Een clubje Poolse autoliefhebbers, verenigd onder de naam ‘Śniadanie & Gablota’, raakte vorige jaar in de greep van de Poolse deelname aan de Rallye Monte Carlo van 1939. In die laatste vooroorlogse editie van de rally finishten Tadeusz Marek en Witold Pajewski als vijfde in hun klasse – in een Opel Olympia met startnummer 122 Het plan was om die prestatie zo nauwgezet mogelijk te herhalen.

Śniadanie & Gablota’, wat staat voor ‘onbijt & auto’s’, is in augustus 2017 ontstaan als een spontaan idee van twee autoliefhebbers uit de Poolse stad Łódź. Sławomir Poros en Krzysztof Krzeszewski wilden unieke autoevenementen organiseren voor mensen die van lekker eten én mooie auto’s houden. Waar voor ons koffie genoeg is, zorgen zij voor meetings met een omvangrijk ontbijt.

Sławomir, kortweg Slav, vertelt graag hoe ze hun idee hebben verwezenlijkt, met als zeer bevredigend eindresultaat de aankomst op 6 februari 2026 op het podium van de 28e Rallye Monte-Carlo Historique. Dat na in tien dagen 3.800 kilometer te hebben afgelegd, door negen landen – in een vooroorlogse Opel Olympia. Het avontuur is begonnen met vinden een Opel Olympia uit 1939 in Zweden, door een van de leden van de groep. Daarna werd al snel geroepen dat ze daarmee naar Monte Carlo moesten rijden – in de winter. Het gezonde verstand zei dat voorstel te negeren, maar gelukkig waren er voldoende leden met hart voor avontuur.

Vorst. Sneeuw. Slechte wegen. Slopende vermoeidheid. Duizenden kilometers dwars door Europa. De Rallye Monte Carlo heeft altijd een enorme aantrekkingskracht gehad op autoliefhebbers, ondanks het feit dat er onderweg geregeld ernstige ongelukken gebeurden. Door de jaren is de rally uitgegroeid tot een van de meest prestigieuze en zwaarste uitdagingen van de vooroorlogse autosport. Dat was het voor professionele coureurs, beroemdheden, rijke aristocraten of gewoon voor iemand die zichzelf op de proef wilde stellen, het maakte niet uit.
‘ Het simpelweg bereiken van Monaco was al een prestatie op zich – een bewijs van uithoudingsvermogen en vastberadenheid ‘
De eerste Rallye Monte Carlo had plaats in 1911 op initiatief van Albert I, Prins van Monaco, met als doel om het staatje als winterbestemming te promoten. Vanaf het begin onderscheidde de rally zich door een bijzondere opzet: teams vertrokken vanuit diverse steden in Europa om koers te zetten naar de hoofdstad van Monaco. De winnaar werd bepaald op basis van regelmaat, betrouwbaarheid en het aantal afgelegde kilometers. Elke startplaats leverde een andere score op, waardoor sommige teams kozen voor zeer verre vertrekpunten in Estland, Noorwegen, Griekenland of zelfs Schotland. Eenmaal aangekomen in Monte Carlo wachtten de deelnemers extra uitdagingen, zoals speciale proeven en andere tests. Het simpelweg bereiken van Monaco was al een prestatie op zich – een bewijs van uithoudingsvermogen en vastberadenheid. In 1973 werd de rally onderdeel van het Wereldkampioenschap Rally en is hij geëvolueerd naar het format dat we nu kennen.
Op 17 januari 1939 startte de achttiende en tevens laatste vooroorlogse Rallye Monte Carlo. In totaal vertrokken 128 teams richting Côte d’Azur vanuit verschillende delen van Europa, waaronder vijf uit Polen. Vanuit Tallinn, wat een rally-afstand van 3.793 kilometer met zich meebracht, vertrokken E. Bellen en S. Pronaszko in een Ford V8, S. Zagórna en Lange in een Chevrolet Master Sedan, L. Borowik en M. Wierzba in een Lancia Aprilia, en T. Marek en W. Pajewski in een Opel Olympia (122). Vanuit Athene vertrok een ander Pools team: A. Mazurek en graaf J. Lubieński in een Chevrolet Master Sedan.

