijd positief.” De Pony is een lichte vrachtauto, grotendeels gebaseerd op de techniek van de DAF 44, met de 844 cm3 tweecilinder. Een echt spartaans werkpaard met plastic kantinekuipjes die door DAF destijds werden aangeduid als ‘eigentijds gevormde kunststof zetels’. Het was geen commercieel succes en na 700 exemplaren is de productie gestopt.

De Daffodil Cabrio is door zijn vader omgebouwd met een standaard DAF 33 als basis. Er was een door de fabriek goedgekeurd ombouwpakket op de markt en daar is de groene cabriolet het resultaat van. Alleen de kap moet nog gemaakt worden. Vanuit de club kon Wybe een DAF Kalmar overnemen, en hoewel deze niet boven aan het verlanglijstje stond, bleek het de auto te zijn die door zijn vader van het clublogo was voorzien. De Kalmar Tjorven (KVD440/441) was in Zweden zeer populair als post- en koeriersauto.


Hij klust elke woensdagavond bij DAF-specialist Fred Oosterlaan in Bleiswijk, een vriend van zijn vader waar hij al meer dan 30 jaar komt. Fred heeft meer dan 50 DAF’s in zijn voormalige tomatenkassen staan, heeft alle onderdelen en weet ook alles over het merk. Klussen met tussendoor ‘koffie en ouwehoeren’ gaan dan hand in hand. Bij Fred wordt momenteel een DAF 55 Bestel gerestaureerd. Wybe: “Die zijn zeldzaam. Het is eigenlijk een standaard Combi maar dan met een vlakke laadvloer in plaats van een achterbank. Dit exemplaar was ooit omgebouwd naar een reguliere Combi; praktischer, maar daarmee werd het een van de velen. Nu wordt hij in ere hersteld.”
Een andere bijzondere DAF van Freds hand is de DAF 600 uit 1960 met maar 21.457 km op de teller die recent aan de collectie van het DAF Museum is toegevoegd.
‘ Zodra Wybe de DAF aan de praat heeft en vol gas geeft springt de auto vooruit en lijkt de versnelling onwerkelijk, te meer omdat acceleratie en geluid niet gepaard gaan met onderbrekingen door een versnellingsbak. ‘



De 55 Coupé brengt ons naar de stalling in Arnhem, maar niet voordat we een blik in zijn motorruimte hebben geworpen. De auto die standaard was voorzien van een 1100 cm3 motor heeft nu een 1400 cm3 motor van Renault, uit de Volvo 340, opgewaardeerd met de ‘DAF GT Kit, by Volvo Competition Service’. Nadat Volvo in 1975 DAF had overgenomen, bood het tuningkits aan om de prestaties van de motoren van Renault te verbeteren. Het pakket bevatte een snellere nokkenas, betere inlaatspruitstukken en een grotere carburateur. Wybe vond de originele kit – nog in de verpakking – in Zweden en heeft nog getwijfeld of hij de doos zou openbreken vanwege de zeldzaamheid van de set.
De auto heeft verder een veerpootbrug, centrale Marathon uitlaat en staat op stalen wielen. Wybe: “Die wielen werden ook in de London-Sydney gebruikt, ze konden tegen een stootje. In andere rally’s zijn open exemplaren toegepast omdat de remmen anders te heet werden.”



De aanpassingen hebben geleid tot een sprong in vermogen van 45 naar 95 pk en zodra Wybe de DAF aan de praat heeft en op de weg naar zijn opslagplaats vol gas geeft springt de auto vooruit en lijkt de versnelling onwerkelijk, te meer omdat het acceleratie en het geluid niet gepaard gaat met onderbrekingen door een versnellingsbak. Wybe moet lachen om de reactie van zijn passagier: “Het is heel veel vermogen voor zo’n lichte auto, ik heb hem al tot boven de 170 km/h gehad. Dat is echt spectaculair met een DAF. De 55 is voor mij het mooiste model en deze rijdt echt geweldig, ook op langere afstanden. Ik heb hem gevonden in februari 2022 in België en om andere kopers voor te zijn, ben ik op mijn papadag, met mijn eenjarige dochtertje in de oprijwagen, meteen naar België gereden om hem op te halen.”
Dat het motortje die snelheden en versnelling aankan is volgens Wybe niet zo bijzonder, want in een Renault Alpine, met dezelfde aandrijving, zijn snelheden boven de 200 km/h goed haalbaar. Als we, na onderweg veel nagewezen te zijn door vooral oudere mannen, aankomen bij de hal waarin de rest van de collectie staat, vertelt Wybe dat hij ook de eerste versie van de DAF 44 mooi vindt, ontworpen door Michelotti. Vanzelfsprekend heeft hij die ook, maar de auto ondergaat een totale restauratie. Op de wensenlijst staat nog een DAF 32 S rallyauto die, met een 780 cm3 motor en de carburateur van de 44, voor rally’s ingezet kan worden. Zeldzaam en moeilijk te vinden.

In de opslaghal staan twee Audi’s TT, de Daffodil Cabriolet, de 33 Pickup, de Pony, nog een 55, de oranje 55 Combi en een groene BMW Z3 Coupé. Over die laatste zegt Wybe: “Mijn vader had een 2002 Touring en ik vond de Z3 Coupé al bij de introductie heel mooi. Maar ik wilde geen zwarte of zilvergrijze auto, het moest een groene worden. En dan moet je geduld hebben. Deze 3.0-liter is een heerlijke auto, geen ‘M’ maar voor mij zeker snel genoeg.”

Tijdens de terugrit met de 55 – toeristisch langs de Rijn met een stop bij Kasteel Doorwerth, door mooie dorpjes als Heelsum en het Engels aandoende Heveadorp – wordt nog eens bevestigd dat rustig rijden met deze potente DAF moeilijk blijft, vooral omdat gasgeven zo leuk is. Het enthousiasme van Wybe werkt aanstekelijk. Niet voor niets werd hij in een reactie op social media als de ware ‘Variomatic evangelist’ genoemd. Een eretitel, wat mij betreft.
