Er zijn momenten dat Jeroen van Ieperen roept dat al zijn Renaults de deur uit moeten. Meestal volgt vrij snel daarna een moment van bezinning en beseft hij dat het bezit van zijn collectie toch niet het einde is van het vermaak.
Tekst: Frank Goedhart



Inventariseren van de verzameling begint bij zijn allereerste auto, een handgeschakelde Renault 5 TX uit 1984 die hij sinds 1998 heeft. Daarnaast is er een Renault 5 L uit 1974, een blauwe eerste serie Renault Twingo Air uit 1993, een tweede serie Twingo Initiale en een Nissan Primastar, welke eigenlijk een Renault Trafic is. Zijn recentste aanwinst is een blauwe Renault 5 GT Turbo uit 1985. Via zijn aandeel in de stichting De Witte Olifant heeft hij ook nog een belang in een Supercinq Bye Bye en andere Renaults in die verzameling.

Jaren geleden kwamen we via Jeroen in contact met zijn broer Robert. Al snel werd duidelijk dat de gehele familie Van Ieperen besmet is met het Renault virus. Vader Hans, inmiddels overleden, bezat ooit maar liefst 22 Renaults. Opmerkelijk, want zijn autoleven is begonnen met Volvo’s. Nadat een Volvo PV544, beter bekend als ‘Katterug’, voortijdig aan zijn einde kwam door een ongeval, stapte hij over op het Franse merk. Renault zou hem vervolgens nooit meer loslaten.
Robert speelde eerder een rol bij de eerste edities van de Octane Scramble door het Eemklooster in Amersfoort belangeloos beschikbaar te stellen als evenementenlocatie. Daarna volgden artikelen over zijn voorliefde voor de innovatieve BMW i3, zijn gerestaureerde Renault 5 Alpine Turbo en de bijzondere collectie Renaults van Stichting De Witte Olifant. Die heeft als doel het rijdende erfgoed van Renault te behouden en zichtbaar te houden. Een mooi voorbeeld daarvan was de Renault 16 TX die eerder in Octane Magazine werd uitgelicht.

Jeroen vertelt: “Mijn vader was een enthousiast verzamelaar van Renaults en zodra er iets mankeerde aan een van zijn auto’s kocht hij een volgende zonder de oude te verkopen. Kort voor zijn overlijden ontdekten wij zelfs nog een Renault Celtaquatre uit 1934 waarvan we het bestaan niet kenden. Het was zijn wens om in zijn Renault 25 Baccara naar zijn laatste rustplaats gereden te worden, maar helaas bleek dat in de praktijk niet haalbaar. Hij was lid van vrijwel elke Renault-club en bezocht zoveel mogelijk evenementen. Mijn moeder rijdt nog steeds Renault, tegenwoordig een moderne Clio. Ze heeft ooit een prachtige Supercinq Baccara gehad. Dat is een auto die ik nog wel zou willen hebben, ware het niet dat ik mezelf heb voorgenomen geen auto’s meer toe te voegen. De auto’s van mijn vader zijn allemaal verkocht, op een originele Renault 4L uit 1964 en de genoemde Celtaquatre na.”



Voor het huis in Breda staat de zilvergrijze Renault 5 TX waar het allemaal mee begon; al sinds de zomer van 1998 in bezit. Oorspronkelijk is hij aangeschaft door Robert, die echter in Jeroen een betrouwbare conservator zag. Voor de zekerheid werd zelfs een recht van terugkoop afgesproken. De TX is oorspronkelijk geleverd in Italië, getuige de dealersticker van Autotreviglio (Concessionaria Renault) uit Lombardije. De karakteristieke lichtmetalen Amil B13 wielen behoren specifiek bij deze uitvoering. Ook de stoelen, met geïntegreerde hoofd- en lendesteunen, benadrukken het luxere karakter van de TX.
Dat de Renault niet uitsluitend voor de sier wordt bewaard, blijkt uit de rallystickers op de carrosserie. Een sticker ter gelegenheid van het 50-jarig bestaan van de Renault 5, herinnert aan de viering van dat jubileum bij het Eemklooster in 2022.
‘Het is een belangrijke auto, want we zijn erin getrouwd en hebben er goede herinneringen aan.’
“De dag nadat ik hem kreeg, ben ik samen met mijn moeder naar Zwitserland gereden,” vertelt Jeroen. “En onlangs zijn we met drie volwassenen, een hond, volle bagage en een dakkoffer in onze Twingo 2 naar Oberbozen in Italië gereden. Via Lauterbrunnen in Zwitserland en Chantelle in Frankrijk zijn we terug naar huis gegaan. Zo’n 3.000 kilometer in totaal. Op de Brennerpas moesten we een flink stuk in de tweede versnelling afleggen, maar juist dat maakt zo’n reis onvergetelijk. Dat is iets dat wij in de familie graag doen, grote reizen maken met onze klassiekers.”