Tadeusz Marek en Witold Pajewski finishten als vijfde in de klasse tot 1,5 liter en als 32ste algemeen. Marek was een ervaren rallyrijder en een uitmuntend ingenieur, verbonden aan de Staatsmachinefabrieken en de fabrieken van Lilpop, Rau & Loewenstein. Na de oorlog vestigde hij zich in het Verenigd Koninkrijk, waar hij motoren heeft ontworpen voor Aston Martin. Zo leverde hij bijdragen aan de zescilinder van de Aston Martin DB5 en ook aan de V8 die later in de Vantage zou worden gebruikt.

Sławomir Poros pakt het verhaal van de deelname aan de Monte van dit jaar hier op: “Het verhaal van Marek inspireerde ons om Marian Stoch uit te nodigen als rijder, hij is lid van de Aston Martin Owners Club en een ervaren coureur die met pre-war Aston Martins heeft deelgenomen aan de Mille Miglia, Le Mans Classic en de Goodwood Members’ Meeting.
Navigator Witold Pajewski, was medeoprichter en jarenlang voorzitter van de Silezische Automobielclub. Voor de oorlog nam hij deel aan tal van nationale en internationale rally’s en races. Na de Tweede Wereldoorlog is hij actief gebleven in de autowereld en diende hij jarenlang in het bestuur van de Poolse Motorbond in Katowice. Voor zijn verdiensten is hij tweemaal onderscheiden met het Zilveren Kruis van Verdienste.

Ons project ‘Monte Carlo Tribute 1939’ draaide vooral om het levend houden van de herinnering aan de prestatie van Marek en Pajewski. Daarvoor moesten we ons inlezen over hoe het er toen aan toe was gegaan en we moesten de juiste auto nabouwen. Onze Opel Olympia, bijna identiek aan die van bemanning van nummer 122 in 1939, vonden we in Zweden. Hij was in januari 1939 geassembleerd bij General Motors Nordiska AB. De eerste eigenaar was Frans Hilding Nyman, voorman bij de Skanska cementfabriek, die de auto nieuw had gekocht bij een lokale dealer in Visby.
De Opel heeft bijna zijn hele leven op het eiland Gotland doorgebracht. De volgende eigenaar was Lennart Nyman, de kleinzoon van Frans Hilding, die wij hebben getraceerd en ontmoet. Lennart is nu 83, woont nog steeds in Visby en herinnert zich de auto van zijn grootvader nog goed, omdat hij er als 23-jarige het eiland mee rondreed. Daarna is de Opel nog twee keer van eigenaar gewisseld. We hebben ook hen ontmoet en Hans, de laatste eigenaar, is speciaal uit Zweden naar Estland gekomen om de start van onze expeditie mee te maken.
Elke rally, race of expeditie begint in de werkplaats met de voorbereiding, en bij ons was dat niet anders. De Opel werd niet op traditionele wijze gerestaureerd, want elk gebrek is deel van zijn geschiedenis. Uiteraard zijn alle onderdelen gecontroleerd en voorbereid op de zware tocht door Europa. Geen van de hoofdcomponenten is vervangen door een modern equivalent. We hebben ervoor gezorgd dat de Olympia technisch overeenkwam met die van Marek en Pajewski. Van de geveerde stoelen, de niet-gesynchroniseerde versnellingsbak, het 6-Volt elektrische systeem tot en met de ophanging, alles moest werken zoals het origineel was, alsof de auto net de fabriek had verlaten.