In een andere garage staat de witte Renault 5 L in een staat die duidelijk maakt dat een restauratieproject halverwege is stilgevallen: “Het is een belangrijke auto, want we zijn erin getrouwd en hebben er goede herinneringen aan. Mijn broer ontdekte hem tijden een vakantie in Italië, waar hij onder het stof stond bij een dealer van Fiat. We kochten hem onder de voorwaarde dat de dealer er nieuwe banden op zou zetten en ons kon verzekeren dat hij daadwerkelijk terug te rijden zou zijn. Na zijn advies om wel het rempedaal altijd twee keer in te trappen werden we wat voorzichter, maar uiteindelijk hebben we hem gekocht en bij een dealer in het Franse Orange nog even laten repareren, zodat we met goede remmen richting huis konden rijden.” De Renault bleek later een publiekslieveling tijdens de ZZF-Jan Lammers Rally, tussen alle exclusieve en kostbare auto’s was het misschien wel de meest gefotografeerde auto van het veld.



Hoewel de passie onverminderd groot is, ziet Jeroen ook de schaduwzijde van het verzamelen: “Het wordt steeds moeilijker om alles goed rijdend te houden. Ik vind het jammer dat ik technisch niet voldoende onderlegd ben om meer zelf te kunnen doen. Mijn blauwe Renault 5 GT Turbo heb ik gekocht bij een specialist in Frankrijk. Het is een prachtig exemplaar in Alpine Bleu, maar ook deze 41-jarige Renault heeft inmiddels een flinke lijst met aandachtspunten. Dan ben je afhankelijk van specialisten en hun agenda’s.”
Ook de restauratie van de witte Renault 5 L verliep niet zoals gehoopt. “De bedoeling was een technische restauratie door een liefhebber. Uiteindelijk bracht ik een goed rijdende auto weg en kreeg ik een bouwpakket terug op een trailer. Dat zijn momenten waarop de hobby je geduld behoorlijk op de proef stelt.”



Bij dealer Van Mossel in Breda laat Jeroen een van de bijzondere auto’s uit de collectie van Stichting De Witte Olifant zien: een vroege Twingo 1 met slechts 31.000 kilometer op de teller. Hij vertelt: “Dit soort auto’s zijn inmiddels onvervangbaar want Renault heeft destijds iets bijzonders gedaan. De binnenruimte is indrukwekkend; achterin heb je bijna evenveel beenruimte als in een Laguna uit dezelfde periode.” Voor een speciale presentatie is de auto tijdelijk uitgeleend aan de dealer, waar hij naast de moderne elektrische Twingo E-Tech is geplaatst. “We hebben eerder ook al eens de Renault 5 naast de nieuwe 5 E-tech gezet in een showroom omdat wij het mooi vinden om te zien hoe oud en nieuw elkaar dan ontmoeten.”
Ondanks zijn voornemen geen auto’s meer toe te voegen aan de collectie, zwichtte hij uiteindelijk toch voor de Renault 5 GT Turbo. “Be careful what you wish for,” lacht hij. “Zo’n droomauto kan zomaar werkelijkheid worden. Maar nu is het echt genoeg. Uiteindelijk moet je alles ook onderhouden.”
Maar wat als er opeens een mooie Renault 5 Baccara in beeld komt?