Dit was bedoeld als een echte test voor bijna 90 jaar oude techniek en materialen. Het voorbereiden van de Olympia heeft ongeveer tweeënhalve maand geduurd, een enorme klus, uitgevoerd door Sławomir Poros senior, een van de drie rijders en onze hoofdmonteur. Zijn technische kennis, grote rijervaring en doorzettingsvermogen bleken van onschatbare waarde, niet alleen tijdens de voorbereiding, maar vooral tijdens de expeditie zelf.
We hadden ons zorgvuldig op de reis voorbereid, zowel technisch als historisch. De vertrekdatum en de route hebben we zo gekozen dat hij zo goed mogelijk aansluit bij de gebeurtenissen van 1939. We hebben zelfs de oorspronkelijke indeling van de etappes aangehouden, met een gemiddelde dagafstand van zo’n 350 kilometer. De uitdagende planning en logistiek zijn verzorgd door Rafał Pilch, Szymon Wolny en Maciej Jasiński. De natuur zelf, die zich ongevraagd bij ons team voegde, regelde dat we op elk traject te maken kregen met vrijwel dezelfde weersomstandigheden als de rallyrijders in 1939.

We zijn gestart op 27 januari 2026 voor de Estse Nationale Opera in Tallinn, net als 87 jaar geleden. Na te zijn uitgezwaaid door de directie van de opera zijn we op pad gegaan. De Baltische landen bleken zowel gastvrij als veeleisend. In Estland, Litouwen en Letland kregen we onderweg veel positieve aandacht en ook ondersteuning van de lokale bevolking. Vanaf Tallinn – via Riga, Bauska, Kaunas en Marijampolė tot aan de Poolse grens – kregen we te maken met zware omstandigheden. De wegen waren bedekt met een dikke ijslaag. Sneeuwstormen hielden geen moment op en de temperatuur daalde tot bijna min twintig graden Celsius en harde wind deed de ruiten constant bevriezen.
‘ Je vraagt je af of de Opel het zal redden als hij slipt, of dat de ophanging het houdt, of dat je het ontstekingssysteem in een sneeuwbank zult kunnen fiksen en het blijft verbazen dat de ramen zo snel dichtvriezen. ‘
Historische bronnen bevestigen dat de teams die in 1939 vanuit Tallinn naar Monte Carlo reden met precies deze omstandigheden te maken hadden. Langs de volledig besneeuwde Via Baltica bij strenge vorst de carburateur repareren, was een bijzondere ervaring die ons avontuur nog authentieker maakte. Het enig echte comfort onderweg kwam van warme, hartelijke ontmoetingen. In Riga bezochten we het fantastische Rīgas Motormuzejs, een automuseum dat absoluut de moeite waard is. We kregen een privérondleiding en ondanks de sneeuw hadden zich diverse rallyauto’s voor het gebouw verzameld om ons uitgeleide te doen tot aan de stadsgrens.

Het hele Baltische traject was door het slechte weer behoorlijk stressvol. Als je lange rijen vrachtwagens aan de kant van de weg ziet staan, die niet eens een paar meter ver komen door de sneeuw, weet je dat het menens is. Je vraagt je af of de Opel het zal redden als hij slipt, of dat de ophanging het houdt, of dat je het ontstekingssysteem in een sneeuwbank zult kunnen fiksen en het blijft verbazen dat de ramen zo snel dichtvriezen. Maar na elke storm, zelfs een sneeuwstorm, schijnt uiteindelijk weer de zon. De eerste zonnestralen, die beter weer aankondigden, bereikten ons in Polen en bleven bij ons tot aan Monte Carlo.

In Polen rijden was fantastisch. In Warschau genoten we van de gastvrijheid van de Classic Parts Staniszewski werkplaats, waar we de auto inspecteerden na zo’n 1.000 afgelegde kilometers. Tot onze grote opluchting vertoonde de Opel geen lekkages en gaf hij ons geen enkele reden tot zorg. We wasten gewoon de ramen en gingen verder richting ons geliefde Łódź voor een bezoek aan de Car House Detailing Studio, die onze vereniging vanaf het begin heeft gesteund. Vriend Krzysztof Stasiak zorgde voor hete koffie met iets lekkers. We namen afscheid van Polen tijdens een gastvrije lunch bij NOVOL, de strategische partner van onze expeditie. Die steun betekende veel voor ons.

‘ Nederland, België en Frankrijk beloonden ons voor het zware begin met prachtige uitzichten, uitstekende wegen en bijna voorjaarsachtig weer ‘
We verlieten Polen met tegenzin, met een lange weg voor ons. In Berlijn bezochten we het Olympisch Stadion dat in 1936 was gebouwd voor de Olympische Zomerspelen. Het was dit evenement dat onze Opel zijn naam gaf – Olympia. De volgende etappes van de reis waren puur genieten. Nederland, België en Frankrijk beloonden ons voor het zware begin met prachtige uitzichten, uitstekende wegen en bijna voorjaarsachtig weer. In Frankrijk, op de laatste 300 kilometer naar Nice, kregen we nog een beproeving door zware regen die de wegen in stromende rivieren veranderde. Het rijden leek meer op zwemmen met een beslagen duikbril. De kleine mechanische ruitenwissers van de Opel, aangedreven door een stalen kabel vanaf de motor, deden hun uiterste best tegen de muur van water, terwijl de Stella Bianca Pirelli’s zoveel mogelijk water onder de wielen weg probeerden te drukken.






Sławomir Poros junior, op dit traject begeleid door zijn vader, bracht de auto veilig naar Nice, ook al probeerde een lekkende voorruit het interieur te laten overstromen. Opnieuw bleek dat onze volgauto met extra waarschuwingslichten ons een dienst bewees. Damian Górniak, voorzitter van de Łódź Automobielclub en verantwoordelijk voor de veiligheid tijdens de expeditie, zorgde ervoor dat team en medeweggebruikers niet in gevaar kwamen.


Zowel in de barre winterse omstandigheden van de Baltische landen als op de zonnige wegen van Frankrijk presteerde de Olympia uitstekend en bewees hij een geweldige auto te zijn. Met een gemiddelde snelheid van 85 km/h was het rijden een waar genoegen. In de prachtige omgeving deed de lange, soepele vierde versnelling je bijna vergeten dat de bak niet gesynchroniseerd was. De wegen rond Grenoble en het bergachtige gebied bij Monaco waren een uitdaging voor het kleine motorblok met zijn 37 pk, maar de Opel heeft zich er moedig doorheen geslagen.

Tien dagen, 3.800 kilometer, negen landen, één vooroorlogse Opel, één doel en één team. Op 6 februari 2026, verwelkomd door leden van de Automobile Club de Monaco, reden we over het podium van de 28e Rallye Monte-Carlo Historique waar we welwillend als buitenbeentje werden toegelaten.

Na 87 jaar was de cirkel rond en heeft een Opel Olympia opnieuw zijn klasse bewezen. Onze Monte Carlo Tribute 1939 is niet alleen een groot avontuur geweest, maar het was ook een uitgelezen kans om in verschillende delen van Europa over Polen te vertellen. Met onze prestatie wilden we mensen herinneren aan de moedige Poolse coureurs en vooral aan de fascinerende geschiedenis van de Tweede Poolse Republiek. Onze oprechte dank aan onze partners, zonder wie deze expeditie onmogelijk was geweest!”
TEKST & FOTO’S Sławomir Poros
Nawoord (Frank Goedhart):
Het verhaal van project MCT39 herinnerde me aan het antieke boek ‘Het grote Rallye-avontuur’ over een Nederlandse equipe die in de Rallye Monte Carlo van 1936, in een Fiat Topolino, hetzelfde traject aflegde van Tallinn naar Monaco. Auteur Anthony van Kampen draagt het boek op aan Kees Kruit, ‘den Rallye-rijder’. Nadat Slav aan mij foto’s van de illustraties in het boek had gevraagd is hij na afloop van het avontuur zelf op zoek gegaan naar een eigen eigen exemplaar van dit Nederlandse boek. Met succes.

